Posts tonen met het label tamara Haagmans. Alle posts tonen
Posts tonen met het label tamara Haagmans. Alle posts tonen

maandag 24 oktober 2022

Hermes Thriller event in Ermelo

 

Zaterdag 8 oktober was het eindelijk weer eens tijd voor een boekenfeestje. De laatste kan ik mij niet meer heugen, behalve dat het voor Corona moet zijn geweest.

In de tussentijd is het favoriete uitje, de Antwerpse boekenbeurs, geheel verdwenen (knap hoe ze dat toch verkloot hebben).
Maar de baas van Ellessy heeft een nieuwe thrillerprijs in het leven geroepen: de Hermes award voor de beste thriller van 2022.
Dat ik bij de titels verbaasd ben over de genomineerden boeken, maar ook om de jaartallen dat ze uitgebracht zijn, zo komt Mijn waarheid van Sandra J Paul uit 2020.
Maar hé, elk boekenfeestje wordt gewaardeerd. Of beter gezegd: elk idee wordt gewaardeerd.

Nadat ik lang geleden mijn zwarte kousendorp uit gevlucht was, was het bijzonder om nu weer eens een kerk in te moeten lopen. Maar i.p.v. Maria zag ik opeens Marelle Boersma zitten met haar Jan. ‘Erg lang geleden’, riepen we allebei.

Ook even kletsen met Marie Jose Verweij die het boek Met onbedachte rade schreef en waarvan het weer zonde is dat het bij een kleine uitgeverij uitkwam met weinig promo, want heb erg genoten van haar boek. En deze middag ook van haar verschijning trouwens: knappe dame.

Er liepen vooral auteurs waar ik weinig tot geen boeken van gelezen heb, maar wie zag ik daar opeens in het wild? DE Nederlandse feelgood auteur van LS, mevrouw Tamara Haagmans.

Tamara Haagmans
Nu heb ik een hekel aan feelgood..oh excuses overnieuw: zelf hou ik wat minder van feelgood, maar Tamara heeft een plekske in mijn hart. Al flink wat jaren geleden ontmoette ik de dame in een boekenwinkel in Oosterhout. Een flamboyante dame in kersenjurk met toen nog pikzwart haar kreeg een enorme black-out tijdens haar voorleessessie. Ik vond haar toen zo lief en schattig. Wist ik veel hoe ze echt was, haha.

Maar serieus: heerlijk om haar weer te zien en ze was de kers op de taart voor de rest van de middag. Deze dame heeft het rollen met de ogen uitgevonden en ik heb regelmatig mijn tanden op elkaar moeten klemmen om niet de slappe lach te krijgen.

Ik werd nog even gevraagd om voor Anja Feliers op het podium te gaan staan, want die was er niet en was wel genomineerd. Maar toen ik hoorde dat Tamara voor Thomas Olde Heuvelt ging staan en niet wilde ruilen, vertikte ik het.

Maar het begon met het bekend maken van de winnaar van de Korte verhalen wedstrijd. Enkele tientallen auteurs hadden hun verhaal ingestuurd met als thema Een ijskoude moord.
Laat ik nu 1 van de juryleden zijn die al die verhalen doorgeworsteld had. Soms (vaak) was het echt een worsteling, want niet ieder heeft het in de vingers om in een beperkt aantal woorden een goed plot neer te knallen.
In dat hele dikke boek wat ik ooit over de boekenwereld ga schrijven, komen ook wat anekdotes over deze wedstrijd. Wat gebeurde er een hoop.

Maar de 20 beste verhalen werden gebundeld in een boek wat die dag uitkwam. De winnaar was 
Danique Van Der Rijt-de Ridder ( onthoud haar naam. We gaan meer van haar horen) werd verblijd met een uitgeverscontract en won een bedrag van 250 euro.
Ietwat thrillerachtig ging het er wel aan toe op het podium, toen bleek dat de voorzitter dacht dat de presentator de sterke punten zou benoemen en die precies andersom dacht. Vervolgens konden ze dus niet opgenoemd worden. Niemand wist waar ze het konden….
Het humeur bij de ene zakte ietwat onder vriespunt en ging in een andere ruimte flink mopperen.
Voor de winnaar maakte dat weinig uit op dat moment.

Nicolette Steemers werd geroepen om haar moordspel te gaan spelen, dit geheel niet verwacht op dat moment, want ze ging lekker zitten met een net gehaald theetje en keek verbaasd op. Ze vertelde een moordspel maar, even hangend en kletsend bij de dames van de Hamley uitgeverij, was dat daar op die plek niet helemaal te volgen maar mensen moesten raden wie de dader was en uit welke tekst dat in het verhaal bleek.

Een pauzetje gaf even de tijd om te kletsen met de eregast Caroline van der Plas. U weet wel die van de politieke partij voor de boeren. Vraagt u zich af waarom juist zij de speciale gast was? Eigenlijk bijna iedereen deed dat.
Jammer was wel dat er minutenlang ruimte was om over haar politieke ideeën te spreken. Niet helemaal de plek voor.

Buiten met zijn tweetjes in de pauze en in alle rust staan kletsen over boeken. Vooral een

liefhebber van King en Scandinavisch. Haar voorgesteld straks wat Nederlandse thrillers te geven en dat ze die ging lezen. Al had ze nog maar weinig tijd om echt te lezen naast al het papierwerk van de overheid. Het is niet de partij ( BBB) waar ik op zou stemmen, maar zij is een tof wijf. Vertelde ook wat over hoe het leven met beveiliging is. Dat die beveiliging in orde was, bleek toen de meeste mensen al waren vertrokken en er agenten binnenvielen. Mevrouw van der Plas had per ongeluk haar noodknop ingedrukt. Die werkte goed dus.


Na de pauze was de uitreiking voor de beste thriller. Genomineerd waren: Thomas Olde Heuvelt, Sandra J. Paul, Anja Feliers, Bas Haan en Elvin Post. Wie ik hem gunde was wel bekend. Wie hem had moeten winnen ook. Wie er niet in dit rijtje hoorde ook...



Moeilijk was het niet, wie hem ging winnen. De jury bestond voornamelijk uit mannen en over het algemeen lezen die andere boeken van Nederlandse auteurs. Plus er was opeens een bekende pief van Ambo Anthos aanwezig en Bas Haan zelf, die eerst niet zou komen.
Tromgeroffel en ja, het werd dus Lenoir van Bas Haan. Ik geef eerlijk toe dat ik het boek nooit las. Soms trekt een boek je niet, maar aangezien hij na de Schaduwprijs nu deze prijs won zou ik dat eens moeten gaan doen. Maar er zijn ook alweer zoveel nieuwe boeken uitgekomen. Dus ik ga vast de winnaar van volgend jaar lezen.



Na Miss rolling eyes van het podium gekomen was, nog even gemopperd dat het Thomas moest zijn en vervolgens twee auteurs naar de BBB mevrouw getrokken, zodat zij hun boek konden aanbieden. Zo kon Caroline van der Plas terug naar huis met Mijn waarheid van Sandra J. Paul en Met onbedachte rade van Marie Jose Verweij.


Intussen werden de kraampjes weer opgeruimd en gingen de meesten weg, en een ander deel borrelen. Een kleiner deel van 3 personen, ik en twee vriendinnen, besloot nog samen wat te eten en de middag door te praten.

Een conclusie van deze middag: het was rommelig, er was weinig chemie, weinig sfeer, weinig bekende auteurs, weinig kraampjes en toch heb ik mij prima vermaakt en dat misschien juist wel door alle vorige genoemde punten.



zaterdag 7 september 2019

Anders dan anders met Tamara Haagmans

Tamara Haagmans heeft al een aantal boeken uitgebracht, maar onlangs kwam De mooiste dag van je leven uit. Ik zou dit boek zelf onder de chicklit willen schuiven, maar dan wel van de categorie goed geschreven. Het wachten is voor mij nog steeds op dat mevrouw Haagmans een volwaardige thriller gaat schrijven. Vandaag beantwoordt zij de Anders dan andersvragen. 


Wat maakt je kwaad?
Mensen die liegen. Oneerlijke mensen. Mensen die geen rekening met de gevoelens van andere mensen houden, en mensen die dieren pijn doen.


Geloof jij in toeval?
Hier moest ik heel lang over denken. Ik roep het wel 'Joh dat is toevallig' maar ik geloof niet echt in toeval. Wel dat sommige dingen moeten gebeuren, en dat mensen dan roepen 'dat het toevallig is'

Welk nummer doet pijn aan je oren?
Alles van André Hazes. (De eerste)

Welk nummer blère je altijd zo hard mogelijk mee?
In het openbaar eigenlijk helemaal niets, maar als ik alleen ben dan alles waar een beetje galm in zit. Oh ja, en Disney-liedjes.

Met welk bekende persoon zou jij wel een avondje willen gaan stappen?
In Waanders Maastricht
Moeten we per sé gaan stappen? Gewoon ergens iets drinken mag ook? Dan met Stephen King. (Duh.) Die man is al zo oud dat een avondje stappen waarschijnlijk zijn laatste avondje zal worden.

