Posts tonen met het label it. Alle posts tonen
Posts tonen met het label it. Alle posts tonen

maandag 7 oktober 2019

Het instituut van Stephen King


Titel: Het Instituut
Auteur: Stephen King
Publicatie: september 2019
Uitgeverij: Boekerij
Recensie door Martijn


Korte inhoud:
Midden in de nacht, in een huis in een rustige straat in een buitenwijk van Minneapolis, worden de ouders van Luke Ellis stilletjes vermoord. Luke zelf wordt in een zwarte SUV geladen en weggereden. Dit alles duurt minder dan twee minuten. Luke wordt wakker in Het Instituut, in een kamer die precies op zijn slaapkamer lijkt, alleen zonder raam. Aan de andere kant van de deur zijn meer deuren, met daarachter meer kinderen, die daar allemaal op dezelfde manier zijn beland als Luke. Kalisha, Nick, George, Iris en de tienjarige Avery Dixon hebben allen speciale krachten, zoals telekinese of telepathie. Zij zitten in Het Voorgebouw. Ooit waren er nog meer kinderen, maar die zijn naar Het Achtergebouw verhuisd. ‘Deze plek is een muizenval,’ zegt Kalisha. ‘Je kunt erin, maar je komt er nooit meer uit.’
Het personeel van deze sinistere faciliteit, dat onder leiding staat van de genadeloze mevrouw Sigsby, wil de bovennatuurlijke gaven van de kinderen inzetten voor zijn eigen doeleinden. En deinst nergens voor terug om dat te bereiken. Als je meewerkt, krijg je muntjes voor de automaten. Zo niet, dan wacht een wrede straf. Hoe meer kinderen er naar Het Achtergebouw worden gestuurd, hoe wanhopiger Luke wordt om te ontkomen en hulp te zoeken. Maar er is nog nooit iemand uit Het Instituut ontsnapt…

Mijn recensie:
“Het nieuwe meesterwerk van de meest invloedrijke schrijver ter wereld”. Dat werd er bij voorbaat gezegd over de nieuwe King. Zoals iedereen intussen wel weet, is King een van de meest productieve en invloedrijke auteurs ter wereld, met een backlist van ettelijke tientallen boeken.

Een aantal van deze boeken kan je niet echt als “classic” bestempelen. Ze zijn eerder vluchtiger, prettige tussendoortjes om te lezen en je even te laten wegglijden in de bijzondere werelden die King creëert. Daarnaast zijn er ook de bekendere boeken – veelal (slecht) – verfilmd, maar vaak erg herkenbaar door hun psychologie die altijd wel ergens je ziel toetst. In die boeken zijn ook een aantal regelrechte horrorboeken terug te vinden die onder je huid kruipen en je niet meer loslaten.

De echte “classics” is een lijst van boeken waarvan de meeste lezers – en dikwijls ook niet-lezers – wel van gehoord hebben omdat ze 1) nog steeds razend populair zijn en/of 2) degelijker verfilmd zijn. Een van de laatste in die reeks is bijvoorbeeld “IT”, uiteraard gekenmerkt door zijn creepy clown.
Het instituut is het type van boek dat meer richting “classic” gaat dan middenmoot. De tand des tijds zal moeten uitmaken of dit echt zo zal worden en of mensen hem zich binnen tien jaar nog zullen herinneren, maar op dit moment is het een echte must-read.

Net als in vele andere van zijn boeken maakt King gretig gebruik van kinderen en hun typische angsten. Voeg daar nog enkele bijzondere gaven bij en je weet dat je een mooie mix krijgt van zowel het verbroken kinderlijke onschuld door ontvoering, moord en doodslag, gecombineerd met die gaven. (Eén van dé klassiekers op dat gebied is overigens Firestarter, intussen maar liefst 39 (!) jaar oud).

