Posts tonen met het label Het jaar van de slang. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Het jaar van de slang. Alle posts tonen

zaterdag 1 augustus 2020

Hugo Luijten ondervraagd




Hugo, welkom bij Thrillerlezers!. 

Na ‘Verast’ en ‘De Brexitmoorden’ schrijf je met ‘Het jaar van de slang’ je derde thriller.  Een korte speurtocht op het internet leert me dat je in een vorig leven werkzaam was in het onderwijs.  Vanwaar de carrièreswitch?

Ik werkte in het hoger onderwijs, en daar was een jaar of vijf geleden de zoveelste herstructurering aan de gang. Mijn job zou er niet interessanter op worden; nog meer vergaderingen, nog minder colleges geven. Er moesten een paar man uit, verspreid over verschillende leeftijdscohorten. Het lot had mij ook kunnen treffen maar ik ben zelf gegaan, met een alleszins redelijke ‘regeling’. Vanaf toen ben ik full time met schrijven bezig, hoewel ik ook aan commerciële opdrachten werk en dus niet alleen boeken schrijf. Heel af en toe geef ik wel nog les. Zomers zakt het aantal commerciële opdrachten wat in, dus probeer ik op die manier een buffer op te bouwen met een paar uurtjes les op een middelbare school. Maar ‘I am only in it for the money’. Door alle regeltjes, bedilzucht en onderwijsvernieuwingen – die in mijn ogen vrijwel allemaal verslechteringen zijn – heb ik niet echt meer het plezier in lesgeven dat ik vroeger had.

Je staat ook te boek als historicus.  Waar gaat jouw interesse vooral naar uit (een periode, een stroming, …)?

Alles, behalve de Oudheid. Voor mij begint het dus pas rond het jaar 500. Officieel ben ik afgestudeerd op de Nieuwste Geschiedenis (ruwweg van de Franse Revolutie t/m de dag van vandaag), maar of het nu middeleeuwse kathedralen zijn, de gevolgen van het Partagetraktaat voor Limburg, of de uitvinding van het WC-papier: het interesseert me allemaal. Mijn eerste roman (Offer voor een verloren zaak, 2017, The House of Books) speelde in de Eerste Wereldoorlog. Het verhaal is verzonnen, maar de hoofdfiguren (twee Duitse soldaten bij het uitbreken van de oorlog in 1914) hebben echt bestaan; het zijn voorvaderen van mij. Ooit wil ik overigens nog een romancyclus schrijven die in de Middeleeuwen speelt. Het plot voor vier delen ligt al klaar, nu nog een uitgever vinden die erin trapt…


    Hoe ziet een doorsneewerkdag er voor jou uit?

Doorsnee bestaat niet echt, omdat ik in verschillende periodes erg verschillende dingen doe. Maar als ik met een boek bezig ben, dan sta ik vrij laat op, meestal pas rond de middag. Eerst ontbijten, en dan eventueel de administratie, boodschappen of andere verplichte nummertjes. Dan ga ik schrijven, researchen, plot bedenken etc. Dat wil ik zoveel mogelijk in één ‘tijdslot’ doen, zonder dat ik onderbroken word door mails, klusjes, telefoontjes, etc. Na het avondeten (mijn dag is dan pas half bezig) kan het zijn dat ik een serie kijk met mijn vriendin (we houden allebei wel van crime), maar ondertussen blijven de raderen op de achtergrond draaien en maak ik vaak aantekeningen. Als zij om een rond 11 uur naar bed gaat, ga ik nog even door met werken, meestal tot een uur of 4-5. De nacht is van mij, omdat niemand hem hoeft. (citaat van de meester zelf ;-)

Wat heeft jou geïnspireerd tot het schrijven van ‘Het jaar van de slang’?

Het idee kreeg ik toen ik bezig was aan mijn vorige boek (De Brexitmoorden). Daar is af en toe sprake van klimaatbetogingen, omdat die ook daadwerkelijk plaatsvonden toen ik aan het schrijven was. Ik vond het als thema de moeite waard om in een apart boek te verwerken. Daarnaast heb ik een lijst met ideeën, van een paar woorden tot maximaal een regel of twee. Zoiets als ‘Man wordt dood gevonden in eigen auto’. Het thema verbind ik dan met dat idee, zo ontstaat langzaam maar zeker iets dat op een plot lijkt.

Ligt het plot reeds in grote lijnen vast op het moment dat je begint te schrijven?

