Posts tonen met het label Bemyguest. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Bemyguest. Alle posts tonen

zaterdag 2 februari 2019

Hoe worden boeken beoordeeld...


Recensiesites gerecenseerd


Ik ben Baukje en ik schrijf recensies voor Thrillerlezers. Daar kunnen jullie me van kennen. Mijn recensies zijn hard en eerlijk. Heb ik van je boek genoten dan geef ik je gerust 4,5 kraai. Maar ook een dode kraai is al eens langsgekomen. Ik wacht nog op het boek dat ik 5 kraaien kan geven. Al ben ik me ook bewust van het feit dat de auteur niet zomaar 5 kraaien krijgt. Ik ben van mening dat je elke kraai moet verdienen, anders verliezen ze hun waarde. En voor die 5 kraaien moet je gewoon een foutloos boek schrijven. En nee, dan mag je van mij best een keer een lettertje fout schrijven. Auteurs zijn ook gewoon mensen tenslotte en ik ben niet van de taalpolitie. Maar die vijf kraaien is als die 10 voor je eindexamen, en ook die hebben maar weinigen gekregen.

Toen ik bij Thrillerlezers begon hoorde ik mensen tegen me zeggen: ‘Voor Ink schrijven? Tss, daar mag je nooit hoger dan een 2 van geven.’
Geloof me, dat is onzin. Dat zie je al aan mijn recensies, wat ik gaf hoger, en ze heeft het me ook nooit gezegd.
Elk boek dat ik lees vraag ik zelf aan. Daar heeft Ink geen invloed op, behalve dan dat zij het aanvraagt bij de uitgever. Soms vraagt ze me wel eens een boek te lezen maar ik weet dan nooit wat zij ervan vindt. Ze kan stoïcijns zijn hoor, die Ink.

Ik hoorde ook dat mensen, en dan zeker auteurs, bang voor Ink zouden zijn. Dus ik moest voor haar uitkijken.
Nu weet ik dat ze een grote waffel kan hebben en soms denk ik ook wel eens: ‘Oei, ik zou even tot tien geteld hebben.’ En dan zeg ik dat, dat ik het niet zo handig vond, wat ze eruit gooide. Nog nooit ruzie met haar gehad. Toch ken ik haar alweer een paar jaar. Wel een hoop leuke, lieve en hartelijke woorden.
Maar, zo zeiden ze, die angst kwam ook door haar slechte recensies en al die aan haar touwtjes hangende andere recensenten. En dan raakt me dat, want ik ben diegene die aan dat touwtje hang. Wat dus niet zo is.
Dus ik dacht, ik doe een onderzoekje. Naar recensies. Over thrillers. Ik heb de vijftig laatste thrillerrecensies van vijf recensiesites:

1.      Thrillerlezers
2.      Thrillers and More
3.      Leesclub De Perfecte Buren
4.      Graag gelezen (hier heb ik, enkele niet thrillers bij genomen omdat ik tot negen maanden terug ben gegaan en dan niet aan vijftig thrillers kwam).
5.      Samen lezen is leuker

Wat heb ik gedaan? Alle sterren, en kraaien, per website bij elkaar opgeteld en gedeeld door vijftig. Ook heb ik gekeken naar de variatie in cijfers. Daaruit kwam, kijkende naar het gemiddelde aan beoordeling, een top 5 uit.

1.      Graag gelezen met een gemiddelde van 4,3 sterren
2.      Samen lezen is leuker met een gemiddelde van 4,0 sterren
3.      Leesclub De Perfecte Buren met een gemiddelde van 3,9 sterren
4.      Thrillerlezers met een gemiddelde van 3,8 kraaien
5.      Thrillers and More met een gemiddelde van 3,6 sterren

Dus, hiernaar kijkende, zou de auteur het beste af zijn bij Graag gelezen. Maar is dat ook zo?

Graag gelezen gaf weliswaar een gemiddelde van 4,3 ster maar gaf maar 1 boek 3 sterren. De rest hoger. Die 3 sterren waren voor een feelgood. Niet voor een thriller.
Zeven boeken kregen 5 sterren.

Samen lezen is leuker, gaf een gemiddelde van 4.0 sterren. Vijf boeken kregen 3 sterren of lager en acht boeken verdienden er 5.

Bij De Perfecte Buren krijgt een boek gemiddeld 3,9 sterren. Twaalf kregen er 3 of lager en acht kregen er 5.

Thrillerlezers zit met 3,8 kraaien er een tiende punt onder. Zeventien boeken kregen een 3 of lager, acht titels streken met de hoogste eer van 5 kraaien.

Thrillers and More beoordeeld het laagst met 3.6 sterren. Zes kwamen niet boven de 3 uit en acht auteurs konden 5 sterren bijschrijven.

Laten we dan eens naar die laagste regionen kijken.
Alleen Thrillerlezers gaat lager dan 2 kraaien. Er zat ook een dode kraai bij. Die gaf ik overigens zelf.
De Perfecte Buren deelde één keer 2 sterren uit maar dat was ook de minste.
Bij Samen lezen is leuker was 2,5 ster het dieptepunt.
De andere twee geven 3 sterren aan hun slechtste boek.

Ik denk dat je zowel auteurs, alsook uitgeverijen en lezers alleen recht doet door alle cijfers te durven geven.

Mijn kinderen krijgen bij rommelwerk op school ook gewoon een 1. Dan kan ik (uitgeverij), of mijn kind (auteur) of diens vriendjes (lezers) verhaal gaan halen bij de docent (recensent) maar als het kind het niet goed heeft gedaan heeft hij het niet goed gedaan. Daar kan hij boos om worden, verdrietig, gaan schelden. Of hij kan nog eens naar de opmerkingen van de docent kijken en denken, die fouten moet ik de volgende keer niet meer maken. Doet het kind het daarna beter dan krijgt het geen 1 meer. Gaat het foutloos dan staat er zo maar een tien op zijn toets.

Waarom zou dit voor boeken anders werken? Omdat auteurs zo hard hun best hebben gedaan? Er zoveel werk in hebben gestoken?
Nee. Want als recensent beoordeel je het resultaat en niet de inzet. Rot maar jammer. Daarom heet het een recensie. Een recensie is een kritische bespreking van een product. Inzet en tijd zijn geen producten.
Ook sympathiek, onaardig, net gescheiden, ziek geweest, verhuisd, moeder overleden, het doet er niet toe. De lezer betaalt voor dat product en kan het niet schelen wie die auteur is of welke shit het heeft meegemaakt. Hij moet net zoveel geld betalen voor het boek van die auteur die lachend door het leven gaat, als dat van die auteur voor wie het even niet mee zit. Behalve als het non-fictie is. Want dan staat die shit in een boek en wordt het een product.

Conclusie:

Thrillerlezers heeft de grootste variatie in beoordelingen. Van 0 tot en met 5 kraaien. Als we dan kijken dat van de vijftig beoordelingen er vijfentwintig of gemiddeld (3 is tenslotte een mooi gemiddeld boek) en lager is, of juist subliem op 5 kraaien zit, durf ik te stellen dat de auteur daar het beste zit met zijn/haar boek.
Krijg je 5 kraaien dan heb je die ook verdiend. Krijg je er 1 dan weet je dat je eerst nog wat te leren hebt. 