Het Instituut kenmerkt zich door zijn klasse die je merkt aan alle elementen. De uitgewerkte karakters, de sterke verhaallijn en bovenal, de spanning die onderhuids voelbaar is vanaf het prille begin tot het sterke einde. Als je nog nooit een King hebt gelezen, is dit een perfect toegankelijk boek, wat niet van alle Kings gezegd kan worden. En voor de échte fans is dit alweer een zeer bijzondere toevoeging aan hun collectie.

Het mag gezegd zijn: Stephen King, zelfs op de leeftijd van intussen 72 jaar, is nog steeds een onklopbare auteur als het aankomt op het paranormale thrillergenre. Deze man is een held voor veel schrijvers, maar ook voor zijn trouwe lezers. Met Het Instituut heeft hij er opnieuw een topper bij die je moet lezen.

zondag 21 oktober 2018

De man die zijn boeken pent (letterlijk)

C: Koen Broos
Interview met Kevin Valgaeren, door Sandra J. Paul

Kevin Valgaeren is een auteur waar je ongetwijfeld al van gehoord hebt. Hij is een getalenteerd man, die sinds 2011 tot nu vier zogenaamde Gothic Novels publiceerde. Zijn laatste, Blackwell, werd genomineerd voor de Hercules Poirotprijs, die op 28 oktober wordt uitgereikt op de Boekenbeurs.
Pittig detail: overdag werk Kevin in een boekhandel!
Bij deze een verslag van een bijna twee uur durend Skypegesprek, waarin we het hadden over allerlei fijne details en zo zelfs ontdekten dat we behoorlijk wat gemeen hadden.

Kevin, kan je jezelf even voorstellen aan de lezers in drie woorden?

Boeken, introvert, humor.

De humor is vaak politiek incorrect, sarcastisch of cynisch, maar even vaak gewoon heerlijk onnozel. Ik ben een grote fan van de betere platvloerse mop.

Kan je hetzelfde doen over je boeken?

Thrillers, donker, historisch

Zoals we allemaal wel weten, zijn het zeldzamen die kunnen leven van de pen. Ik vermoed dat dit bij jou niet anders zal zijn? Wat doe je zoal naast schrijven?

Wel, ik werk bij een drukke boekhandel in Leuven.
Daarnaast lees ik veel boeken en beluister ik jazzmuziek (tijdens het lezen). Ik ‘verspeel’ (letterlijk dan) veel tijd op de PlayStation. Ik verzamel vulpennen (waar ik ook mee schrijf), ben gek op typografie, lettertypes dus. Bij de opmaak van het binnenwerk van mijn boeken, heb ik veel zeggenschap over de fontkeuze. Ook bij de Blackwell-cover, had ik veel in de pap te brokken. De foto heb ik zelf uitgekozen.

Waarom heb je gekozen voor de Gothic Novel? Dit is een zeer uitzonderlijk genre in ons land, dus ik kan me voorstellen dat het niet evident was om je eerste boek uit te geven?

Wel, mijn interesse rond dit tijdperk begon reeds in mijn tienerjaren. Toen ik twaalf jaar was, had ik een leesachterstand; lezen interesseerde me ook niet echt. Tot mijn grootmoeder me een boekje schonk van De Vijf, waarin gotische elementen verwerkt zaten. Ik groeide op in de jaren negentig, toen gotische films ook erg in waren. Na het zien van de film Dracula, met Gary Oldman, ben ik me beginnen te verdiepen in de geschiedenis van Engeland.
Vanaf het moment dat ik begon te schrijven, gebeurde de keuze om in dat genre te werken dan ook organisch.

Hoelang heb je gewerkt aan De Ziener, je allereerste boek?