Waarvan word jij super-enthousiast?
Dit gaat echt heel saai en stom klinken, maar alles met boeken. Boeken kopen, over boeken praten, als iemand iets wil weten over boeken en dan vooral als het om mijn boeken gaat. Schrijven. Oh ja, en ook van eten..

Waar werd je voor het laatst stil van?
Toen ik hoorde hoeveel 'De mooiste dag van je leven' verkocht waren in twee maanden. Hahahaha.

Speel je wel eens vals in spelletjes?
Als dat ik zeg wil niemand meer met me spelen. (Je kunt hier zelf al uit opmaken dat het antwoord 'Ja' is.) Maar meestal spelen we spelletjes waar dat niet bij kan.

Welk beroep zou je nooit kunnen uitoefenen?
Iets met oude, of zieke mensen of gehandicapten. Ik vind het geweldig dat er mensen zijn die het kunnen maar heb het geduld niet, en ben te emotioneel om iets te doen met oude/ziekte mensen.

Wanneer heb je voor het laatst gedanst?
Gisteren. Tijdens het dweilen. Met mijn mop! En ik zong er ook keihard bij. Gelukkig was ik alleen thuis.

Kan jij tolerant zijn voor intolerante mensen?
Nee. Waarom zou ik? Zij doen het ook niet.

Word je liever aangevallen door een hond of een zwerm bijen?
Wat een baggervraag!!!! hahaha. Allebei niet! Maar als het dan moet, toch maar de hond. Weet ik ook niet waarom. Ik zeg toch dat het een baggervraag is!

Welke film vond je verschrikkelijk?
Euhm... Lucy. Denk ik. Daar wilde ik eigenlijk weglopen maar omdat het een van mijn zeldzame uitjes met mijn man was ben ik blijven zitten. Wat een waste-of-time.

Welke film kan jij wel duizendmaal zien? 
Omega. Maar ik weet niet of het telt als het een film is waar je zelf aan meegewerkt hebt. En als dat niet mag dan Grease, Dirty Dancing, West side story. (Dat is wel meer dan één...sorry)


Wat bestel je bij McDonald's?
McChicken zonder sla met cola light (Want ik lust geen normale cola.) Maar wij gaan meestal in Duitsland en daar hebben ze de McRib nog. Dus in DL neem ik die!

Welke foto staat er als achtergrond op je tablet/laptop?
Op mijn telefoon én op mijn laptop dezelfde, de foto van Colleen Hoover en mij in Amsterdam na mijn avontuur eerder dit jaar. Daarvoor was het een foto van mijn man en mij. Maar voorlopig ben ik zo trots op die CoHo foto dat die nog wel even blijft.

Als je nog maar 1 boek zou mogen lezen, welk zou je dan nemen?
The stand! Van  King. Omdat het een dik boek is van 1000+ blz dat ik elk jaar wel een keer herlees. En ik denk niet dat het me ooit gaat vervelen, wat bij andere boeken wel het geval is. Dus. Die.

Wat zou je eten als laatste avondmaal?
SUSHIIIIIIIIIIIIIIII.
En dan zou ik een paar uur wachten, zeggen dat ik nog honger had, en als ze dan vroegen wat ik nog wilde hebben: WEER SUSHI


Wat staat op de eerste plaats op je bucketlist?
Naar het boekenbal. Maar dat staat er al 9 jaar en zal er vast nog wel een tijdje blijven staan. Het eerstvolgende dat niet met schrijven te maken heeft is parachutespringen (Zoals bijna iedereen met een bucketlist...) en naar New York. Ik ben mijn bucketlist de laatste jaren aardig af aan het werken dus er is niet veel meer over.


Welk dier omschrijft jouw persoonlijkheid?
Pffffffffffff. Elk dier dat gek is op eten en slapen. En eigenwijs is.

zondag 19 mei 2019

Tamara Haagmans over fatsoen

Afgelopen vrijdag mocht ik aanwezig zijn bij de boekpresentatie van ‘Echo’ (Van Thomas OldeHeuvelt.) Twee en half uur heen, en twee en half uur terug, om te zien hoe een van mijn favoriete horror-auteurs zijn boek uitgereikt kreeg. Ik had het ervoor over. Ons plan om eerst nog iets leuks te doen in Amsterdam viel in het water door een tegenwerkende TomTom maar ach, uiteindelijk kun je altijd naar Amsterdam en dit maak je niet elke dag mee! We waren lekker op tijd waar we zijn moesten, en toen was het wachten tot we naar binnen mochten.

Ruim op tijd namen we plaats in de zaal, en langzaam liep het vol. Twee ‘gezellige’ personen namen achter ons plaats, en hoewel ik ruim twee meter bij ze vandaan zat, kon ik woord voor woord volgen waar ze het over hadden. Ik hoorde een -voor mij bekende- naam en ik moest er wel om lachen terwijl ik me bedacht dat ik die een berichtje ging sturen dat iemand het over haar boek had. Maar toen! Het licht ging uit en de presentatie begon, en waar je dan denkt dat mensen hun mond houden, vonden die twee gezellige personen het gezelliger om hun praatje af te maken. 

TWEE UUR LANG. Voor ons stond Thomas O. iets te vertellen, kwam Dick Maas iets vertellen (Nou was dat laatste verre van interessant maar ik hield toch mijn mond voor het geval andere mensen het wél wilden horen…) en daarna kwam iemand Thomas interviewen. Maar ook dat vonden ze niet interessant want het enige wat ik hoorde was hoe zij op praten-in-de-kroeg-niveau bleven converseren achter ons. Een paar keer omkijken hielp niet en ik ben niet zo’n held dat ik er iets van zeg. Niet in de laatste plaats omdat -wanneer ze daarop zouden reageren- er nog meer overlast zou ontstaan waar ik dan schuldig aan ben. En… niemand anders zei iets, dus misschien waren wij wel de enigen die er last van hadden.

Dat brengt mij bij mijn punt. Waarom ga je naar een boekpresentatie toe als je toch niet wil horen wat ze daar vertellen? Als je het over een ander boek wil hebben, kan dat toch ook gewoon thuis met een biertje erbij? Je boodschappenlijstje of wat jij vorige week tegen iemand hebt gezegd kun je toch ook thuis bespreken? Waar is het fatsoen gebleven, en vooral het respect voor de persoon die daar op dat podium zijn boek staat te presenteren? Waarschijnlijk heeft Thomas het niet gehoord, er geen last van gehad. Dat hoop ik voor hem. Op dit kleine puntje na was de avond namelijk geweldig (Net als het boek!) en dat was de hoofdzaak. Ook al was op de terugweg de A2 dicht en mochten we via de A73 (En een uur extra reistijd…) naar huis rijden.

Het allerergste kwam de volgende dag pas. Twee uur lang hebben mijn man en ik ons zitten ‘opvreten’ over het geklets achter ons. Open ik de volgende dag mijn mail op mijn laptop en zie ik er eentje in mijn spam-map zitten van de uitgever van ‘Echo’ , (Ook mijn uitgever) waar in staat dat ze plaatsen in het gereserveerde gedeelte voor ons hadden. Met een béétje geluk hadden we ze daar niet gehoord.

Ik heb zes juli mijn boekpresentatie. Ik hoop dat de mensen die ik uitnodig wel over dat fatsoen beschikken om stil te zijn, maar zo niet bestaat de kans dat iemand je komt vragen om je gesprek buiten voort te zetten. Gewoon omdat het kan 😛

donderdag 16 mei 2019

Luna van Roosen op de YA-day Leuven

Luna met Greet Ilegems
Zondag 5 mei was het YA-day Young Adult-day bij
Standaard Boekhandel - uit te spreken als Yaaaaydaaay! - was ook wérkelijk een yaaaaydaaay. 
Een hele namiddag rondhangen met mede-boekenliefhebbers, kan het dan ook anders?
Er was zoveel te doen, en tot nu toe kan ik mezelf nog niet dupliceren, vandaar dat ik enkel mijn ervaring met jullie kan delen. 
(Waar waren jullie, want jullie hebben nogal iets gemist, hoor. 😀 )
Dus, mijn dag… (Samen met mijn moeder, Ilse Van Rode uiteraard.)

Eerst hebben we in een gezellig groepje de steunpilaren van een spannend kortverhaal leren kennen met niemand minder dan Sandra J. Paul (mijn mentor!😀) van Uitgeverij Hamley Books. 
Daarna hebben de auteurs Lara Reims (mijn collega! 😉) en Greet Ilegems een lezing gehouden over de toekomst in én naast boeken en hoe die letterlijk aan onze voordeur staat de drummen om binnengelaten te worden in onze levens. Sciencefiction noemen we het. Het is niet allemaal fictie, maar wel allemaal zo
fascinerend!

Er was een zoektocht door de hele Standaard Boekhandel op poten gezet, met als prijs een boekenbon die net voor onze neus werd weg gevist.