Leesclub De Perfecte Buren is een goede tweede. Bij hen zaten twintig van de vijftig boeken bij de gemiddeld tot laag of bij de top.

Daarna komt Thrilles and More met 14, Samen lezen is leuker met 13, en Graag gelezen met 8. Waarvan dus maar één boek 3 sterren kreeg. De andere zaten op 3.5 tot 5 sterren.


Nu heb ik geenszins dit onderzoekje gedaan om andere recensiesites af te kraken. Dat heb ik naar mijn idee ook niet gedaan. We doen allemaal ons ding en niemand van ons krijgt ervoor betaald. Dat neem ik aan tenminste.
Maar ik was het meer dan zat dat er steeds zo negatief werd gedaan over de recensies van Thrillerlezers en over het feit dat Ink aan al die touwtjes zat te trekken met daaraan de hand met pen van elk van haar recensenten. Het klopt niet, blijkt uit wat ik gewoon met simpel zoekwerk, in plaats van met elkaar na roeptoeteren, heb gevonden.

Ik heb, net zoals dat ik mijn recensies schrijf, gewoon de feiten onderbouwd. Een recensie over recensiesites dus.











zaterdag 19 januari 2019

Wie is onze nieuwe columnist?

Angelique Haak en Tjeerd Langstraat
Tjeerd Langstraat is een echte Rotterdammer: direct, soms op het botte af, recht door zee en een niet lullen maar poetsentaal. Hij schreef drie boeken, waarvan de laatste RÄV vorig jaar begin oktober uitkwam. Een thriller zoals een thriller moet zijn: keispannend en lekker geschreven.
In 2013 schreef hij Villa Gladiola, zijn eerste thriller en goed voor twee vakjury nominaties en een lezersjury prijs voor beste Nederlandstalige debuutroman in het spannende genre. In 2017 verscheen zijn tweede thriller, Eeuwig Donker. Met dit boek won hij een Indie Award voor Beste Boek 2017. The Indie Awards zijn dé literaire boekenprijzen voor auteurs die hun boeken in eigen beheer uitgeven. 

Voor ons schrijft hij dit nieuwe jaar nu een vijftal columns. Heel binnenkort verschijnt de eerste.

zondag 30 december 2018

Tamara Haagmans over haar 2018


En voor je het weet is het weer December, is het weer het einde van het jaar en gaan mijn vingers weer jeuken om op te schrijven ‘Wat ik dit jaar heb meegemaakt.’ Terwijl mijn vingers over mijn toetsenbord schieten is er één knop waar echt constant een vinger op zit. De Backspace. ‘Dat interesseert toch niemand,’ zeg ik tegen mezelf en haal de alinea waar ik net een half uur over gedaan heb weer weg. Ik typ opnieuw iets, maar ook dat verdwijnt even later. ‘Geen idee waarom ik dat uberhaupt opschreef.’ Brom ik tegen mezelf. En zo gaat dat een uur door.

Tuurlijk, het is leuk om te lezen wat Stephen King het afgelopen jaar heeft gedaan, en wat hij denkt het volgende jaar te gaan doen, maar ik ben geen Stephen King. Het boeit echt helemaal niemand of ik een signeersessie heb gehad, of een boekpresentatie, of dat ik helemaal naar Amsterdam ben gegaan om een half uurtje over de grachten te varen en weer terug naar huis te gaan. En toch blijf ik het typen. Ook nu weer. Het is me al gelukt om een halve bladzijde te typen met dingen-die-niemand-interesseren. En jij leest gewoon door, ook al staat er helemaal niets 😉

Eigenlijk staat mijn leven nogal op z’n kop sinds februari, toen mijn korte verhaal besloot dat het toch een heel boek wilde worden. Een beknopte samenvatting dan maar?
Schreef een kort verhaal-besloot er een boek van te maken-bezocht een aantal uitgeverijen-deed wat kennismakingsgesprekjes-was soms een hele dag onderweg voor een gesprek van een uurtje (9u weg, 23.30 pas weer thuis)-bracht mijn trouwdag door op de uitgeverij- zat met mijn man vijf uur in de auto om heerlijke hamburgers te eten vlakbij Amsterdam- en uiteindelijk tekende ik een contract voor een feelgood bij Luitingh sijthoff die in de zomer uitkomt als alles goed gaat.

Dus misschien, heel misschien, is mijn jaaroverzicht volgend jaar wel interessant…en willen jullie volgend jaar -net als bij Stephen King- wél weten hoe mijn jaar is geweest. Tot die tijd, met je het hiermee doen. En met mijn beste wensen voor het komende jaar, voor iedereen die ze maar hebben wil! Wees voorzichtig met vuurwerk en met je vingers want er is niets zo vervelend als een bladzijde moeten omslaan met een stompje.

DIKKE KUS!

zaterdag 29 december 2018

2018 door Yvonne Franssen


Januari

Een stormachtige woensdag. Het KNMI waarschuwt voor zware windstoten en geeft een code oranje uit. Terwijl buiten de wind aanwakkert, daalt binnen juist een vreemde stilte neer. Mijn manuscript is af. Zomaar ineens. De afgelopen weken heb ik me suf lopen piekeren over hoe ik dat allerlaatste losse eindje moest wegwerken. Vandaag diende zich de oplossing aan. Ik hoefde er niet eens over na te denken, ik schreef het gewoon op alsof ik het al die tijd al wist.
Ik sla het document op, ruim 77.000 woorden met als werktitel Schaduwen. Wat zal ik doen, morgen het hele verhaal nog een keer rustig doorlezen of meteen mailen? Ik aarzel. En besluit nu meteen te mailen. Weg ermee.

Februari

In Zuid-Korea zijn de Nederlandse schaatsers succesvol op de Olympische Winterspelen. In Nederland ziet minister Halbe Zijlstra zich genoodzaakt om op te stappen nadat hij met iets te veel fantasie heeft uitgeweid over zijn relatie met Valdimir Poetin. Ik voel me ook succesvol. De heren van Futuro Uitgevers, met wie ik in november 2017 heb kennisgemaakt en die ik daarvoor al de eerste hoofdstukken van mijn manuscript had toegestuurd, zijn onder de indruk van het eindresultaat. Míjn fantasie heeft een uitgever gevonden!

Maart

Poetin wint de Russische verkiezingen, in Engeland worden een Russische dubbelspion en zijn dochter vergiftigd, en de wereldberoemde wetenschapper Stephen Hawking overlijdt. Weinig reden voor een feestje zou je denken, maar niets is minder waar. Futuro Uitgevers bestaat namelijk drie jaar en dat moet gevierd worden! Ik rij naar Amsterdam voor een gezellige middag met collega auteurs en bitterballen, en het voelt net echt! Te midden van alle gesprekken over manuscripten en coverontwerpen en toekomstdromen besef ik dat het daadwerkelijk gaat gebeuren, dit jaar gaat mijn nieuwe thriller verschijnen!