Elke schrijver die beweert van niet, die liegt. Zeker in crime/thrillers. Een boek of film is spannend omdat het aan een aantal wetmatigheden voldoet. Vrij precies zelfs: op 25, 50 75 en 90% van elk (goed) boek, gebeurt iets belangrijks, iets groots. Dat kan alleen als je goed gepland/geplot hebt.
Daarnaast kan het wel dat een plot gaandeweg wat verandert. Een van die ‘plotpunten’ verschuift, of ik gebruikt iets totaal anders, ik streep een karakter bij nader inzien toch weg, etc. Dat heeft met het schrijven zelf te maken, dan schieten me in een scène vaak aardigheden te binnen die ik alleen kan zien als ik erbij ben. Jawel, je leest het goed: ik ben zelf bij alle scènes ter plekke als toeschouwer. Ik hoef alleen maar op te schrijven wat er gebeurt en wat ze zeggen. ;-)

Commissaris Cools is al aan zijn derde avontuur bezig.  In welke mate beïnvloedt zijn personage de verhaallijnen?

Weinig. Natuurlijk zou het een totaal ander boek worden als hij niet was wie hij nu eenmaal is, maar veel daarvan zit niet in de hoofdlijn van het verhaal. De cases zelf kunnen ook door andersoortige commissarissen worden opgelost. Misschien wel sneller, of met minder gedoe. Dat gedoe is dan wel weer erg eigen Cools. Maar het criminele gevaar zelf komt altijd van externen (zoals alle plots), en daar heeft zelfs een ‘grumpy commissioner’ weinig vat op. Dat gebrek aan grip op de dingen, zorgt trouwens ook voor een klassieke spanningsboog.

Hoe is het personage van Stef Cools tot stand gekomen?  Had je daarbij iemand in het bijzonder in gedachten?

Niet echt. Ik wilde graag een ‘policier’ schrijven, een detective. Uit een soort jongensachtige interesse voor de politie. Vervolgens ben ik zelf nogal onaangepast als het om hiërarchische verhoudingen gaat, dus dat de hoofdfiguur ook lekker tegendraads moest zijn, dat stond voor mij vast. Verder laat ik hem met een satanisch genoegen allemaal dingen doen die wij ‘normale mensen’ niet mogen. Hij drinkt, rookt, vloekt… Beschouw het maar als mijn antwoord op onze aangeharkte, keurig uitgeknipte en opgeplakte maatschappij.
Overigens heb ik zelf wel een beeld van Cools, zoals bij de meesten van mijn personages.

Vermits je nauw ‘samenwerkt’ met Stef Cools, mogen we veronderstellen dat hij trekjes heeft die ook terug te vinden zijn in de persoonlijkheid van zijn geestelijke vader?  Welke?

Die vraag krijg ik inderdaad vaak. Ik zit in heel veel personages. Het gedrevene van Ilse herken ik in mezelf. Het laconieke van Cif. En ja; het onaangepaste van Cools. Alleen maken mijn personages natuurlijk veel extremere dingen mee, en reageren ze ook veel extremer. Zo supergevat als Cools heel vaak is bijvoorbeeld, zo vind je in het ‘echte leven’ natuurlijk bijna niemand.

Is commissaris Cools een gepassioneerd personage?  En Hugo Luijten?  Welke passies drijven jou?

Ik denk niet dat Cools gepassioneerd is, overigens. Hij vertrouwt het alleen vaak niet, en dan wil hij de onderste steen boven. Maar het liefst zou hij de hele dag in op café zitten, vermoed ik.
De vraag beantwoordend: passie… ik vind dat een lastige term. Ik kan helemaal opgaan in schrijven. Als ik een lezing geef of een radiopraatje hou, dan hoor ik vaak van toehoorders dat ze ge-enthousiasmeerd raakten. Ik kan enorm genieten van muziek maken en luisteren (ik speel op een hoog niveau bastuba). Maar gepassioneerd… ik weet niet of ik dat ben hoor.

De commissaris van politie gebruikt een heel arsenaal aan krachttermen.  Kan je uitleggen waarom je hem met deze vaardigheid hebt gezegend?

Vooral in Nederland boven de rivieren kreeg ik daar bij lezingen etc. al vaak commentaar op, in het zuiden en Vlaanderen nog nooit. Ik denk dat het iets calvinistisch is, om meteen iets van dat vloeken ‘te vinden’. Katholieken vloeken meer, is mijn ervaring. Het heeft dus ook iets provocerends, iets tegen de gevestigde orde, tegen het brave, volgzame, afgeborstelde. Zowel van mijzelf overigens, als voor de romanfiguur Stef Cools. De anderen personages vloeken ook wel, maar niet zo uit hun kleine teen als Cools. Dat maakt hem al meteen onaantrekkelijk voor tegenspelers die wat meer op hun woorden (willen) letten.

Meermaals drijft hij zijn overste Durbecq tot wanhoop met zijn acties en discussies.  Ga jij graag in discussie?