Ik ben een man van de details. Al bij al ben ik zo’n vijftal jaar bezig ben geweest met dit boek. Ik begon eraan toen ik 25 jaar was en het was klaar op mijn 29ste. De eerste versie heette eigenlijk ‘De Gewaarwording’. Het boek werd door allerlei uitgeverijen geweigerd – terecht overigens – en daarna herschreven tot De Ziener. Eigenlijk was De Ziener een uit de hand gelopen proloog van Bloedlijn, mijn tweede boek. Maar die proloog ontaardde in een verhaal van dik 450 pagina’s, dus tja. Toen dit manuscript klaar was, heb ik terug de ronde der uitgevers gedaan en ben zo bij Kramat terechtgekomen, die mijn eerste twee boeken uitbrachten.

Waarom zat er uiteindelijk vier jaar tussen Bloedlijn, je tweede boek en Seance, je derde?

Ik ben altijd blijven schrijven, maar in die periode ging ik op zoek naar een andere uitgeverij en dat vergde wat tijd. In die periode was ik bezig aan Seance, en toen dat boek uiteindelijk verscheen bij Lannoo, lag het eigenlijk al twee jaar klaar. Voor mij leek die periode dan ook niet zolang als het in werkelijkheid was. Stoppen met schrijven deed ik nooit. De lezers zijn gelukkig trouw mee gevolgd naar mijn nieuwe uitgever, wat me veel deugd doet.
Tegen de tijd dat Seance uitkwam, was ik al aan Blackwell bezig.

Wat voor een kick gaf het je om je allereerste boek in handen te houden?

Dat herinner ik me nog zeer goed. De eerste keer dat ik De Ziener zag, was bij de geplande boekvoorstelling. De uitgeefster had het allereerste exemplaar bij en gaf me dat enige tijd voor de voorstelling begon. Ik trok me meteen terug op het toilet en heb er een kwartier naar staan kijken, compleet overdonderd. Dat moment vergeet ik nooit meer.
Bij de andere boeken had ik datzelfde gevoel, maar wat ik meemaakte met De Ziener, is niet meer te evenaren uiteraard. Je eerste boek is zeer bijzonder.

Welke van jouw boeken draagt jouw persoonlijke voorkeur?

Blackwell is voor mij overduidelijk het beste van wat ik al gedaan heb. Veel mensen merken dat ik zelf ook sterk evolueer als schrijver, omdat de lat ook altijd hoger moet liggen, zowel voor mij als naar mijn publiek toe. Naast het feit dat dit boek naar mijn mening het beste is, is het ook mijn persoonlijke favoriet.

Als je vandaag naar een onbewoond eiland vertrekt en je mag slechts één boek meenemen, welk zou je dan meenemen?

Goh, ik twijfel sterk tussen David Copperfield (Dickens) of IT (King), dus één boek kan ik echt niet kiezen. Anne Rice's The Witching Hour vervolledigt mijn top drie. Gezien ik deze boeken wellicht meermaals zou moeten lezen op dat eiland, kies ik ook liefst voor heel dikke boeken om me zo langer bezig te houden.

Als je de kans krijgt om naar een luxeresort op een eiland te mogen vertrekken voor de komende drie maanden, betaald weliswaar, zou je daar dan je volgende boek schrijven, of zou je luilekkeren?

Lekker niets doen hou ik exact één week vol. Als ik een week niet geschreven heb door drukte of wat dan ook, zoals de kerstperiode, word ik lastig en begin ik te zeuren. Je zou me dus geen plezier doen met drie maanden luilekkeren.

Zal je volgende boek ook een Gothic Novel zijn en ben je er al aan bezig?

Jawel. De eerste versie van het volgende boek is drie kwart klaar. Werken aan die eerste versie duurt ook het langst. Ik hoop die in het voorjaar van 2019 klaar te hebben. Ik schrijf al mijn boeken met de hand (vandaar ook mijn liefde voor vulpennen), vooraleer ik ze in de computer steek. De bedoeling is dat het uitkomt in het voorjaar van 2020.

Je schrijft al je boeken met de hand? Dat is ongelofelijk.

Ja. Ik ben naast een trage lezer ook een trage schrijver. Het ritme van met de hand schrijven, komt overeen met mijn manier van schrijven en denken. Het past bij me.