April

Het gaat me allemaal niet snel genoeg. De redacteur heeft het druk, de heren uitgevers ook, iedereen heeft het druk. Iedereen behalve ik. Ik wil van alles, maar er valt even niets te willen. Ik sta in de wacht.
Eind april pleegt de 28-jarige Zweedse DJ Avicii zelfmoord. Uit de nieuwsberichten concludeer ik dat deze talentvolle jongen is bezweken onder de druk van zijn succes. Dat zet zaken in perspectief.

Mei

Israël wint het Eurovisie Songfestival en de Belgische film Girl wint vier prijzen op het Filmfestival van Cannes, waaronder de Caméra d'Or, de prijs voor het beste debuut.
Ik ben aan prijzen winnen (nog) niet toe, maar ik krijg wél mijn manuscript ter correctie retour van de redacteur. Als ik vluchtig door de verbeteringen en opmerkingen scrol, constateer ik tevreden dat het allemaal nogal mee lijkt te vallen, hier en daar staat er tot mijn genoegen zelfs een compliment in de kantlijn.

Juni

De Amerikaanse president Trump ontmoet de Noord-Koreaanse leider Kim Jong-un. Het wordt een top genoemd, maar meer dan een zeer vrijblijvende intentieverklaring levert het niet op. Ik ben druk in de weer met het opdoen van sublieme ideeën voor de cover van mijn boek. Niet te cliché en voor de hand liggend maar wel als thriller herkenbaar is het plan. Ik voer tientallen zoekwoorden in op diverse stockfoto websites en scrol door honderden foto’s met als eindresultaat dat ik geen flauw benul meer heb van wat ik wel en niet mooi vind. Ik stuur een mailtje naar de uitgever of  “iets met een detail” niet een goed idee is. Ze gaan ermee aan de slag.

Juli

In Thailand worden de voetballertjes van een lokaal voetbalelftal en hun trainer gered uit de ondergelopen grot Tham Luang, waarin ze sinds 23 juni vastzaten. Op een aanzienlijk minder dramatische manier zit ik zelf ook een beetje vast. Ik heb dé locatie voor mijn aanstaande boekpresentatie op het oog, maar ik wil de eigenaar pas benaderen als de cover klaar is en alle vormgevers zijn op vakantie of heel druk. Ik moet geduld hebben, maar geduld is niet mijn sterkste kant.

Augustus

Terwijl zwemmer Maarten van der Weijden een dappere poging doet om de route van de Elfstedentocht zwemmend af te leggen, en daarmee meer dan vijf miljoen euro ophaalt voor onderzoek naar kanker, geniet ik van mijn eigen kleine triomfen. Niet alleen bereiken we overeenstemming over de cover van Schaduwen, op 9 augustus komt het boek – twee weken eerder dan verwacht – al uit! Op 25 augustus presenteer ik in een overvolle hoeve Heerenhof ’t Voorhuys vol trots mijn vierde thriller. Saillant detail is dat deze voormalige boerderij de plek is waar in het boek hoofdpersoon Ellen woont.



September

Mijn eigen kleine wereldje is er een van aangename verrassing en triomf. Ik mag op lokale radio en tv komen vertellen over mijn boek, en de ene na de andere lovende recensie verschijnt.
Op 20 september komen bij een spoorwegovergang in Oss vier kinderen om het leven als een Stint in botsing komt met een sprinter van NS. De bestuurster van de Stint raakt zwaargewond. Nederland is in diepe rouw. Mijn bubbel van gelukzaligheid knapt uiteen.

Oktober

Naast mijn (bijna) dagelijkse versjes, blogs, korte verhalen en boeken ga ik nu ook een maandelijkse column schrijven. Op de online lezers community Hebban sta ik wekenlang in de top 10 van populairste auteurs. Ik sluit de maand in stijl af met een dagje Thrillerfestival in Zoetermeer. Het wordt een fijne dag vol gezellige ontmoetingen met collega auteurs, lezers en recensenten. In de wereld gaat het er minder gemoedelijk aan toe. In een synagoge in de Amerikaanse stad Pittsburgh schiet een antisemitische man elf gebedsgangers dood, en een Boeing 737 met 181 passagiers en 8 bemanningsleden aan boord stort in de Javazee. Niemand overleeft het ongeluk.

November

Op diverse plaatsen in Europa wordt het einde van de eerste wereldoorlog herdacht. In China vallen 15 doden door een busongeluk, nadat een van de passagiers slaags was geraakt met de chauffeur. In Tanzania verklaart een gouverneur de jacht op homoseksuelen geopend en in een Californische bar schiet een schutter twaalf mensen dood. We hebben de afgelopen eeuw niet veel bijgeleerd.
Iets minder dan een eeuw geleden, drie maanden om precies te zijn, kwam Schaduwen uit. Er waren fantastische recensies, er was radio en tv, er was een thrillerfestival en een signeersessie, er zijn inmiddels prachtige ‘Schaduwen’boekenleggers en er staan voor 2019 al een paar leuke activiteiten op het programma. Toch knaagt de onrust aan me. Schaduwen heeft een geweldige start gemaakt, hoe nu verder?

December

Op het moment dat ik dit schrijf is het 8 december. Sint is met al zijn zwarte-/roetveeg-/regenboogpieten terug naar Spanje. Tegen de kerstman lijken vooralsnog geen zwaarwegende bezwaren te bestaan.
De tijd van jaaroverzichten en lijstjes is aangebroken. Ook de recensenten van Bol.com hebben lijstjes gemaakt en Schaduwen heeft een derde plaats weten te veroveren in de favoriete Top 5 van een van de thrillerrecensenten. Daar ben ik best een beetje trots op.
Er vanuit gaande dat er in de resterende dagen van 2018 geen rare dingen meer gebeuren, constateer ik dat er op mondiaal niveau veel te verbeteren valt, maar dat 2018 voor mij persoonlijk een goed jaar was. Ik zet dus de champagne alvast koud om het nieuwe jaar feestelijk te kunnen verwelkomen. Zie ik jullie daar?


vrijdag 28 december 2018

Jaaroverzicht Esther Boek


Het jaar 2018 van Esther Boek

Het jaar 2018 zit er bijna op. Wat was het voor jaar? Welke lering kunnen we trekken uit dat wat er dit jaar gebeurde, zodat 2019 verdraagzamer en respectvoller wordt?
Voor mezelf pak ik nu meteen de kern van 2018. Iets dat al eerder is ingezet, maar wat mij meer en meer tegen de borst gaat stuiten. De onverdraagzaamheid, respectloosheid en onverholen haat naar mensen die een andere mening, een andere manier van leven, of een andere beleving hebben dan jij. In rap tempo veranderen we van een maatschappij in een haatschappij. Laten we samen zorgen dat dit niet het ‘Woord van het jaar’ van 2019 gaat worden.

Het ‘Woord van het jaar’. Dat is wel een mooi draadje tussen mijn werk als auteur en het beschrijven van 2018.