Ik ben een conflictvermijder, echt ruzie zal ik zelden maken. Maar discussies ga ik niet uit de weg. Ik heb nogal een harde stem, dus van een afstandje denken mensen vaak dat ik ruzie sta te maken met mijn debatpartner. Maar dat is dus discussiëren. Dat kan over van alles zijn, serieuze dingen als politiek of muziek. Maar het kan net zo goed gaan over iets onnozels of Ringo Starr echt een ‘linkshandige drummer’ is, of dat dat een marketingverhaaltje is (dat laatste, overigens).


In het ‘Zolderkot’ bij Bolleke (kan het nog Antwerpser?) in de Kelderstraat kan Stef Cools tot rust komen.  Heb jij ergens in Antwerpen zo’n toevluchtsoord?

Jawel, dat is café Het Keldergat in de Kelderstraat. Zolang het er nog is, heet dat. Café De Duyfkens om de hoek op de graanmarkt strijdt bij wijlen om de voorrang en als ik het echt laat wil maken is er nog café De Rui op de Oudevaartplaats. Zowel het Keldergat als De Rui keren regelmatig terug in mijn boeken. Weer een stukje van Cools dat op mij lijkt dus…

Cif verslindt de ene chocoladereep na de andere.  Een kleine ondeugd waaraan jij je ook bezondigt?


Ik snoep erg weinig, althans dat probeer ik. Mijn suikerspiegel slaat dan namelijk op hol en dat is niet altijd aangenaam. Maar ik ben op zich wel van de Snickers. Zo bont als Cif maak ik het dus nooit, maar ik vond die ondeugd wel bij hem passen.

De oude binnenstad van Antwerpen is het actieterrein van de commissaris.  Komen die straten en pleinen ook echt tot leven tijdens het schrijven?  Probeer je, als voorbereiding op het boek, het traject uit?

Ik kan alleen over iets schrijven dat ik zelf erg goed ken, het liefst bij mij voor de deur dus. Overigens probeer ik het te situeren in ‘groot Antwerpen’. Ook de wat rauwere, minder toeristisch aantrekkelijke stukjes komen aan bod.
Trajecten, straten, routes, etc. probeer ik inderdaad uit. Ook voor plekken waar ik heel vaak kom, blijkt mijn geheugen onbetrouwbaar. Gelukkig is er ook nog Google Streetview, zodat ik niet steeds terug moet gaan (en waarop de mensen vast denken: ‘Alweer die gast die hier komt langsgesjokt? Bel de flikken!’) Ik vind het wel leuk als ik hoor dat mensen dingen gegoogled hebben. In dat soort research steek ik erg veel tijd (belachelijk veel zelfs), dus dan is het plezant als dat gewaardeerd wordt.



Als historicus heb je een belangrijke band met het verleden.  ‘Het jaar van de slang’ is dan wel een fictief verhaal, heb ik het juist wanneer ik zeg dat uit dit boek ook jouw bezorgdheid blijkt voor de zware uitdagingen die ons wachten in de toekomst?

Dat is zeker zo, al laat ik het oordeel aan de lezer zelf en probeer ik alle invalshoeken evenveel aan bod te laten komen.
Hoewel het mijn aard helemaal niet is, ben ik wat dat betreft nogal pessimistisch: het schijnt mij toe dat de mensheid de aarde (en zichzelf) helemaal niet wíl redden.

Managers, ministers, Staatsveiligheid, grote concerns, ze maken geen al te beste beurt in ‘Het jaar van de slang’. Is dat Hugo Luijten die zijn mening geeft of is het gewoon onderdeel van de fictie?  Wil je met dit boek een boodschap meegeven aan de lezer?   

Ik heb moeite met macht, mijn hele leven lang al. Vooral als het niet op gezag is gebaseerd, hetgeen vrijwel altijd het geval is. De eindeloze schare managers die ik in mijn werkzame leven heb zien passeren is, enfin… ik zwijg best. Er zaten trouwens ook zeer goeie tussen, maar veel verder dan een stuk of twee kom ik niet. Ook politici overtuigen mij zelden, omdat ze vrijwel altijd liegen of op zijn minst hypocriet zijn.
Dus inderdaad: mijn eigen verhouding met macht komt in het boek aardig naar voren, al moet ik erbij zeggen dat dit het plot zeker niet in de weg staat maar juist naar voren helpt. Het creëert een extra spanningsboog.

Zijn de klimaatbetogingen, de milieucrisissen, het falend beleid van ministers je tot inspiratie geweest?

Niet echt, in zoverre dat het een thriller is, een geen politiek pamflet. Klimaatacties vormen in het boek een decor, het is niet zo dat ik op die manier lezers ergens van wil overtuigen. Wel zie je dat in onze gepolariseerde maatschappij steeds fellere standpunten worden ingenomen. Die felheid maakt dat de gebeurtenissen in mijn boek mijzelf niet eens zo heel fantastisch voorkomen.