Weg van de Victoriaanse tijd, indien je een hele nieuwe reeks boeken zou schrijven, over welke historische setting zou je dan graag nog willen schrijven?

Hedendaags, niet historisch. Soms voel ik mij beknot door de metaforen, de details en de associaties die gepaard gaan met het tijdperk waarin mijn boeken zich afspelen. Ik heb wel wat ideeën en zou het ook geweldig vinden om eens een hedendaags verhaal neer te pennen.

Hoeveel uur per week ben je bezig met je stiel?

Ik probeer 2 uur per dag te schrijven (1000 woorden) met mijn vulpen.
In al de randactiviteiten, zoals sociale media, marketing, evenementen, signeersessies, enz., steek ik ook behoorlijk wat tijd, maar dat lukt me nog wel. Meestal blijven de signeersessies beperkt, waardoor het haalbaar blijft allemaal. Het liefst van al wil ik gewoon schrijven, daar is het me om te doen.

Droom je ook wel eens luidop in je boekhandel over je verhalen?

Toch niet. Wanneer ik werk, kan ik mijn boeken goed loslaten. Het is vaak zo druk in de winkel dat ik nauwelijks tijd heb om zelfs maar na te denken. Daarnaast promoot ik nooit mijn eigen boeken bij de klanten. Mijn baan als boekhandelaar en schrijver houd ik netjes gescheiden van elkaar, zoals het hoort.

Klassieke vraag: Zou je ooit willen stoppen met werken om je volledig te focussen op de pen?

Ja. Het leukste aan schrijven is het schrijven zelf, dus ik zou me zeker niet eenzaam voelen als ik minder in contact kom met mensen. Weet je, als tiener ontdekte ik dat iets creatiefs in me had. Ik heb dit schrijven nodig als een uitlaatklep.
Ik heb vroeger verschillende zaken geprobeerd: theater, de lokale radio, regisseren … allemaal creatieve dingen die wel bij me passen, maar uiteindelijk vond ik het schrijven het interessantst omdat ik dit volledig alleen kon doen. Ik haal mijn energie uit het intens bezig zijn met iets, maar daarom niet met mensen of in groepsverband. Ik ben heel graag alleen, wat mijn vrouw ook prima vindt overigens.
Soms is dat wel moeilijk. Ik ben een avondmens, zij een ochtendmens.  Soms slaapt zij al als ik nog volop aan het schrijven ben. Wij zijn als worteltjes en erwtjes als het ware; we doen elk van ons ook andere dingen. Zij volgt cursussen voor haar plezier en doet veel zonder mij.

Stel dat jij de Hercule Poirotprijs niet wint, wie mag het dan wel zijn?

Ik heb geen enkel van de vier andere boeken gelezen, moet ik eerlijk bekennen, maar als iemand het verdient, vind ik wel Jos Pierreux, die voor de 4de maal genomineerd werd dit jaar.
Wat mij betreft: Ik wil natuurlijk dat mijn boeken door zoveel mogelijk mensen gelezen worden, en zo’n prijs helpt daarbij. Die zorgt ervoor dat het boek meer aandacht krijgt, en als je wint brengt die een heleboel nieuwe potentiële lezers mee zich mee. Dat is wel heel belangrijk. En ik beken eerlijk: die gelimiteerde Mont Blanc-pen spreekt me erg aan. 😉 Dat soort van pennen zit ver boven mijn budget.

Ik stel voor dat je bij Lannoo toch eens een ballonnetje oplaat rond die pen, Kevin. Wie is jouw grote schrijversidool?