Blokkeerfries: elk van de personen die in Friesland een wegblokkade hebben opgezet om anderen te verhinderen te demonstreren tegen een aspect van de sinterklaastraditie, door sommigen beschouwd als verdediger daarvan.
Ja, die blokkeerfriesen. Volwassenen die zich gedragen als dreinende kleuters omdat anderen een spelletje op een andere manier willen spelen dan zijzelf. Overigens zijn die anderen geen haar beter. Dat zijn mensen die een feestje voor kinderen misbruiken om in een voor hen comfortabele positie van slachtoffer te rollen.
Waarschijnlijk raak ik nu heel veel gevoelige snaren. Maar wanneer door het kinderachtige gedrag van volwassenen de echte kinderen in het gedrang komen, dan spijt me dat niet.
Als ik het woord ‘blokkeerfries’ een positieve betekenis ga geven denk ik aan Maarten van der Weijden. Hij blokkeerde in de Friese wateren, waar hij zijn eigen gezondheid op het spel zette om anderen te helpen. Hij nam zijn volwassen verantwoordelijkheid om geld in te zamelen voor kankeronderzoek. Omdat kanker, net als Sint en Piet, iedereen raakt. Al zal niemand de straat op gaan om zich kanker op zijn eigen manier toe te eigenen. Maarten van der Weijden haalde niet alleen bijna vijf miljoen euro op. Hij liet Nederland zien dat mededogen, medeleven en respectvol zijn nog steeds woorden zijn die we kennen en kunnen uitvoeren.
Net als Virgil van Dijk die, voorafgaande aan Duitsland – Nederland, zag dat een kind dat meeliep op het veld, het koud had. Hij trok zijn trainingsjasje uit en gaf dit aan het verkleumde kind. Na de wedstrijd sloeg hij zijn armen om de scheidsrechter heen en wenste hem veel sterkte met het verlies van diens moeder. De scheidsrechter had in de rust te horen gekregen dat zijn moeder was overleden. Virgil van Dijk liet zien dat het in het kleine gebaar zit. Dat je niet hard hoeft te schreeuwen om dat te geven wat de wereld nodig heeft, mededogen en aandacht.

Bomcycloon: zich zeer snel ontwikkelende (winter)orkaan, waarvan het effect verwoestend kan zijn.
Dit jaar hadden we, in Nederland, weinig last van verwoestende orkanen. In plaats daarvan genoten en sidderden we onder een zomer die eindeloos leek te duren. Voor mij was het een zegen, terwijl er zeker mensen zijn geweest voor wie het allemaal wat minder mocht.
Het Atlantische orkaanseizoen 2018 telde acht orkanen. Met name Florence en Michael hadden verwoestende gevolgen.
Overigens zorgden niet alleen de orkanen voor slachtoffers in Amerika. Het geweld door mensenhanden nam schrikbarende vormen aan en de wapenwet kwam regelmatig onder vuur te liggen. Zelfs Donald Trump, toch een Republikein, riep het congres op om met een strengere wapenwet te komen. Een week daarvoor had hij nog geroepen dat hij leraren wilde bewapenen om zo scholen beter te beschermen.
En hierin laat onze menselijke bomcycloon zich weer van zijn meest snel ontwikkelende kant zien. Maar daar waar bij natuurlijke bomcyclonen de resultaten snel zichtbaar zijn, weet je bij Trump nooit of het om leugens, fakenieuws of waarheid gaat.

Vliegschaamte: schaamte die iemand ervaart als hij of zij gebruikmaakt van een vliegtuig terwijl er minder milieubelastende alternatieven zijn om zich te verplaatsen.
Dit jaar vloog ikzelf voor het eerst in mijn leven. Voor velen misschien ongebruikelijk, maar voor mij was het er nog nooit van gekomen en was het ook nooit noodzakelijk geweest. De vliegschaamte ken ik dan ook niet en ik begrijp hem überhaupt niet.
Als we ‘schaamte’ definiëren komen we uit op ‘onaangenaam gevoel dat je wilde dat je iets niet of anders had gedaan, of dat je ergens anders was’.
Voor mij sluit in 2018 schaamte veel meer aan bij de genderneutraliteit en homoseksualiteit waarvoor er nog steeds mensen in Nederland zijn die zich daarvoor schamen, of er in elk geval niet voor uit durven te komen. En daar moeten we ons, als land, dan weer voor schamen.
Zeventig procent van de niet hetero’s krijgen in hun leven te maken met geweld, in al zijn diversiteit, puur om het feit dat ze niet hetero zijn. Duizend aangiftes per jaar waarvan er slechts drie tot een veroordeling komen. In april kondigde de minister van Justitie aan dat er een actieplan zou komen tegen homogeweld, maar een half jaar later is het bij slechts de mededeling van dit plan gekomen. Beide is zorgelijk. Dat er een plan komt dat kennelijk nodig gevonden wordt, en dat het bij een plan blijft. Maar ook dat er überhaupt een plan moet komen ter bescherming van iets dat onder de noemer liefde valt.
Zelf heb ik me met grote regelmaat verbaasd als ik berichten las op sociale media. Dat het niet zijn van hetero gezien wordt als abnormaal, vies en ziek, schokt mij enorm. Dat in deze discussie ook vaak de pedofielekaart getrokken wordt en homoseksualiteit daarmee op één hoop wordt gegooid maakt me zelfs boos. Daar waar pedofilie niets te maken heeft met gelijkwaardigheid is dit bij homo’s en lesbiennes wel het geval. Het vergelijk is dan ook niet alleen onwaar, maar ook kwetsend.
In 2018 werd ook het eerste genderneutrale paspoort uitgereikt. Ook dit zorgde uiteraard voor veel ophef. Zelf heb ik niet echt een menig hierover, omdat ik het me moeilijk vind voor te stellen waarom je geen man of vrouw wilt zijn, maar onzijdig. Maar dit zegt eerder iets over de grens van mijn inlevingsvermogen dan over het feit dat het uitreiken van dit paspoort stom, belachelijk of wat dan ook is. Voor degene die het ontvangen heeft is het kennelijk een grote toevoeging voor de geluksbeleving. Wie ben ik dan om daar wat van te vinden, laat staan het te veroordelen. Ik slaap namelijk geen nacht minder bij het uitreiking van dit paspoort, eet er geen boterham minder om en hoef me er niet voor te verantwoorden.

Mangomoment: geluksmoment dat een ernstig zieke patiënt beleeft door een ogenschijnlijk onbeduidende, niet-medische handeling of opmerking van een arts, zorgverlener, mantelzorger e.d. tijdens normale zorgactiviteiten
Zo’n mangomoment, dat willen we toch allemaal wel hebben. Uiteraard niet de ernstige ziekte, maar wel het stukje empathie. Zullen we dat meenemen voor 2019? Dat we zorgen voor minder bomcyclonen en meer mangomomenten? Dat we als echte blokkeerfriesen gaan optreden tegen verharding en schoffering van onze maatschappij. Dat we massaal onze gele hesjes aantrekken als we zien dat verdraagzaamheid, menselijkheid en tolerantie in het geding komt? Dat we onze vliegschaamte gaan omzetten in maatschappelijke schaamte en dat dit besef zorgt voor meer barmhartigheid en acceptatie.
En laten we, zo op de grens van 2018 naar 2019, even stilstaan bij hen die achterbleven, en zo op deze manier een virtueel mangomomentje te gunnen. Stilstaan bij de onbekende bekenden, en bij de bekende onbekenden.
Mies Bouwman, Stephen Hawking, Avicii, Renate Dorrestein, John Lanting, Aretha Franklin, Kofi Annan, Mac Miller, Anneke Grönloh, Sjoukje Hooymaayer, Koos Alberts, Charles Aznavour, Jamal Khashoggi, Wim Kok, Dave Mantel, Aat Veldhoen, en natuurlijk de slachtoffers van het drama in Oss. Met sommigen sloten we een periode af, anderen hadden nog een heel leven voor zich. Vele al een legende bij leven, maar ook waren er mensen bij waarvan juist hun dood nationale en internationale bekenden van ze maakten.