Luna met collega Lara Reims
Tussendoor waren er interviews tussen de auteurs onderling. Het was best vreemd om mezelf soms in uitspraken van andere auteurs te herkennen, hoewel de interviews ook net de diversiteit tussen deze schrijvers deed opvallen. Elk hun eigenheid, hun humor, hun genre… En toch zijn het allemaal zulke aardige en ‘gewone’ mensen.
Naar het einde toe, hebben we ook samen – schrijvers én lezers - in een kring een mondeling verhaal verzonnen. Niemand wist waar het werkelijk over ging, maar het was hi-la-risch om te doen. 
Ik heb op dit evenement zoveel nieuwe mensen leren kennen dat mijn hoofd begon te tollen. (Hierover binnenkort misschien meer.) Ik had de eer om met velen van hen op de foto te mogen. Ze hebben zelfs een persoonlijk woordje willen schrijven en daar ben ik zo dankbaar voor.
Sommige auteurs waren op het einde van mijn ‘schriftenrondje’ wel al naar huis. Maar dat is niet erg. Volgend jaar is er nog een jaar om mijn schrift aan te vullen. Of ik er dan sta als auteur of als lezer, staat nog niet vast. (Fingers crossed!) Wat wél vast staat is dat ik er sowieso weer zal staan. 
Zie ik jullie daar ook, volgend jaar?

Bedankt aan alle mensen die dit mogelijk maakte: 
Uitgeverij Hamley Books
Standaard Boekhandel
Odisee hogeschool
Deze mensen hadden ook voor iedere bezoeker een leuke goodiebag voorzien!

Jen Minkman en Luna
En de auteurs. Leuk om jullie (nogmaals) in werkelijkheid te ontmoeten!
Laura Janssens
Lara Reims
Chinouk Thijssen
Joanne Carlton
Auteur Jen Minkman
Greet Ilegems
Tine Bergen
Miriam Borgermans
Guido Eekhaut
Astrid Boonstoppel
Wendy Brokers
Tamara Haagmans Auteur
Christine Charliers





Geschreven door Luna van Roosen, die in september met haar eigen debuut gaat uitkomen.

zondag 30 december 2018

Tamara Haagmans over haar 2018


En voor je het weet is het weer December, is het weer het einde van het jaar en gaan mijn vingers weer jeuken om op te schrijven ‘Wat ik dit jaar heb meegemaakt.’ Terwijl mijn vingers over mijn toetsenbord schieten is er één knop waar echt constant een vinger op zit. De Backspace. ‘Dat interesseert toch niemand,’ zeg ik tegen mezelf en haal de alinea waar ik net een half uur over gedaan heb weer weg. Ik typ opnieuw iets, maar ook dat verdwijnt even later. ‘Geen idee waarom ik dat uberhaupt opschreef.’ Brom ik tegen mezelf. En zo gaat dat een uur door.

Tuurlijk, het is leuk om te lezen wat Stephen King het afgelopen jaar heeft gedaan, en wat hij denkt het volgende jaar te gaan doen, maar ik ben geen Stephen King. Het boeit echt helemaal niemand of ik een signeersessie heb gehad, of een boekpresentatie, of dat ik helemaal naar Amsterdam ben gegaan om een half uurtje over de grachten te varen en weer terug naar huis te gaan. En toch blijf ik het typen. Ook nu weer. Het is me al gelukt om een halve bladzijde te typen met dingen-die-niemand-interesseren. En jij leest gewoon door, ook al staat er helemaal niets 😉

Eigenlijk staat mijn leven nogal op z’n kop sinds februari, toen mijn korte verhaal besloot dat het toch een heel boek wilde worden. Een beknopte samenvatting dan maar?
Schreef een kort verhaal-besloot er een boek van te maken-bezocht een aantal uitgeverijen-deed wat kennismakingsgesprekjes-was soms een hele dag onderweg voor een gesprek van een uurtje (9u weg, 23.30 pas weer thuis)-bracht mijn trouwdag door op de uitgeverij- zat met mijn man vijf uur in de auto om heerlijke hamburgers te eten vlakbij Amsterdam- en uiteindelijk tekende ik een contract voor een feelgood bij Luitingh sijthoff die in de zomer uitkomt als alles goed gaat.

Dus misschien, heel misschien, is mijn jaaroverzicht volgend jaar wel interessant…en willen jullie volgend jaar -net als bij Stephen King- wél weten hoe mijn jaar is geweest. Tot die tijd, met je het hiermee doen. En met mijn beste wensen voor het komende jaar, voor iedereen die ze maar hebben wil! Wees voorzichtig met vuurwerk en met je vingers want er is niets zo vervelend als een bladzijde moeten omslaan met een stompje.

DIKKE KUS!

dinsdag 27 november 2018

Tamara naar de Thrilleravond!


Zaterdag 18 November was ik in Heerlen aanwezig op de ‘Thrilleravond’ in de bibliotheek. Omdat ik altijd nog eens een thriller wil schrijven, en gewoon omdat ik wat boeken had die ik wilde laten signeren.  Oh en niet te vergeten dat thrillers mijn favoriete boeken zijn. De ‘line-up’ loog er niet om: Michael Berg, Charles den Tex, Corine Hartman, Joyce Spijker , Toni Coppers , Henry de Hoon en een politieagent. Terwijl ik om me heen keek in de zaal vielen me nog wat bekende gezichten op. Yvonne Franssen en Soraya Vink zaten ook in het publiek. Oh ja, en mijn vriendin naast me, want mijn man krijg ik met de beste wil van de wereld niet mee naar boeken-evenementen.

Nu zou ik natuurlijk stap voor stap alles kunnen opschrijven wat iedereen gezegd heeft, welke tips ze hebben gegeven en wat we allemaal gehoord hebben, maar dan heb ik daar voor júllie gezeten en niet voor mezelf. Een avond als deze verdiende veel meer publiek dan wat er nu zat en ik hoop natuurlijk iedereen enthousiast te maken voor de volgende editie, zodat je zelf kunt horen hoe interessant het is. En het was eens wat anders dat het in mijn eigen Heerlen was en ik er niet zoals normaal minimaal anderhalf uur voor onderweg ben. Maar voor een tipje van de sluier: Elke auteur las een stukje voor uit een boek van iemand die ze bewonderen, en daarna een stuk uit hun eigen boek. Ik herkende die van Corine Hartman meteen, zij las namelijk de eerste regels uit Misery (Stephen King) voor. Ik zat nog net niet op mijn stoel te wippen. Toen daarna ook nog Thomas Olde Heuvelt’s Hex aan de beurt kwam was ik helemaal blij. Ik wist waar hij het over had. Maar dat is voor jullie misschien niet zo interessant.


Toni Coppers bleek voor het eerst een lezing in Nederland te geven die avond. Ik had nog nooit van hem gehoord maar in België schijnt hij heel groot te zijn. Ik heb een van zijn boeken besteld, omdat ik erg benieuwd ben geworden. Charles den Tex kreeg er een fan bij (Mij, want ik kan uren naar die man luisteren. Het charisma, zijn stem, de hele persoonlijkheid, ik had nog geen letter gelezen of ik dacht: Ik wil meer van die man weten.) , Corine Hartman vertelde dingen die zo herkenbaar waren dat ik zat te knikken (Voornamelijk over het schrijfproces zelf) en ik was te afgeleid door haar laaaaaaaaaange benen en hoge hakken om ook maar een woord te horen van wat Joyce Spijker vertelde.
Henry de Hoon vertelde over zijn boek ‘Lost in Londen’ , waar ik inmiddels wel benieuwd naar ben, en voor ik het wist was de avond alweer voorbij.
 
In de pauze trok ik mijn boeken uit mijn tas en m’n vriendin klaagde dat ze stonken. Stinken? Oude boeken geur? Ben jij helemaal gek geworden?! Net op dat moment kwam Charles den Tex voorbij lopen (Wat een geweldige man is dat zeg! Had ik dat al gezegd?) en ving het gesprek op, waarop ik zei ‘Nou, ruik zelf maar! Dat stinkt toch niet?’ Ik duwde hem mijn boeken onder zijn neus en hij gaf me gelijk. Nee, ze stonken niet! 1-0 voor mij. Ik heb een ontzettend grote schrijver aan mijn boeken laten ruiken. (Over ‘indruk maken’ gesproken…) Ik liep door, en maakte een praatje met Michael Berg die mij met mijn contract bij LS feliciteerde en mijn boeken signeerde. Ik had er drie bij me, alle drie dezelfde, die ooit gratis bij Veronica Magazine zaten. Hij vertrok geen spier. Maar toen!!