Stephen King, nog altijd. Ik lees nog elk boek van hem, gewoon omdat hij zo goed is en blijft. De belangrijkste les van King die ik geleerd heb, is dat personages belangrijker zijn dan de plot, iets wat ik zelf ook wil verwezenlijken. De man schrijft soms tweehonderd pagina’s waarin niets gebeurd, maar toch hang je aan zijn lippen omdat hij zo’n goede verteller is. Nog steeds schrijft hij minimaal twee boeken per jaar.
Ann Rice, de auteur van o.a. Interview with the vampire is ook een rolmodel. Zij heeft mij geïnspireerd om aan De Ziener te beginnen. Ze is wat afgezwakt en heeft haar dieptepunten gekend maar ze is nog steeds een geweldig auteur.

Dus, als je een auteur zou kunnen interviewen?

Stephen King of Anne Rice, maar misschien toch liefst Anne Rice omdat zij zo’n bijzondere persoonlijkheid is en wij van King al veel afweten.

Kevin, als afsluiter ga ik nog een kleine quiz met je doen, gebaseerd op weetjes en dingen uit je persoonlijke leven of zaken die jou ongetwijfeld interesseren.

In welke jaar kwam het boek Dracula uit?

(Zonder enige aarzeling!): 1897

Hoeveel exemplaren liggen er van Blackwell in jouw winkel in Leuven, en waar?

Eén in elke etalage (we hebben er twee) – hoewel ze hem daar misschien wel kotsbeu zijn intussen!

Hoeveel treden heeft het trapje van de winkel waarop jouw boek gedisplayd staat?

Vier, en het trapje staat schuin over mijn werkplek. 

(Nota: speciaal voor deze vragen heb ik deze ochtend de winkel gebeld!)

Wie was volgens jou Jack The Ripper?

Ik moet eerlijk bekennen dat ik niet zoveel ken van The Ripper. Ik vind hem nog steeds erg intrigerend als zaak, maar heb zelf geen theorieën. De auteur Judith Flanders suggereert overigens dat de reden waarom The Ripper nog steeds tot de verbeelding spreekt, is omdat moorden in die tijd haast nooit gebeurden. Vandaag worden er veel meer moorden gepleegd.

Sherlock Holmes of Doctor Watson?

Leuke en goeie vraag! Na veel overweging ga ik dan toch maar voor Holmes, hoewel Watson ook wel een belangrijke plek heeft in mijn hart. Ik heb mijn personages overigens gebaseerd op hetzelfde concept. Dawkins is mijn persona (Watson) en Blackwell is wie ik zou kunnen zijn (Holmes).

Dankjewel Kevin voor de zeer fijne babbel! We wensen je alvast ontzettend veel geluk met je nominatie.

Sandra J. Paul, in naam van Thrillerlezers

Alle info over Kevin en Blackwell vind je terug op www.kevinvalgaeren.be

vrijdag 6 oktober 2017

De favoriete boeken van Tamara Haagmans

Mijn állereerste gelezen woordje was er een in een Lecturama luistersprookje: ‘Majesteit.’
Ik was drie en half. Daarna ging het snel. ‘Oma! Geef me een echt boek! Deze ken ik al.’ Op mijn vierde mocht het dan eindelijk, om van het gezeur af te zijn gaf Oma me ‘Stijfkopje’ van Emmy von Roden. Ik ging tegen de verwarming zitten, en zes uur later gaf ik het terug. ‘Heb je nog een? Hij is uit.’ Niemand geloofde me. (Dit is een inleiding. Ik zweer je dat dit ergens heengaat. Stay with me)