Persoonlijk was 2018 voor mij een redelijk relaxed jaar, na een groot aantal jaren waarin doorgaan zonder te voelen, sterk op de voorgrond stond. Een saai jaar, maar wel op een aangename manier.
Ik ging op vakantie, gewoon in eigen land. Want waarom honderden kilometers rijden voor de zon als deze ook in Nederland volop schijnt.
Mijn moeder werd vijfenzeventig en dat vierden we met een heerlijk dineer en ik trakteerde haar op de tentoonstelling ’25 jaar Viktor en Rolf’ en een dagje Rotterdam.
Met mijn jongste genoot ik van Groots met een zachte G en deden we onze Brabantse roots eer aan.
In de Belgische Ardennen vierden we Sinterklaas en Kerst in één weekend en bewonderden sprookjesachtig Durbuy.
Mijn eerste vliegreis in mijn leven ging naar Portugal, waar ik vijf dagen op schrijfretraite ging bij collega Marelle Boersma.
En zo deed ik nog veel meer kleine en grotere dingen met een groot geluk.
Hangen op de bank met chocolade en thee.
Musea bezoeken met de Museumkaart. Want dan is het zo lekker Hollands gratis.
De honden uitlaten, de zon op mijn rug.
Werken met kinderen en genieten van de opmerkingen die ze maken, hun verfrissende kijk op het leven.
Ik deed mee aan een experiment van Vrouwenthrillers en schreef met negen andere auteurs een thriller.
Jureerde voor SweekStars en ontdekte nieuwe talenten.
Schreef een verhaal voor de verhalenbundel van De Schrijversacademie ter ere van hij vijfjarig bestaan.
Ik ontmoette veel lezers en signeerde tientallen boeken op de Margriet Winterfair.
Mijn debuut ‘Geen kind meer’ kreeg de vierde druk.
En ik voltooide ‘De perfecte moeder’. Mijn tweede boek, een spannende psychologische roman die 4 april 2019 het levenslicht ziet. Een verhaal over liefde en haat, over opgroeien binnen systemen waaruit het moeilijk losmaken is, over verraad en geborgenheid. Over echte mensen, zoals jij en ik, in situaties waarin we niet willen zitten, maar zo in terecht kunnen komen.

Voor nu wenst mij niets anders dan iedereen een inspirerend en verdraagzaam 2019 te wensen. Laat de harde woorden achterwege en spreek wat vaker over mooie dingen. En besef dat het spreekwoord ‘Spreken is zilver, zwijgen is goud’, met een reden is ontstaan.
 Laten we er een zilveren jaar van maken, met een gouden randje.

Esther Boek

woensdag 26 december 2018

Test van de boekenpoef

De boekenpoef, of bookseat, is inmiddels al weer enkele jaren op de markt als handig hulpmiddel voor mensen die hun boek niet goed kunnen of willen vasthouden. Thrillerlezers! was erg benieuwd naar het nut van dit item en besloot dan ook de boekenpoef te testen op handigheid.

De e-reader
Met de KOBO e-reader op de poef leest het erg prettig. De reader staat in de goede hoek en is zowel op schoot als op tafel geplaatst erg handig. Het gebruik van de boekenpoef in combinatie met de e-reader ontlast de nek en handen.
Ook ideaal om tijdens het eten nog verder te kunnen lezen. Het omslaan van de bladzijde werkt met het touchscreen van de KOBO net zo goed met als zonder boekenpoef.
Een dikke 4 sterren.

De tablet
Ik heb de boekenpoef getest met de 10 inch tablet van Samsung. 
Met de boekenpoef op schoot is dit een slechte combinatie. De tablet is dan aan de grote kant en te zwaar, waardoor het geheel naar achter wegzakt. Op tafel is dit al veel beter. 
De "knoppen" op het touchscreen voor het terugkeren ed. zijn niet makkelijk te bereiken. Ze zitten namelijk achter het stukje plexiglas. Voor het internetten of spelletjes doen is de boekenpoef dus geen goede combinatie met een tablet. Een boek lezen of een filmpje kijken kan wel, mits de boekenpoef op tafel is gezet. 
2,5 ster.


Het boek
De boekenpoef is in eerste instantie voor echte boeken bedoeld. Het boek wordt door de strip van plexiglas op de boekenpoef dan ook goed open gehouden. Bij het bladzijde omslaan moet de strip gekanteld worden. De strip drukt ook behoorlijk tegen het boek aan en beschadigt het boek. Ik heb dan na een aantal bladzijden besloten om het boek maar weer gewoon vast te houden. Voor iemand die zuinig op zijn boeken is dus geen handig item.

Het boek zakt steeds snel schuin en is moeilijk goed rechtop te zetten.
Door het beschadigen en het steeds omklappen van de plexiglasstrip is de boekenpoef voor mij geen handig ding bij gebruik met echte boeken, terwijl me de poef vooraf juist voor echte boeken zo handig leek.
Met echte boeken voor mij 2 sterren, waarbij het beschadigen zwaar meetelt.


Conclusie:
Lees je veel e-books op tablet of e-reader, dan is het een handig ding. Kan het je niets schelen dat je boeken beschadigen en je steeds een extra handeling moet verrichten bij het omslaan van een bladzijde, dan is de aanschaf van een boekenpoef het overwegen waard als je graag handsfree wilt lezen.