Ik zal geen naam noemen over de volgende persoon, maar die was net in gesprek met een paar dames dus ik bleef netjes op mijn beurt wachten. Persoon draaide zich om, stak de hand uit naar mijn boek en zei ‘O! Dit is een oude!’ (Dat kan best, ik had ‘m in de kringloop gekocht..) Sloeg het boek open, en zag de prijs van de kringloop. ( €1 ) Gezichtsuitdrukking veranderde, lach verdween, ik hoorde ‘Ow…’ en kreeg nog net mijn handtekening in het boek maar volgens mij niet meer van harte. ‘Die was not amused’ hoorde ik naast me. Dus een tip: Er zíjn mensen die er niet heel blij mee zijn als hun boeken ipv weggegooid te worden bij een kringloop of rommelmarkt terechtkomen dus wil je zelf ooit zo’n boek laten signeren: Gum het prijsje uit of peuter de prijs eraf! Of je moet geluk hebben en zo iemand als Michael tegenkomen. Als die al teleurgesteld was, liet hij het niet merken.

Na afloop (We liepen meer dan een half uur uit, het was echt interessant) hebben we nog even rondgekeken en heeft mijn vriendin nog even een praatje gemaakt met de politie agent -Die trouwens hartstikke gore dingen vertelde over lijken, of het wegwerken van lijken en over hoe bepaalde dingen ruiken…- gingen we naar huis. Daar begon ik een ontzettend lang verhaal te typen over de avond en wat iedereen gezegd had.

Dat heb ik ondertussen al gewist en in plaats daarvan heb ik dit geschreven. Een prachtig verhaal over niets, of in elk geval met de tip dat je prijsjes uit kringloopboeken maar beter eruit kunt gummen voor je het boek laat signeren.

Volgend jaar ga ik weer!


vrijdag 5 oktober 2018

Recensies


We kunnen niet met (En hoe graag we ook zouden willen) niet zonder ze.
Lezers kunnen zeggen wat ze van je boek vinden, waardoor een andere lezer misschien denkt ‘Oh jee, als er zoveel gevloek in zit, lees ik het liever niet.’ Of ze lezen het juist wel omdat in een recensie staat dat het zo gevoelig is. Het is een handig hulpmiddel als je door de bomen het bos niet meer ziet en je NTL stapel hoger is dan je stapel wasgoed die je eigenlijk moet strijken.

Ik moet eerlijk toegeven dat ik elke keer weer blij ben als ik er eentje krijg.
Maar dan! Er is een recensie. Je klikt hem met trillende vingertjes aan, omdat je wil weten wat ze van je ‘kindje’ vinden. Iemand die in je kinderwagen kijkt zal namelijk nooit zeggen: ‘Jeetje, wat een lelijk kind!’ , terwijl iemand wel het boek waar je maandenlang aan gewerkt hebt zonder pardon afdoet met één of twee sterren omdat ze het niet leuk vinden.

En daar komt mijn ‘probleem’ met recensies. Dat hele systeem klopt namelijk voor geen meter.
Een boek krijgt drie sterren, maar de recensent prijst het wel de hemel in, terwijl een andere ‘maar’ drie sterren geeft omdat het verhaal/de personages/wat dan ook/ tegenviel.
Ik jubel ‘Drie sterren!’ tegen een bevriend auteur, terwijl zij pas tevreden is met vijf. Of minimaal vier.
Ik zeg ‘Balen joh, drie sterren!’ tegen een ander, en die zegt ‘Hoezo balen? Dat is toch harstikke goed?’ Schiet mij maar lek.

Vroeger, op school. Dat was allemaal niet zo moeilijk. Alles hoger dan een zes was goed, een vijf en lager was ‘Jammer joh, beter je best doen.’ Waarom kan dat niet ook met die ratings voor boeken?
Een boek van een grote uitgever, en een auteur met een grote naam krijgt een geweldige recensie, met een paar minpuntjes, maar toch vijf sterren. Een iets minder grote auteur, bij een iets minder grote uitgever krijgt een dolenthousiaste reactie, met geen minpunten, maar toch maar vier sterren.
Recensies zijn een kwestie van smaak. Wat voor jou vijf sterren waard is, geef ik misschien maar vier. Of drie. Dat kan gebeuren. Daarom is het spreekwoord ook ‘Over smaak valt niet te twisten.’ Maar de manier waarop je ‘sterren’ geeft is voor iedereen blijkbaar anders. De een trekt sterren af omdat ze ‘iets anders verwacht hadden’, de ander trekt sterren af omdat ze ‘de cover niet mooi vinden’ en zo kan ik nog veel meer opnoemen waarbij ik even op mijn hoofd moest krabben toen ik het las.

Ik heb ze allemaal. Vijf, vier, drie, zelfs ergens twee sterren. Ik heb hoedjes gehad. Diamantjes, en duimpjes. Je mag alles van mijn boek vinden, want ik vind elke recensie prachtig als je ook kunt onderbouwen waarom je een bepaald aantal sterren geeft. (En als je sterren dan ook nog overeen komen met wat je zegt is dat helemaal fijn.) Ik vind elke recensie geweldig, omdat iemand de moeite heeft gedaan om je boek te lezen, en daarna ook nog een mening erover te geven. Hoe vet is dat dan? En dan mag daar best een beetje kritiek bij, want daar leer ik tenminste iets van voor een volgend boek.

Ik vind deze column wel vier sterren waard. Niet dan? 😉
Tamara Haagmans


dinsdag 18 september 2018

Op de thee.. met Tamara Haagmans

Toen Tamara Haagmans (1980) haar eerste boekje schreef op klapperblaadjes waar ze zelf een boek van maakte had ze nooit verwacht dat ze het ooit nog eens voor een uitgever zou doen.
Hoewel haar grote wens altijd is geweest om thrillers te schrijven, heeft ze zich er inmiddels bij neergelegd dat je moet doen waar je goed in bent, en in Tamara’s geval is dat het schrijven van romantische verhalen en boeken wat uiteindelijk resulteerde in haar Young Adult Debuut Ctrl Alt Delete dat onlangs bij Kabook uitgevers verscheen. Voor ons beantwoordt ze vijf vragen van de Teatopics van Pickwick.


*Wat is het gekste dat je ooit het gedaan?

Midden in de nacht in de vijver van het vakantiepark skinnydippen? Of dat ik als een gek in mijn eentje door Londen ben geracet met de metro toen ik geen musicalkaartjes meer met korting kon krijgen en die man zei dat ik naar het theater zelf moest. Uiteindelijk kwam ik daar aan en bleken ze helemaal geen kaarten met korting te verkopen bij het theater. Toen ben ik uit protest maar een broodje gaan eten in mijn eentje.



*Met wie zou jij graag 24 uur willen doorbrengen?

Met Stephen King. Maar ik betwijfel of die 24 uur met mij zou willen doorbrengen.


*Van welk boek zou je graag een verfilming zien?

Van Ctrl Alt Delete! Maar ik weet niet of het telt als het mijn eigen boek is. Zo niet, dan kies ik 'Nooit meer' van Colleen Hoover. Maar eigenlijk zou er nooit een film van een boek gemaakt moeten worden, want dat valt alleen maar tegen.


*Bij welke film moest jij voor het laatst huilen?

Gisteren nog, ik keek West Side Story en daar kan ik het nooit droog houden. Maar ik ben emotioneel incontinent. Ik kan geen enkele zielige film kijken zonder tranen met tuiten te huilen.


*Heb je vandaag een leugentje om bestwil verteld?

Vandaag niet, maar drie dagen geleden wel nog. Ik moest iets laten doen en die persoon wilde me niet helpen. Dus verzon ik een reden waarom het écht écht écht op die dag moest toen hielp hij me wel. Slecht hé! Meestal ben ik heel eerlijk.

dinsdag 28 augustus 2018

Buiten haar boekje met Tamara Haagmans

Tamara Haagmans is een veelzijdig auteur. Ik leerde haar enkele jaren geelden kennen toen haar romantische verhaal in de bundel Het verleidingseffect verscheen. De ontmoeting live in oosterhout kan ik nog zo voor mij halen met Tamara in een jurk met grote kersen en een blackout bij haar speech. 
Inmiddels verscheen half juni dit jaar Ctrl Alt Delete bij Kabookuitgevers. Een indrukwekkend verhaal. Maar google de dame maar eens : er verschijnen overal stukjes van Tamara , oa in verhalenbundels, wedstrijden, bij ons hier op Thrillerlezers en eind van het jaar een romantisch feelgoodboek bij Ellessy

*Wat lees je momenteel?

Helemaal niets, omdat ik aan het schrijven ben, maar ik heb als laatste 'All your perfects' van Colleen Hoover gelezen, en daarvoor Wilder van Rebecca Yarros.


*Welk boek heb je niet uitgelezen?

"De hot daddy list', Ik kan er maar niet inkomen terwijl ik het al drie keer opnieuw opgepakt heb.

*Welk boek geef je graag kado?

Ik geef eigenlijk nooit boeken cadeau, want niet iedereen heeft dezelfde smaak. Dus als ik al iets wil geven dat met boeken te maken heeft, geef ik een boekenbon.

*Welk boek had je graag zelf geschreven willen hebben?


'The stand'/ De beproeving van Stephen King. Gewoon omdat het een briljant boek is en ik er maar geen genoeg van kan krijgen. En ik zou zo willen kunnen schrijven.