Om mijn boekenhonger te stillen kreeg ik een biblotheek-abonnement maar omdat we maar een kleine bieb hadden en ik een grote leeshonger, had ik binnen een half jaar alle boeken op de kinder en jeugd afdeling meerdere keren gelezen. Ik smeekte mijn moeder om toestemming voor de ‘grote mensen’ afdeling. Het duurde even, en heeft heel wat overtuigingskracht gekost bij de biebmedewerkers maar uiteindelijk mocht het. En toen was het hek pas echt van de dam. Tien boeken per week, en af en toe was de stapel boeken hoger dan ik was en kreeg ik de rugzak met letters niet eens op mijn rug.
Mijn eerste volwassenen-boek was It van Stephen King. Volgens mijn moeder was ik zes. Ik was meteen verkocht. Daar, staand voor die kast waar ik niet eens bij de bovenste plank kwam, met een boek dat zo dik was dat ik het niet eens fatsoenlijk vast kon houden, werd mijn liefde voor Stephen King geboren, en die is altijd gebleven. Maar het duurde ook niet lang voor ik de meeste volwassen boeken gelezen had en de bouquetromannetjes ontdekte. Het was alleen zo jammer dat ik maar één uur over zo’n boekje deed. Ik heb honderden van die dingen verslonden. Van rommelmarkten, buren, of gewoon gejat van mijn moeder. Over mijn moeder gesproken…
Ze had op de logeerkamer een kast staan vol met Virginia Andrews boeken. Af en toe lag er eentje op haar nachtkastje en ik mocht ze niet lezen. Nu was ik echt heel braaf vroeger, dus het duurde een hele tijd voor ik -wanhopig op zoek naar iets te lezen- een van die boeken uit de kast durfde te pakken en hem stiekem begon te lezen. Laat ik het zo zeggen: Ik begreep wel meteen waarom mijn moeder liever niet wilde dat ik ze las. Inmiddels heeft mijn moeder de boeken weg gedaan (Ze staan allemaal in mijn kast en ik lees ze regelmatig terug, jaloers op hoe die vrouw kon schrijven…) maar vergeten doe ik die eerste keer nooit meer en ze is nog steeds een van mijn favoriete schrijfsters.

Ik ben nu 36 en ik heb duizenden boeken gelezen. Stephen King, Virginia Andrews. Robin Cook en Clive Barker, maar ook Nederlandse auteurs zoals Suzanne Vermeer, Lisette Jonkman, Astrid Harrewijn, Olga Hoekstra,en Lis Lucassen. Ik lees niet meer maar één genre per keer maar alles door elkaar.  Ik ben dol op James Patterson, maar ook Sophie Jackson en Colleen Hoover. Ik kan ontzettend enthousiast worden van een boek van Aspe, maar ook wegzwijmelen bij Abbi Glines of Maya Banks. Christina Lauren word ik blij van, maar ik huil de ogen uit mijn kop bij Jojo Moyes. Suzanne Peters laat me nadenken, terwijl Gaby Rasters me hardop aan het vloeken maakt en zo kan ik nog wel even doorgaan. Marijke f. Janssen, Aline van Wijnen en Thomas Olde Heuvelt. Petra Kruijt, Michael Berg, mijn lijst gaat maar door en ik denk niet dat er ooit een eind aan zou komen als je me mijn gang laat gaan.

Er zijn teveel auteurs (En boeken) op de wereld om je vast te leggen op maar één genre, en ik hou teveel van letters om iets uit te sluiten. Ik heb nog nooit een boek aan de kant gelegd dat ik  niet heb uitgelezen, en mijn smaak is net zo breed als ik zelf ben, kortom: Ik vind bijna alles leuk, Ik weet voor iedereen wel een geschikt boek als ze vertellen waar ze van houden en ik sta in mijn omgeving vrees ik ook wel bekend als een boekenwurm. En wat bén ik daar trots op!

Tamara

woensdag 13 september 2017

Weer een verfilming Stephen King

Stephen King's korte verhaal Suffer the Little Children wordt verfilmd.
Sean Carter, die eerder de film Keep Watching maakte, zal het script schrijven en de film gaan regisseren. Dit is te lezen op The Hollywood Reporter.

Suffer the little childeren is een van d eeerste verhalen die van de schrijver werden gepubliceerd. Het verhaal gaat over een bejaarde docent die langzaam tot de ontdekking komt dat haar studenten niet zijn wie zij dacht.
Momenteel draait een neiuwe versie van IT in de bioscoop.