Renée

zaterdag 8 december 2018

Over De ontdekking van Harlan Coben

Rob Steijger is freelance redacteur.  Over zijn werk schrijft hij regelmatig op een onregelmatig tijdstip blogjes over de boeken die hij redigeert.  Vanaf nu kan je zijn blogjes ook bij ons lezen. Hier is nummer 1.
Op LinkedIn deel ik nu en dan de titel van het boek dat ik persklaar heb gemaakt (uitgeversjargon voor redigeren). Dan betreft het ofwel een boek waar ik veel werk aan had, ofwel een boek waarvan ik vind dat iedereen het zou moeten lezen. En soms beide.
Vorige week leverde ik de persklaar gemaakte vertaling in van de nieuwe Harlan Coben, De ontdekking (die wat mij betreft De waarheid zou moeten heten). Een van zijn beste vond ik, en ik deelde hem als volgt op LinkedIn:
Dat ik zo met Harlan Coben dweep is niet alleen vanwege zijn kunst om personages tot leven te schrijven en zijn ingenieuze, onvoorspelbare plots. Het is vooral omdat hij met elk boek lijkt te willen zeggen: niemand is perfect, iedereen maakt misstappen, iedereen heeft zijn zwakheden en iedereen heeft zijn grenzen. Daar is niets fictief aan.
Als je op het linkje klikt dan zie je als eerste een ‘pluim’ van Stephen King: ‘geweldig’. Ben ik met hem eens, maar volgens mij is hij niet helemaal neutraal: King en Coben zijn waarschijnlijk vrienden. Dat denk ik omdat Coben een glansrolletje heeft in Kings De buitenstaander, die ik toevallig voor THB persklaar mocht maken (daar schreef ik eerder over), en in De ontdekking wordt een Stephen King-boek genoemd. Vast geen toeval, maar het kan zijn dat ik me door al die thrillers een detective begin te wanen en verbanden zie die er niet zijn.
Anyhow, hij verschijnt in maart. Inclusief twee woordgrapjes van mijn hand, mits de vertaler en bureauredacteur die erin laten staan.

vrijdag 3 augustus 2018

Een omslag!

Het leek eeuwen te duren, maar het verliep allemaal keurig volgens plan. En nu was dan het moment aangebroken om serieus met de omslag van mijn aanstaande boek aan de slag te gaan. Er was al over gesproken, er was over nagedacht, nu moest het gaan gebeuren. 

Ik bekeek honderden omslagen van bestaande thrillers. Het verbaasde me hoe weinig ik er daadwerkelijk mooi vond. En hoeveel de covers die ik wél mooi vond op elkaar leken. En hoe weinig aandacht ik normaliter aan een omslag besteed. 

Ik scrolde door de foto’s die ik afgelopen winter en voorjaar had gemaakt. Mijn verhaal speelt zich af in en om de bosrijke omgeving van Montfort, een stadje in Midden-Limburg. Het toeval wil dat ik – net als hoofdpersoon Ellen - veel in de Montfortse bossen rondzwerf, tijdens mijn dagelijkse wandelingen met de honden. Tijdens die wandelingen maak ik regelmatig foto’s, het zou natuurlijk zomaar kunnen dat er een geschikte omslagfoto bij zat! Maar dat was niet zo. Hoe sfeervol of onheilspellend mijn landschappen ook waren, als omslag voor een spannend boek vervielen ze tot afgezaagd en saai. Het moest anders! 

Om inspiratie op te doen voerde ik allerlei verschillende zoekopdrachten in op diverse stockfoto websites. Ik bekeek honderden foto’s van donkere bossen, omgevallen fietsen, angstige vrouwen en boze mannen. Ik overlegde met de uitgever, en we kwamen tot de conclusie dat we dat niet wilden. 

Een omslagontwerper werd ingeschakeld en bijgepraat, en een dag later was er een eerste ontwerp. Ik schrok ervan en was tegelijkertijd enorm geïntrigeerd. Ik kon nauwelijks besluiten of ik het heel erg mooi of juist afschuwelijk vond. Wel was overduidelijk dat het de aandacht trok en vasthield, en dat was precies wat we wilden. Dus na wat e-mails over en weer over kleur en lettertype en indeling, had mijn boek een omslag! Zonder bomen en schaduwen en donkere wolken en verlaten schuren, maar met een sleutel. 
 
Een sleutel. Een detail. Een symbool. Iets om over na te denken.

Yvonne Franssen


Meer columns en veel meer van Yvonne Franssen kan je lezen op  haar website

zaterdag 26 mei 2018

Tammy is back (gelukkig)


‘Is het niet langzaam tijd voor nieuwe colums’ vraagt Ink zich af in mijn messenger.
‘Alweer?’ stuur ik terug. Ik had er al drie gestuurd die nog helemaal niet geplaatst waren. Nu kon ik me best voorstellen dat ze misschien niet goed genoeg waren, maar niet dat ze dat dan niet gezegd had. Dus vroeg ik het toch maar na.  We stuurden wat berichten over en weer, en het bleek dat ergens op de digitale snelweg iets verloren is gegaan. Of het bij mij de deur niet uit is gegaan, op bij Ink niet binnen is gekomen weet ik niet, maar feit was dat ik ook niet meer had. En dus moest ik iets nieuws schrijven. Eitje.

Ik ging ervoor zitten. Bedacht ineens een perfect hoofdstuk voor mijn huidige project. Dus dat schreef ik eerst, want ik had toch tijd genoeg. Vervolgens een mailtje van een redacteur, of ik even ergens naar kon kijken. Dat deed ik, stuurde een bericht terug en opende mijn bestand voor Ink weer.  Mijn aandacht was helemaal weg op het moment dat ik een covervoorstel van m’n belgische uitgever kreeg. Ik moest dat natuurlijk bestuderen, aan mijn man doorsturen, advies vragen. Dat duurde gelukkig niet al te lang, want hey, Ink was nog steeds aan het wachten.

Ik ging weer zitten. Ik wist wat ik zou typen. Ik was langs een raar ‘ding’gereden en daar zou ik een column over schrijven. Hij zat al in mijn hoofd, moest alleen nog op papier. Ik had twee woorden getypt toen de bel ging. Iemand voor de verwarmingsketel. Dus eerst die man maar geholpen. Inmiddels begon ik me aardig te irriteren en zette ik internet gewoon uit. Mailtjes, appjes en al die dingen konden best even wachten, IK WAS BEZIG.  Ik wachtte op de verwarmingsmeneer, duwde hem vriendelijk maar beslist de deur uit, en nam weer plaats achter mijn laptop. Toen kwam mijn zoon uit school. Ik was op dat moment ongeveer op het punt dat ik mijn haren uit mijn kop wilde trekken.

Natuurlijk moest kind even zijn ei kwijt, in de tussentijd zette ik de wasmachine maar aan en zette het avondeten al klaar. Toen kind klaar was, was de wasmachine ook klaar. Dus ik hing de was op, ruimde de vaatwasser uit, en begon aan het eten. Mijn man kwam thuis. Eten. Vaatwasser weer inruimen. Was afhalen, was vouwen, vergadering. Om 23.00 kwam ik thuis. De laptop met het lege bestand met de knipperende cursor stond nog steeds op tafel. Ik zou kunnen zweren dat ik hem hoorde lachen. Mij hoorde uitlachen om precies te zijn.

Lieve lezers, of mensen die hier toevallig terechtkomen. Ik ben jullie echt niet vergeten. Ik had alleen even wat dingen aan mijn hoofd en merkte dat je ergens een keer ‘NEE’ moet zeggen. Hoewel ik liever ‘Nee’ had gezegd tegen de vaat, of tegen de wasmachine, heb ik net een paar keer te vaak ‘Nee’ tegen de laptop gezegd. Maar don’t worry!