*Welk boek lees je graag voor aan je kinderen vroeger of nu?


Mijn zoon is 15 en die mag ik niet meer voorlezen! Daar had hij trouwens helemaal geen geduld voor, voor voorlezen. Als hij vroeger naar bed moest wilde hij (Net als zijn vader...)  meteen slapen en als ik probeerde voor te lezen lag hij na drie woorden al te snurken.

*Welk boek las je vroeger stuk?


Ik denk dat dat mijn grote gele sprookjesboek met sprookjes van Grimm was. Het was zo dik dat ik het niet eens kon vasthouden en alleen maar kon lezen als ik rechtop in bed zat.


*Wat is jouw quilty pleasure op leesgebied?

Bouquetromannetjes! Het is altijd een van mijn dromen geweest om er een te schrijven. Ze lezen makkelijk weg, lopen altijd goed af, en hoeft er niet bij na te denken. Ik lees ze niet vaak meer, maar als zwijmelende leesverslaafde puber was het erg handig dat ze voor 50 cent op elke rommelmarkt te koop waren.



*Welk boek las je ivm een hype en vond je tegenvallen?

Met stip op 1 'Vijftig tinten grijs' en alle volgende delen en spinoffs. Ik heb echt nog nooit een boek gelezen waar ik zo om gelachen heb, omdat het zo belachelijk was. Miljoenen exemplaren verkocht, films van gemaakt, maar de halve wereld heeft  het gelezen. Voor zo'n slecht geschreven en overgehyped boek is dat nog best knap.

zondag 29 juli 2018

Overal zit een verhaal in...

Een paar weken geleden kwam ik ergens langs, ik kan niet eens beschrijven wat het was. Ik dacht dat het een verlaten pretpark was, of misschien een kinderboerderij. Er liepen kippen, geiten, pauwen, en overal zag ik kleine erkertjes, boogjes, muurtjes. Er stond een versleten en verweerd golfkarretje, en het was omgeven door hoge hekken. Meteen ging mijn hoofd als een waanzinnige tekeer. Ik draaide om, reed terug en maakte een foto. Van het levensgrote olifantenbeeld achter het hek, van de ‘verboden toegang’ bordjes, en van het huis aan de zijkant. Ik wist het zeker: Hier zat een verhaal in!

Eenmaal thuis plaatste ik een van de foto’s op facebook met de vraag of iemand wist waar ik hier op gestuit was. Ik kneep al in mijn handen, klaar voor horrorverhalen over alle kinderen die daar verdwaald waren. Naar binnen gelokt. Opgegeten door de boze heks van Hans en Grietje. Ik zocht op google maar ik kon er niets over vinden. Ik kreeg reacties van mensen die het kenden, maar die niet wisten wat het was. Mensen die ook gefascineerd waren. Ik wist het zeker. Hier zou zoiets geweldigs uitkomen!
En toen kwam daar dus inderdaad iemand die het kende. Iemand die wist wat er daar aan de hand was. Het was een tuin. Iemand met veel tijd, veel stenen, en veel vreemde dingen om neer te zetten. Gewoon een tuin. Verder niets. Ik was zo teleurgesteld. Ze vertelde er nog bij dat er ooit ook een kameel rondliep maar dat die er inmiddels niet meer was.

Op het moment dat ik er langs kwam, had ik al een verhaal in mijn hoofd. Mijn handen jeukten om het op papier te zetten. Een kort verhaal, dat wel, maar het was een verhaal. Op het moment dat ik hoorde ‘Het is gewoon een tuin’ , zakte mijn verhaal als een plumpudding in elkaar. Weg was het idee, weg was de inspiratie, weg was mijn verhaal. Het veranderde van een poel van verderf (Want tja, die hoge hekken moesten er met een reden staan…) in een tuin waar s’ochtends gewoon iemand eieren raapt en de kippen voert.

Ik zie overal een verhaal in. Daarom ben ik gaan schrijven. Omdat ik dingen mooier kan maken dan ze daadwerkelijk zijn. Omdat ik van een achtertuin een verlaten pretpark kan maken waar al jarenlang kinderen verdwijnen die later blijken te zijn vermoord en in een put te zijn gedumpt door de (Zo blijkt IRL) onschuldige eigenaar die gewoon blij is met zijn aparte tuin… Ik besloot dat ik het verhaal maar even aan de kant moest leggen, en gewoon verder moest gaan met mijn romantische verhaal. Dan heeft mijn personage maar gewoon een hele mooie, en vooral aparte tuin. (ZUCHT)


zondag 24 juni 2018

Heeeeeeeere's Stevie...

Als je het nog niet wist: Ik hou van boeken.
Ik hou van het lezen van boeken, ik hou van het schrijven van boeken. En het meest van allemaal, hou ik van Stephen King. Dat zou als het goed is ook geen nieuws voor je moeten zijn, als je vaker mijn stukjes leest. En dus was ik dolenthousiast dat er weer een nieuwe King zou komen. Ik bewaarde de cadeaubon die ik voor mijn verjaardag kreeg en zo gauw het kon, bestelde ik het boek. En toen afwachten.

Maar toen!
Door een fout van de leverancier kreeg ik mijn boek zo’n drie dagen te vroeg. Ik had de dag dat hij uit zou komen helemaal vrijgehouden. Ik zou die dag alleen maar lezen. En toen kwam hij dus te vroeg. Ik kon me één dag inhouden, eerst afmaken waar ik mee bezig was, maar toen riep het boek te hard. Op een dag dat ik nog allemaal andere dingen moest doen. In plaats van lekker lui in een stoel lezen tot het uit was, stopte ik het bijna 600 pagina’s dikke boek in mijn tas en zeulde het overal mee naar toe.

Wachten in de pizzeria op het eten? Mooi, dan kan ik wel een stuk of twintig bladzijdes lezen. Ik had afgesproken op kantoor om met een vriendin te gaan schrijven. Zij schreef, en ik las mijn boek. Af en toe klonk er een ‘Gadverdamme’ of een ‘Ieuw’ door de ruimte. Ik kan me van de hele dag niet veel meer herinneren. Hoe het eten smaakte ben ik vergeten. Hoe lang ik bij de dokter moest wachten, weet ik niet meer. Wat er tegen me gezegd is? Al sla je me dood. Het enige dat ik nog weet is dat ik het boek in iets minder dan vier en half uur uit had. Dat ik het dichtsloeg met een rotgevoel. ( ‘Nu al uit??’ )

Zijn laatste paar boeken stelden me redelijk teleur, met als dieptepunt het boek dat hij met zijn zoon schreef (schone slaapsters) waar ik niet eens een recensie over geschreven heb omdat het zo slecht was dat ik niet eens kon bedenken wat ik erover moest vertellen. Met dit boek is hij weer terug. Mijn held! The master himself! De man die mijn droom om ooit een boek zoals hij te schrijven weer helemaal terug heeft gebracht.  Het is goed gekomen. Ik heb de dag dat het boek eigenlijk zou komen, die dag die ik vrij had gehouden, gebruikt om de dingen die ik toen ik het boek kreeg heb laten liggen te doen.

Ik heb genoten. ‘De buitenstaander’ staat te pronken in de kast, tussen alle andere Stephen King boeken. En nu wachten we tot hij er weer eentje af heeft. Zodat ik weer een dag kan vrij plannen

zaterdag 26 mei 2018

Tammy is back (gelukkig)


‘Is het niet langzaam tijd voor nieuwe colums’ vraagt Ink zich af in mijn messenger.
‘Alweer?’ stuur ik terug. Ik had er al drie gestuurd die nog helemaal niet geplaatst waren. Nu kon ik me best voorstellen dat ze misschien niet goed genoeg waren, maar niet dat ze dat dan niet gezegd had. Dus vroeg ik het toch maar na.  We stuurden wat berichten over en weer, en het bleek dat ergens op de digitale snelweg iets verloren is gegaan. Of het bij mij de deur niet uit is gegaan, op bij Ink niet binnen is gekomen weet ik niet, maar feit was dat ik ook niet meer had. En dus moest ik iets nieuws schrijven. Eitje.

Ik ging ervoor zitten. Bedacht ineens een perfect hoofdstuk voor mijn huidige project. Dus dat schreef ik eerst, want ik had toch tijd genoeg. Vervolgens een mailtje van een redacteur, of ik even ergens naar kon kijken. Dat deed ik, stuurde een bericht terug en opende mijn bestand voor Ink weer.  Mijn aandacht was helemaal weg op het moment dat ik een covervoorstel van m’n belgische uitgever kreeg. Ik moest dat natuurlijk bestuderen, aan mijn man doorsturen, advies vragen. Dat duurde gelukkig niet al te lang, want hey, Ink was nog steeds aan het wachten.