SHE’S BACK!!!!

zondag 25 maart 2018

Column Mariska Overman


Oei, wat spannend…

Na twee gepubliceerde thrillers, en een derde in de maak, is het thema ‘spanning’ wel een dingetje geworden. Voordat ik zelf die boeken schreef, had ik een eigen idee over wat wel of niet spannend is, en ik stond er nooit zo bij stil dat ‘spannend’ een vrij relatief begrip is.
Na inmiddels tientallen recensies te hebben ontvangen voor de eerste twee boeken, weet ik het eerlijk gezegd niet meer zo goed…
Kort door de bocht gezegd worden mijn boeken heel divers beoordeeld: van retespannend tot helemaal niet spannend, en alles ertussenin. Je snapt misschien dat het voor mij enigszins verwarrend is. Tuurlijk snap ik dat smaken verschillen, maar ik merk, vooral nu tijdens het schrijven van boek drie, dat het me erg bezighoudt. Wat maakt een thriller eigenlijk spannend? En wanneer is er te weinig spanning om nog een thriller genoemd te mogen worden? En ook niet onbelangrijk: hoe erg is dat, als een boek wél interessant of goed is?
Als ik recensies van andere boeken bekijk zie ik hetzelfde: het loopt enorm uiteen. Wat de één ontzettend spannend vindt, noemt de ander slaapverwekkend. Ik zie zelfs recensies over boeken die een thrillerprijs winnen, maar door veel lezers als ‘niet spannend’ beoordeeld worden. Ik vind dat eh… bijzonder. En wat ik al zei: verwarrend.
Als ik er goed naar kijk lijkt er in ieder geval een verschil te bestaan tussen zeg maar ‘actiespannend’ en ‘onderhuids spannend’, maar zelfs dat is niet eenduidig. En hoe meer ik antwoorden tracht te vinden in al die recensies, hoe onduidelijker het wordt. Dus, lezers én schrijvers: hoe denken jullie erover? Wat is nou eigenlijk spannend? Wanneer noem jij iets spannend? Als er actie in zit? Als het bovennatuurlijk eng is? Als je er wakker van ligt? Als er gruwelijke zaken beschreven worden? Als je op het verkeerde been gezet wordt? Als er veel plot-twisten zijn? Als je het niet meer weg kunt leggen: waar ligt dat dan aan?
Kom maar op, ik ben erg benieuwd!

(Overigens: voor mij geldt dat ik het spannend vind als ik me (bijna) voortdurend afvraag hoe het verder gaat. Als er vragen opgeroepen worden dus, en er beetje bij beetje antwoorden komen. Het zit ‘m voor mij niet direct in actie of gruwelijke dingen.)

zondag 11 maart 2018

Column Jack Schlimazlnik


Misdaad in de machine

Het is laat. Het kantoor is vrijwel verlaten. Ik ben nog aanwezig om te wachten tot een computerprogramma klaar is met wat het moet doen. Het is eind jaren '90, eerder die dag heb ik nog enkele tientallen diskettes ombeurten in een pc geschoven om Windows95 en de Office Suite te installeren. Ik kijk hoe het er voorstaat met mijn printerwachtrij, waarin ik kan zien of het rekencentrum al is begonnen met het printen van facturen. Ineens zie ik een patroon. Mijn printerwachtrijen hebben de namen MB1 en MB2 (Mijn Bedrijf, ik fingeer de naam even), is het dan niet logisch dat onze concurrent (Concurrerend Bedrijf) minstens de wachtrijnaam CB1 gebruikt?

Ik typ het in. Ik verwacht dat ik om een wachtwoord word gevraagd, maar nee... ik zie ineens de facturen van de concurrent voor me staan, naam- adres- en rekeninggegevens van hun klanten, plus nog wat gegevens over waar zij op een bepaalde tijd waren met welke auto. Het is natuurlijk niet de bedoeling dat ik dit zie. Ik besef ook dat wanneer de concurrent op hetzelfde idee komt, zij bij de facturen voor onze klanten kunnen komen. Dat is al helemaal niet de bedoeling, dat gaat in tegen de Wet Persoonsgegevens.

Ik tril ervan. Ik krijg een soort high. Ik weet dat ik die nacht niet kan slapen, euforisch fiets ik naar huis. Ik heb iets gedaan waarvan ik niet dacht dat ik het kon. Ik heb iets gedaan dat feitelijk niet mag.
Hierop besluit ik zo spoedig mogelijk mijn leidinggevenden in te lichten, de volgende dag. Het kost nogal wat moeite hen ervan te overtuigen dat ze het rekencentrum moeten inlichten, dat die de printerwachtrij beter beschermden, of autoriseerden zoals dat heet.

Het is een simpel voorbeeld van hoe iemand zonder al te veel technische kennis kan "hacken" en "veiligheidslekken" in de software van anderen kan aantonen. Ik weet niet wat ik allemaal met die facturen had kunnen doen als ik kwaad had gewild, iets als adressen gebruiken en een aanmaning sturen met het verzoek het bedrag op mijn rekening te storten ligt voor de hand. Sowieso horen de adres- en rekeninggegevens van derden niet inzichtelijk te zijn voor zomaar mensen van zomaar een ander bedrijf.

Mocht je hierover bezorgd zijn, lezer, sinds die tijd zijn de wetten aangepast en als klant/burger heb je nu veel meer rechten om jouw gegevens te beschermen. Als je er meer over wilt weten, lees dan over GDPR (General Data Protection Regulation) of in goed Nederlands AVG (Algemene Verordening Gegevensbescherming).

Het hacken of andere cybercrime is een aparte tak van sport binnen de thrillers. Aanvankelijk leunde dat genre dicht tegen sciencefiction aan. Ik heb talloze zogenaamde "cyberthrillers" gelezen waarin de grootste onzin stond. Zoals misdadigers die data vernietigden door een beeldscherm kapot te schieten (het computergeheugen zit doorgaans niet in het beeldscherm, en schieten vernietigt zelden genoeg). Dat is niet eens sciencefiction. Veel schrijvers houden zich op de achtergrond en gebruiken de computer als een toverdoos: er gebeurt "iets" in de computer en dat heeft dan het gewenste resultaat voor de loop van het verhaal.

Nu is "technisch" hacken tegenwoordig niet zo moeilijk. Er zijn allemaal programmaatjes die je van schimmige sites kunt downloaden en ervoor kunt gebruiken. Dat is ook minder spannend om over te lezen. Als je een ècht cybercrime verhaal wilt lezen, raad ik The Cuckoo's Egg van Cliff Stoll aan (Nederlandse titel: Het koekoeksei: over krakers en computerspionage), een waargebeurd verhaal over cyberspionage. In het kort komt het erop neer dat Duitse hackers via de computers van de Berkeley Universiteit bij de Amerikaanse defensie inbreken en hun gestolen spullen in Berlijn aan de Russen verkopen. Er is een (geromantiseerde) Duitse film van gemaakt: 23 - Nichts ist so wie es scheint.