Ik ging weer zitten. Ik wist wat ik zou typen. Ik was langs een raar ‘ding’gereden en daar zou ik een column over schrijven. Hij zat al in mijn hoofd, moest alleen nog op papier. Ik had twee woorden getypt toen de bel ging. Iemand voor de verwarmingsketel. Dus eerst die man maar geholpen. Inmiddels begon ik me aardig te irriteren en zette ik internet gewoon uit. Mailtjes, appjes en al die dingen konden best even wachten, IK WAS BEZIG.  Ik wachtte op de verwarmingsmeneer, duwde hem vriendelijk maar beslist de deur uit, en nam weer plaats achter mijn laptop. Toen kwam mijn zoon uit school. Ik was op dat moment ongeveer op het punt dat ik mijn haren uit mijn kop wilde trekken.

Natuurlijk moest kind even zijn ei kwijt, in de tussentijd zette ik de wasmachine maar aan en zette het avondeten al klaar. Toen kind klaar was, was de wasmachine ook klaar. Dus ik hing de was op, ruimde de vaatwasser uit, en begon aan het eten. Mijn man kwam thuis. Eten. Vaatwasser weer inruimen. Was afhalen, was vouwen, vergadering. Om 23.00 kwam ik thuis. De laptop met het lege bestand met de knipperende cursor stond nog steeds op tafel. Ik zou kunnen zweren dat ik hem hoorde lachen. Mij hoorde uitlachen om precies te zijn.

Lieve lezers, of mensen die hier toevallig terechtkomen. Ik ben jullie echt niet vergeten. Ik had alleen even wat dingen aan mijn hoofd en merkte dat je ergens een keer ‘NEE’ moet zeggen. Hoewel ik liever ‘Nee’ had gezegd tegen de vaat, of tegen de wasmachine, heb ik net een paar keer te vaak ‘Nee’ tegen de laptop gezegd. Maar don’t worry!

SHE’S BACK!!!!

zondag 4 februari 2018

Niemandsland door Tamara Haagmans

Vorige week won ik bij de Sweek- verhalenwedstrijd de derde prijs met mijn verhaal ‘Niemandsland.’
En waar kun je beter met zo’n verhaal naartoe dan naar de Thriller-blog waar je een maandelijkse column voor schrijft? Neem een kopje thee, trek je dekentje over je benen en ga lekker met me mee naar Niemandsland!



Hij grijnst naar me als hij het glas op de tafel zet met een harde tik. Ik zit op de bank en vanuit die houding is mijn gezicht precies op de hoogte van zijn kruis. Ik lik over mijn lippen. Ik heb ooit eens gelezen dat mannen dat sexy vinden, maar het lijkt Joost niets te doen. Wat verbeeld ik me ook. Ik kijk mistroostig naar beneden, langs mijn te dikke benen naar de te geforceerd sexy lange laarzen met de hoge hakken. Het leek me een goed idee. Net als de stay up kousen met het kanten randje die ik onder het rokje draag. Hij kijkt me opgewonden aan. Misschien dat hij toch… Ik buig naar hem toe, mijn lippen een beetje geopend, maar hij wilde alleen dat glas weer oppakken. Het moment is alweer voorbij en ik laat me achterover zakken. Ik weet niet wanneer ik het ben verloren. Vroeger wist ik hoe het voelde om me sexy te voelen. Vroeger moest ik de mannen van me af slaan. Nu is elke man die ik mee naar huis neem, de volgende mislukking op het lijstje dat elke week langer lijkt te worden. Ze blijken allemaal getrouwd te zijn, of gewoon op zoek naar een snelle wip. Ze begrijpen het niet. Joost is de enige die het wel snapt. Hij komt steeds terug. Omdat hij van me houdt, zegt hij. Ik denk dat het is omdat hij weet dat er onder die façade van dat verlegen, net te dikke, lelijke meisje een beest in bed schuilgaat. Ik kijk naar zijn mooie, sterke vingers op mijn bovenbeen.

Twee weken eerder
De hand op mijn bovenbeen verplaatste zich voorzichtig naar boven. De vijf vingers kriebelden als een soort vogelspin naar boven, in de richting van mijn kruis. Ik was aangeschoten toen hij vroeg of hij met me mee naar huis mocht. Dat moest wel, want hij zat nu hier naast me, op mijn bank. Ik had me zo voorgenomen om het niet meer te doen. Ik hield het ook al zeker twee weken vol. Twee eenzame weken, waarin ik meer dan eens de telefoon had gepakt om Joost te bellen, maar het niet had gedaan. Omdat ik te trots was.
Omdat ik niet wilde dat hij wist dat hij de ware was. Dat ik op hem had gewacht.
De tong van mijn aanbidder hing een beetje uit zijn mond en hij had een glazige, geile blik in zijn ogen toen zijn vingers de rand van mijn slipje raakten. Tim, of Tom, of misschien was het wel Timo, kwam steeds dichterbij met zijn mond. Hij wilde me kussen. Zijn hand glipte in mijn slipje en hij hijgde steeds harder. Ik deinsde een beetje terug en greep zijn hand vast. 
Ik wilde dit niet. Ik had hem nooit mee naar huis moeten nemen, maar ik wilde zo graag vergeten dat ik al twee weken niet meer leek te bestaan voor Joost. Met een ruk trok ik zijn hand uit mijn slipje en mijn hoofd weg van die vlezige, vochtige lippen, die op een haar na op mijn lippen terecht waren gekomen. Van zo dichtbij was hij toch een stuk minder smakelijk dan ik eerst dacht. ‘Ik geloof niet dat dit een goed idee was. Je kunt beter gaan.’ Zeg ik, met dichtgeknepen ogen…

…Joost knipt zijn vingers voor mijn ogen. ‘Chantal?’ Het kost me even om me te realiseren waar ik ben, zo ver was ik in gedachten verzonken. ‘Ik dacht even dat je in slaap gevallen was. Zo slaapverwekkend ben ik toch ook niet?’ Het idee! Dat ik in slaap zou kunnen vallen terwijl hij bij me is. Ik koester elke seconde met hem omdat het er veel te weinig zijn.
‘Ik weet niet wat het is vandaag, maar ik ben er met mijn hoofd niet bij. Ik heb een beetje een rotdag gehad maar dat is allemaal goed nu jij hier bent.’ Hij schuift een beetje dichter naar me toe en aait over mijn hoofd. ‘Wil je me laten zien hoe blij je bent dat ik hier ben?’ Ik wil niets liever. Het is niet eens nodig dat hij me weer in mijn nek pakt en mijn hoofd in de richting van zijn kruis duwt. Ik weet wat hij wil en ook precies hoe hij het wil. Ik let altijd goed op. Wanneer ze kreunen en wat ze lekker vinden. Joost is een geval apart. Een geval waar ik inmiddels tot over mijn oren verliefd op ben. Hij weet het. Dat weet ik zeker. Ik weet precies wat ik doen moet om het hem naar zijn zin te maken. Als hij straks voorgoed bij mij is, en we samenwonen zal hij me dankbaar zijn. Tegen de tijd dat hij me ten huwelijk vraagt en ik natuurlijk met tranen in mijn ogen JA roep, zal hij het kunnen waarderen wat ik allemaal voor hem gedaan heb. Het enige dat ons tegenhoudt is dat hij nog getrouwd is. Maar dat is nog maar een formaliteit. Ik weet het zeker, want hij zit middenin zijn scheiding. Ik sluit mijn ogen en doe wat hij wil. Omdat het is wat hij áltijd wil. Omdat hij zo alles kan vergeten. En ik zál hem alles laten vergeten. Net zoals ik deed bij Tim/Tom/Timo.

Twee weken eerder
‘Hoe bedoel je, dat ik beter kan gaan? Ik heb je de hele avond drankjes gegeven! Jij hebt me de hele avond opgegeild en nu wil je dat ik ga zonder dat ik er iets voor terugzie? Wat ben jij voor ’n raar wijf?’ Er vlogen druppels speeksel in mijn gezicht toen hij de woorden naar me toe spuugde. Ik had weleens gehoord van mannen die zo denken, ik was er alleen nog nooit zelf eentje tegengekomen. Ik krabbelde omhoog van de bank en ging rechtop staan. Het leek wel alsof ik zijn dronken, geile blik, voelde branden in mijn decolleté. 
Hij maakte zelfs dat ik me een beetje vies voelde. Ik probeerde me te herinneren waar ik mijn mobiel had gelaten. Als ik discreet hulp zou kunnen inroepen zou er niets aan de hand zijn, dan zou hij gewoon verdwijnen. Hij mocht dan wel een lul zijn, maar hij verdiende niet wat al die andere eikels overkomen was. Ik wees naar de deur. ‘Het spijt me heel erg dat je dat zo voelt, maar ik voel me niet verplicht om wat dan ook te doen omdat ik een paar cola’s van je heb gekregen. Ik heb echt liever dat je gaat.’ Op dat moment veranderde er iets in zijn gezicht. Ik zag het gebeuren. Zijn mondhoeken gingen omhoog en hij begon te lachen. Hij bezegelde eigenlijk zelf zijn lot met wat hij toen deed. ‘Ik weet wel waar dit heen gaat. Jij bent een van die vrouwen die het lekker vinden om tegen te stribbelen, nietwaar? Jij zegt nee, en ik doe het toch. Ik ken jou soort wel.’ Zijn hand greep me bij mijn pols en hij keek me verlekkerd aan. ‘Wat ben jij een lekkere kleine slet zeg.’…