Indertijd waren er meer boeken die insprongen op dergelijke echte verhalen. Zo ging Tom Clancy de technothrillers schrijven waarbij de Net Force-serie sterk op cybercrime leunt. Daarbij pikte het genre veel op van het cyberpunk-genre, wat inmiddels ook tot een levensstijl was uitgegroeid. Voor de jeugd was er Huub Hovens met de CyberZone-serie, een aanrader voor wie denkt dat het genre voor volwassenen allemaal te ingewikkeld is - het wordt hierin allemaal goed uitgelegd. Het grappige is dat die thrillers die toen heel futuristisch waren inmiddels volkomen achterhaald zijn, want het gaat allemaal heel erg snel met de ontwikkeling van de informatica. De boeken zijn vooral met nostalgie te lezen, de cyberpunk is "de jaren '80 zoals ze nooit zijn geweest".
***
Een andere avond, hetzelfde kantoor. Ik verveel me weer een beetje terwijl ik ergens op wacht, en ga eens kijken wat onze software allemaal kan. Veel mensen gebruiken software voor zover ze die nodig hebben en interesseren zich niet voor functies waarvan ze het bestaan niet kennen of denken die functies niet nodig te hebben. Ik werk anders... ik wil weten hoe software mij nog beter van dienst kan zijn, zodat ik sneller kan werken en meer tijd heb voor leuke dingen.

Mijn ondergeschikten klagen dat de verbinding met het rekencentrum traag is. Wij zitten immers hier op afstand te werken terwijl het grote computerprogramma elders in het land staat (op wat een mainframe wordt genoemd), en daar worden ook alle gegevens opgeslagen die wij hier intypen. Alle gegevens moeten eerst naar ons, waar we het bewerken, en dan weer terug. Bij de systeembeheerder heb ik al gemeld dat het probleem deels is opgelost doordat ik het verbindingsprogramma dubbel heb opgestart, zoals je in een browser twee tabbladen naast elkaar kunt hebben en in de ene kunt werken terwijl de andere iets anders doet (alleen hadden browsers toen nog geen tabbladen). Volgens de systeembeheerder kàn dat helemaal niet, maar de praktijk wijst anders uit. Kan ik nog iets vinden waarmee de "performance" van het programma en dus mijn medewerkers kan worden verbeterd? Ik kijk in wat menu's met opties. Dan zie ik iets staan waarvan ik vermoed dat ik weet wat het is, maar eigenlijk niet kan geloven wat het is: een keyboard logger.

Een keyboard logger houdt alles bij wat je intypt. Ik probeer het uit en ik zie dat het zelfs het wachtwoord dat we gebruiken opslaat, en wel in leesbare letters. Ik val bijna van mijn stoel. Ik vermoed dat niemand op kantoor weet dat die functie in die software aanwezig is. En dat is goed zo... denk ik. Ik vergeet het, tot ik ziek word en bij mijn re-integratie blijkt dat ik geen toegang meer heb tot bepaalde functies in de software die we met dat verbindingsprogramma kunnen bereiken. Zo kan ik mijn werk niet doen! Ik herinner me de keyboard logger. Zodra de collega die wèl bij de functies kan even weg is, schuif ik achter zijn computer. Natuurlijk is hij te lui om een schermbeveiliging met wachtwoord aan te zetten, dus het is een fluitje van een cent om de keyboard logger aan te zetten en ongemerkt weer naar mijn eigen werkplek te sluipen.

De keyboard logger maakt een bestandje aan. Ik zorg ervoor dat ik daarbij kan, door het op de server te plaatsen. Dat is me niet genoeg: ik schrijf een eenvoudig programmaatje dat het bestandje met daarin het wachtwoord van de server naar mijn eigen pc kan kopiëren en dan verwijdert van de server. Nee, ik ben geen programmeur van beroep, maar dit was simpel genoeg voor een leek.
Dat is natuurlijk niet zoals het hoort. Ik heb het aan mijn systeembeheerder verteld, maar die wilde niet luisteren, wat weet zo'n snotneus als ik nou van computers? Dus zo heb ik nog een tijdje doorgewerkt door met een "gestolen" wachtwoord mijn eigen inloggegevens weer voldoende te autoriseren om mijn werk te kunnen doen.

Breek me de bek niet open, het ging er van kwaad tot erger met technisch onbenul, dus ben ik bij dat bedrijf weggegaan. Maar was in mijn eerste voorbeeld het probleem nog veroorzaakt door een slordigheid van de systeembeheerder, ergens in een deel van het netwerk dat niet superbelangrijk lijkt, in het tweede voorbeeld is het een gebruikersfout van mijn collega: laat nooit je computer onbeheerd openstaan zonder het beeldscherm te blokkeren met een schermbeveiliger en daarop een wachtwoord. Dat komt heel veel voor, zodat ik na een tijdje geen zin meer had om mijn collega's te waarschuwen door hun instellingen te wijzigen als ze 's avonds naar huis waren en toch hun pc aan hadden gelaten. Malle fratsen, knalroze achtergrond, beeldscherm op zijn kop, rare plaatjes als wallpaper... Ik kon makkelijk bij hun privémail of hun salarisgegevens, ik had als hun allerlei narigheid uit kunnen halen... ik heb het niet gedaan.

Ik dacht hieraan toen ik Verbroken van Linda Jansma las. Dat gaat over een hacker die in allerlei systemen moet inbreken. Als je cybercrime interessant vindt, is het een leuk boek, hoewel de smakelijke details over hóe je inbreekt in computers er niet in staat. Jansma refereert wel aan een bepaalde techniek voor het hacken: social engineering. Dat gaat door op een bepaalde manier gegevens aan mensen te ontfutselen. De bekendste hacker die deze techniek gebruikte is Kevin Mitnick.

In The Hacker Crackdown van cyberpunkschrijver Bruce Sterling is (onder meer) beschreven hoe Kevin te werk ging en hoe hij uiteindelijk werd opgepakt. Mitnick is zo legendarisch dat er meer boeken over hem zijn geschreven, zoals Takedown van Tsutomu Shimomura en John Markoff. Uiteraard heeft Kevin er zelf ook boeken over geschreven. Hij is tegenwoordig beveiligingsadviseur. It takes a thief to catch a thief.

Jansma laat in Verbroken duidelijk zien hoe techniek het speelveld van de gemiddelde crimineel heeft veranderd. Niet alleen de politie gebruikt computers, de criminelen ook. Geavanceerde techniek maakt deel uit van elke realistische moderne thriller, al is het maar dat de meeste mensen een mobiele telefoon hebben. En die weten te gebruiken. In die wereld kan onvoldoende kennis van techniek tot je ondergang leiden. In Verbroken is het fictie, maar er is bekend geworden dat een Bulgaarse criminele bende gearresteerd kon worden doordat mensen hun gestolen iPhone gingen zoeken met Find my iPhone en al die telefoons op hetzelfde adres bleken te liggen.

Ik ben groot geworden met cyberpunk en technothrillers. Daar heb ik mijn ICT-vakkennis vandaan, hoe raar het ook klinkt. Ik vraag me af hoe slim thrillerlezers zijn geworden met moderne techniek door er simpelweg over te lezen. Kun je iets leren van thrillers, of is het te fictief of te ingewikkeld?
En wat doet nou dat plaatje van die brug bij deze column? Dat is de Hackerbrücke in München. Toen Mitnick nog gevangen was, is de brug vol "Free Kevin"-stickers geplakt. De brug is echter genoemd naar de Hacker-brouwerij en heeft van oorsprong niks met cybercrime te maken.