…‘Wat ben jij een kleine slet zeg.’ Joost spreekt de woorden zacht uit, met een plagerige ondertoon. Hij  heeft mijn haar vast en hijgt zachtjes als ik mijn mond over zijn erectie op en neer beweeg. ‘Ik ken echt niemand die zoveel plezier in pijpen heeft als jij.’ Hij kreunt als ik hem het randje van mijn tanden laat voelen. Ik voel hoe mijn rokje omhoog kruipt en besef me dat hij nu het kanten randje van mijn kousen moet kunnen zien. En dan weet ik ook weer waarom ik die kousen heb aangetrokken. Voor hem. Omdat ik hem iets belangrijks wilde vragen. Ik laat zijn erectie uit mijn mond glijden, wat me een luid protest oplevert. ‘Joost? Hoe zit het nu met die scheiding?’ Ik voel hem meteen slap worden in mijn mond. Joost slaakt een diepe zucht. ‘Ik heb het toch al een paar keer gezegd? Ik kan niet zomaar weggaan. Ik moet haar met fluwelen handschoentjes aanpakken. De scheiding gaat me anders een hele hoop geld kosten. Dat wil je toch niet? Jij wil toch ook dat ik jou alles kan kopen dat je hartje begeert in plaats van het met haar te moeten delen?’ Hij snapt het niet. Het kan me echt geen reet schelen wat het hem kost. Al moet ik droog brood eten en dat wegspoelen met water. Het gaat erom dat we samen zijn. Hij begrijpt ook wel dat we voor elkaar gemaakt zijn. Hij moet alleen snappen dat wat hij met haar heeft, niets voorstelt in vergelijking met wat hij met mij heeft. ‘Het loopt. Dat beloof ik. Maar het duurt allemaal even. Het duurt niet lang meer en dan laat ze me gaan. Dan gaan wij tweetjes op vakantie. Lekker twee weken op een warm strand liggen. Hoe klinkt dat?’ Hij knijpt speels in mijn wang.

Twee weken eerder
Hij kneep me. Hard. ‘Geef het maar toe. Je kickt hier op.’ Hij keek zoekend om zich heen. ‘Waar is je slaapkamer?’ Sommige mensen verdienen het gewoon niet om vrij rond te lopen. Waar zou mijn slaapkamer zijn? Daar waar elke slaapkamer is. Gewoon boven. Zou hij dom genoeg zijn om erin te trappen? Ik gebaarde met mijn hoofd naar een deur. Als ik het precies op het goede moment zou doen, moest het lukken. Zijn vlezige, natte lippen kwamen weer dichterbij. Hij scheen ineens vergeten te zijn dat ik hem een minuut geleden nog de deur uit wilde werken, en het viel hem ook niet op dat ik ineens wel heel meewerkend was geworden. Ik dacht gewoon aan Joost. Alsof het zijn lippen zijn op de mijne waren, en er trok een rilling door mijn lichaam. Ik kreunde zacht. Alsof Joost me ooit pijn zou doen.  Omdat ik vergat wiens lippen het waren en hij tenslotte alleen maar hier was als een armzalige vervanger van Joost, liet ik me een seconde gaan. Tot hij zijn onderlichaam tegen het mijne aandrukte dan. Het feit dat hij kreunde, verpestte het. Het brak de illusie. Sukkel. We kwamen aan bij de deur en de loser had nog steeds niets in de gaten. Alsof ik hem ooit in de buurt van mijn slaapkamer zou willen. Hij reikte langs me om de deur open te maken en toen hij aan de knop draaide wist ik het: Het is nu, of nooit…

…‘Het is nu of nooit Joost, je kunt niet blijven zeggen dat het bijna zo ver is. De eerste keer zei je al dat je bij mij wilde zijn. Ik wil met je over straat kunnen lopen. Je hand vast kunnen houden en kunnen laten zien dat ik bij je hoor. Samen op een terras een glas wijn drinken.’ Hij weet het niet, maar toen ik laatst bij de Hema was om nieuwe kousen te kopen, heb ik hem gezien. Hij zat op een terras met háár. Die bitch. Ze had haar hand op zijn onderarm en ze nipte van een glas rode wijn. Joost keek blij en ik kon haar ogen wel uitkrabben toen ik zag hoe ze naar hem keek. Ik weet dat hij dat alleen maar doet zodat zij niets doorheeft. Hij heeft me al een paar keer verteld dat hij haar niet meer kan uitstaan. Dat hij ervan walgt als ze naast hem in bed ligt of hem wil kussen. Dat hij het beter bij mij heeft dat ik veel beter in bed ben. Het is alleen maar een kwestie van tijd. Toen hij haar vertelde dat hij wilde scheiden huilde ze, zei hij. Die avond zou hij eigenlijk naar mij komen, maar uiteindelijk moest hij de hele avond bij haar blijven om haar te troosten. Ik laat mijn nagels over zijn arm glijden en kijk hem verleidelijk aan, diep in zijn ogen. ‘Ik ben hier niet om dat gezeik aan te horen Chantal. We kunnen het nu nog even leuk hebben samen, maar als je door wil blijven zeuren, dan ga ik naar huis. Daar heb ik ook gezeik aan mijn kop maar daar kan ik tenminste de tv aanzetten.’ Hij laat zich achterover zakken en wacht af wat ik doe.

Twee weken eerder
Hij wachtte af wat ik zou doen. De hand rond mijn pols was al iets losser en gelukkig duwde hij toen met een smerige grijns de deur open. NU. Voor hij door zou dat dit mijn slaapkamer niet was. Elke man met een beetje verstand had allang gezien dat dit de kelderdeur was. Ik had maar een paar seconden want zo gauw de deur helemaal open was, zou hij de krakkemikkige houten trap naar beneden zien. Het was maar een fractie van een seconde maar het was genoeg. Ik draaide mijn bovenlichaam scherp naar links en gaf een ruk aan zijn arm terwijl ik zijn lichaam een duw gaf met mijn ellenboog. Hij wankelde, leek zich te herpakken maar verloor uiteindelijk toch zijn evenwicht. Met een misselijkmakend gekraak viel hij de trap af, zo de kelder in. Dát kon niets anders dan een paar gebroken botten opleveren. ‘Hallo? Ben je oké?’ vroeg ik schijnheilig. Ik tuurde het donker in. Er kwam geen reactie en het bleef muisstil. Hij zal wel héél boos zijn, dacht ik nog. Dat ik hem de trap af had geduwd bedoel ik. Maar ik moest wel. Ik probeerde het nog eens. ‘Hallo? Moet ik een dokter bellen?’ Alsof ik dat zou doen. Echt niet. Het is ook altijd hetzelfde met die kerels. Als ze hun mond open móeten doen, doen ze het niet. Maar als ik ze niet horen wil, dán kletsen ze me de oren van mijn kop. Ik pakte de zaklamp van het haakje en slaakte een diepe zucht toen ik voor de zoveelste keer mijn voet op de traptrede zette...

…Ik zet mijn voet op de trap, en wenk Joost. ‘Ga mee naar boven,’ zeg ik smekend. Hij kijkt op zijn horloge. ‘Ik heb niet veel tijd, we hebben een etentje vanavond, maar een vluggertje moet wel lukken, geil wijf dat je bent.’ Onverwacht steekt het, ergens in de buurt van mijn hart, dat ik geen deel uitmaak van ‘we’. En als ik héél eerlijk ben, weet ik ook wel dat ik nooit deel uit gá maken van ‘we’, samen met Joost. Hij wil wijn op een terras, met een slanke blonde, in plaats van Netflix op de bank met een dikkerdje in stay ups. Hij schuift de trouwring van zijn vinger af en stopt hem terug in zijn zak. Hoe dom, dat me dat niet eerder opgevallen is. Dat ik al die tijd dacht dat hij zijn trouwring niet meer droeg omdat hij al bijna gescheiden was. Het besef slaat me in mijn gezicht als een natte dweil. Het is nooit zijn bedoeling geweest dat wij twee ‘we’ zouden worden. Ik ben zíjn tussendoortje. Zijn scharrel. Dat meisje dat hij tevreden moet houden door haar beloftes te doen die hij dan uiteindelijk niet waarmaakt. Hij zal nooit bij zijn vrouw weggaan. Niet voor mij. Hij is geen haar beter dan de rest. ‘Ik heb een verrassing voor je, in de kelder,’ Ik verbaas mezelf hoe weinig moeite het me kost om de woorden uit te spreken. Hoe snel het besluit genomen is. Amper een week geleden wilde ik nog oud met hem worden maar daarnet ging ineens de knop om. Ik voel me vies. Iets dat hij uit de kast pakt als hij ermee wil spelen maar daarna ook zonder pardon terug in de kast gooit en het daar laat liggen tot hij weer wil spelen. Hij trekt zijn wenkbrauw op. Hij is net een klein kind, het vooruitzicht van een cadeautje laat hem de rest vergeten. ‘Je moet het alleen zelf gaan pakken.’ Ik zet een stap terug tot ik weer met beide voeten in de hal sta. Ik twijfel. Heel even maar. Niet langer dan een seconde en dan loop ik voor hem uit naar de kelderdeur…

Twee weken eerder
Ik zag het eigenlijk al voor ik beneden was. In het schijnsel van de zaklamp zag ik hem aan de voet van de trap liggen. Een van zijn benen in een rare hoek onder zijn lichaam, en zo te zien was zijn hoofd onderweg een paar keer tegen de muur gekomen want overal lag bloed. Zijn ogen waren open, dat kon ik zelfs halverwege de trap al zien. Maar dan het soort ‘open’ dat je vooral ziet bij de doden. Die levenloze blik, alsof je naar vissenogen kijkt. Beneden aan de trap wist ik het zeker. Oh ja. Zo dood als een pier. Zelfs dat was me niet gegund, om nog een beetje plezier te maken. Ik schoof hem aan de kant met mijn voet. Hij voelde warm aan, en zo te zien had hij zijn nek gebroken.
Ik slaakte een diepe zucht en liep toen naar de vriezer. De kou sloeg in mijn gezicht toen ik hem opende en erin keek. Tot bovenaan vol. Daar zou hij met geen mogelijkheid bij passen. Verdorie. Ik had hem gewoon moeten drogeren en hem daarna in de vriezer moeten laten inslapen. Dat doe je met zieke ratten, leerde ik ooit van een dierenarts tijdens mijn studie. Een humane manier om er een eind aan te maken. Maar die klootzak moest het weer verpesten door zijn nek te breken, nog voor ik plaats kon maken in de vriezer. Ik duwde tegen beter weten in een beetje tegen het bevroren lichaam dat bovenop lag. Er hingen ijspegels aan zijn oren en zelfs na een paar rukken eraan bewoog het niet en gaf het geen meter mee. De vijf lichamen eronder, ook allemaal stijf bevroren, namen elke vrije centimeter in beslag. Binnenkort zou ik weer met mijn zaag en het zuurbad in de weer moeten.
 Met al die klootzakken de laatste tijd vulde de vriezer sneller dan dat ik hem leeg kon maken. Ik trapte zijn lichaam aan de kant. Of misschien was het gewoon tijd voor een nieuwe vriezer. Als cadeautje voor mezelf. Het lichaam liet ik liggen. Ik nam een bad, om zijn vieze vingers van me af te spoelen en stuurde een paar halfnaakte selfies naar Joost. Fuck mijn trots, hij zou weten dat ik hem wilde…

…‘Is het een sexy verrassing?’ Ik werp Joost mijn meest verleidelijke knipoog toe. Doodzonde is het. ‘Ga maar kijken. Je komt er vanzelf achter. De lichtknop zit daar beneden, dus kijk uit waar je loopt.’ Ik wacht tot hij halverwege is, ver genoeg om nog een flinke rotsmak te maken en dan duw ik zo hard als ik kan, met mijn beide handen in zijn rug. ‘Fuck!’ schreeuwt hij, gevolgd door de klap van iets hards tegen beton. Het blijft stil. Één seconde. Twee seconden. Dan begint hij te schreeuwen. ‘Achterlijk wijf! Waarom deed je dat nou!’ Ik schijn naar beneden met de zaklamp. Joost ligt met zijn gezicht naar beneden op zijn buik onderaan de trap. Hij heeft letterlijk een duikvlucht gemaakt en als hij zich omdraait zie ik dat hij met zijn gebit op de grond terecht is gekomen, hij mist een paar tanden en heeft een bloedneus. Zijn van pijn vertrokken gezicht veranderd in een van afgrijzen als hij het ziet. Hij wil wegkrabbelen maar komt niet overeind. Misschien ook zijn enkel gebroken. Ik volg zijn blik. Vol in het schijnsel van mijn zaklamp ligt Tim. Of Tom. Of Timo. Nou ja, wat er van hem over is dan. Het warme weer heeft hem duidelijk geen goed gedaan, en nu ik voor het eerst in twee weken terug in deze kelder ben weet ik wel dat ik dus niemand meer twee weken kan laten liggen. Gadverdamme wat een vreselijke stank! Joost krabbelt zo goed en kwaad als het gaat aan de kant en ondersteunt zijn pols, zie ik. Dat is nogal een score, als zijn pols ook gebroken is. ‘Je bent gek!’ roept hij, en de bloedspetters spatten in het rond uit zijn mond. Ik loop kalm de trap af en druk op de lichtknop. Trots kijk ik om me heen. De verwilderde, angstige blik van Joost is het mooiste dat ik ooit heb gezien op zijn gezicht. 
In de verste hoek van de kelder staan twee zwaar verstevigde kooien. Ze lijken een beetje op benches maar ze zijn speciaal voor mij gemaakt in het buitenland, en ze kunnen volwassen mannen gevangenhouden, zonder moeite. De man die ze maakte dacht ik dat ik aan hardcore SM deed. Ik heb hem in die waan gelaten. Joost kijkt geschokt naar de kettingen. Ik kan ze overal ophangen hier beneden, want de muur hangt vol met haken. Alles is geïsoleerd, zodat ze zo hard kunnen schreeuwen als ze willen, maar de meeste mannen schreeuwen al niet eens meer als ze hier zijn aangekomen. Ik volg zijn blik naar de geïmproviseerde operatietafel, en het zeil op de grond met de kettingzaag uit de kringloopwinkel ernaast. Misschien moet ik de badkuip trouwens eens schoonmaken, want ik zie dat er bloedvegen langs de buitenkant zitten. Af en toe is het goed om je omgeving eens door de ogen van een ander te bekijken.
Dan lijkt hij eindelijk zijn stem terug te krijgen. ‘Wat is dit?’ Zonder antwoord te geven stap ik over Joost heen. Ik doe het kleine witte kastje open en ik voel zijn ogen branden in mijn rug. Ik zorg dat hij de injectiespuit niet ziet. Meestal krijgen ze die pas als ze al een paar dagen in de kooi zitten en me alles beloven om er maar uit te komen. Dat ze voor altijd bij me blijven, bijvoorbeeld. Als ze spijt betuigen wil ik ze best uit hun lijden verlossen. Ik kan het niet aan bij Joost. Ik wil hem niet zien lijden, ook al is hij de grootste klootzak tot nu toe. Met mijn linkerhand neem ik hem in de houdgreep en voor hij weet wat hem overkomt, heeft hij de naald al in zijn hals en verwoest de overdosis zijn lichaam van binnenuit. Hij schokt een paar keer heel heftig en dan voel ik hem verslappen in mijn armen. Misschien zou er nooit een ‘We’ zijn met Joost, maar nu net, heel even, was het alleen hij en ik. Ik schuif het lichaam aan de kant en haal mijn neus op. Het stinkt hier wel echt heel erg. Ik moet hier iets aan doen, voor een van mijn buren het gaat ruiken.


Een week later.
Ik kijk trots om me heen. De vriezer is leeg en het zeil is vervangen door een schoon zeil, waarop de badkuip staat te glimmen. Twee Jerrycans met zuur staan te wachten naast het afvoerputje, dat ik ook heb geboend tot ik mezelf in het deksel kon zien. Het ruikt lekker schoon naar bleek, en de ambi-pur in het stopcontact zorgt voor de resterende vage luchtjes. De zes lichamen die ik  in stukken heb gezaagd en heb opgelost in het zuur zullen vast gemist worden, maar ik heb hun telefoons mee vernietigd dus niets wijst op mij. Misschien zit er nog wat DNA in het afvoerputje maar dat is dan ook alles. Hun vrouwen denken vast dat ze er vandoor zijn met een van hun scharrels, en waarschijnlijk zijn ze zonder hen een stuk gelukkiger. Na verloop van tijd. Ik heb ze eigenlijk gewoon een dienst bewezen. Ik heb mezelf getrakteerd op een nieuwe kettingzaag en ik kan niet wachten tot ik hem de eerste keer kan gebruiken. Ik heb ook een klok opgehangen, want soms had ik het zo naar mijn zin dat ik vergat dat ik ook nog moest werken. Niet dat een Patholoog anatoom het nou zo druk heeft in Limburg, maar er moet toch brood op de plank komen. Niet iedereen heeft het geluk dat ze van hun hobby hun beroep kunnen maken.
Voor ik naar boven loop hang ik het nog even recht. Mijn nieuwste aanwinst. Een leuk bord in de vorm van een wegwijzer. ‘NIEMANDSLAND’ staat erop, in glimmende paarse letters. Hij wijst naar mijn vriezer. Leuk, voor wie ik vanavond mee naar huis neem…