Tot slot nog even de cover.  Hoe mooi is die!  Op welk moment in de wording van het boek werd beslist dat het deze zou worden?  Denk je daar mee over na?

Covers maken is een vak, zowel qua vormgeving als qua tekst en dan nog de verhouding tussen die twee. Er zijn maar weinig schrijvers die zich daarmee bemoeien. Ik ben natuurlijk wel benieuwd, en soms geef je een suggestie (licht-donker, andere kleurstelling, ‘doe eens wat meer bloed erbij’), maar meer ook niet.

Bedankt, Hugo, dat je tijd wou vrijmaken om naast al jouw andere bezigheden te antwoorden op de vragen!

zondag 12 juli 2020

Zo Vlaams als tomates crevettes

Titel: Het jaar van de slang
Auteur: Hugo Luijten
Uitgeverij: Uitgeverij Lannoo
Publicatiedatum: juni 2020
Recensie door: Anita
Kraaien: 4

Nog voordat ik één woord had gelezen, één blik op de cover en ik leek wel gehypnotiseerd! De gifgroene letters tegen de zwarte achtergrond, de slang die zich lijkt verborgen te houden achter de letters, het slangenoog beloert me, houdt mijn blik vast, lijkt haar moment af te wachten om haar giftige slag te slaan.
Zou de titel verwijzen naar de Chinese kalender?

Op de site van de voormalige GM-fabriek wordt een lijk in een auto gevonden. In de Antwerpse binnenstad wordt een warenhuis overhoopgehaald door activisten met slangenmasker. De daaropvolgende dagen wordt Antwerpen het decor van enkele gruwelijke slachtpartijen en georkestreerde klimaatacties.
Al vanop de eerste bladzijde belandt de lezer in een rollercoaster. Van Brasschaat over Antwerpen-Noord, de Groenplaats, het Schoonselhof, Edegem en de haven neemt Hugo Luijten de lezer mee in een avontuur vol vaart, gevaar en een moeilijk op te lossen zaak. Het boek leest als een logboek: plaats en tijdstip gaan elk hoofdstuk vooraf.

Het verhaal presenteert zich realistisch en actueel. Zij die Antwerpen kennen, herkennen niet alleen straten, pleinen en kaaien, het bouwproject aan het Operaplein matcht met de realiteit. Tegelijkertijd is de historicus Hugo Luijten nooit ver weg en bloedt zijn hart bij het zien dat het Antwerpen uit het verleden langzaamaan wordt ingepalmd door grote en moderne bouwprojecten.

Klimaatactivisme en gruwelijke moorden zijn de rode draad doorheen het verhaal. Klimaatgerelateerde mistoestanden worden heel plastisch en gruwelijk onder de aandacht gebracht. Ons consumptiegedrag krijgt een slecht rapport. Bij monde van Stef Cools passeert er nogal wat kritiek op onze samenleving en zij die daarin een organiserende of regelgevende rol hebben (managers, de ‘lokale’, Staatsveiligheid). Vooral Intern Toezicht krijgt meermaals een veeg uit de pan: ‘pipo’s’, ‘Johan en Pierwiet’, ‘Knabbel en Babbel’, ‘Hans en Grietje’, … Waar blijft Luijten de inspiratie halen? Voeg daar een corrupte minister en de perceptie van de politieke realiteit in ons land aan toe en je krijgt een realistisch hapje maatschappijkritiek.

Hoofdpersonage is Stef Cools. Met zijn team, waarvan de samenstelling beantwoordt aan de eisen van de diversiteit, moet hij de gruwel een halt zien toe te roepen. Zijn personage komt heel goed uit de verf terwijl de anderen, op hoofdcommissaris Durbecq na, eerder oppervlakkig blijven. Stef Cools toont zich een op en top menselijke commissaris met veel couleur locale. Hij is gepassioneerd door zijn job, lijkt af en toe zelfs te neigen naar een zekere vorm van milieubewustzijn, is eigenzinnig en vloekt wat af! Meer dan eens jaagt hij Durbecq met zijn gedrag de kast op. Zij vinden in elkaar een waardige sparringpartner wat regelmatig voor pittige en gevatte gesprekken zorgt.

‘Het jaar van de slang’ bulkt van de actie. Op geen enkel moment zakt het verhaal in. Constant is er de vraag ‘Wie oh wie?’ Af en toe vindt Cools een klein beetje rust in café het Zolderkot. Alleen, halverwege het boek, had ik zo mijn vermoeden … Bleek dat ik het bij het juiste eind had. Doch de spannende finale maakte dat het boek toch mijn aandacht had tot op het eind.

Het boek leest ontzettend vlot. Naast de flitsende acties en wilde achtervolgingen is er nog de taal. Woordspelletjes, typisch Vlaamse woorden (madam Toertjes, zwanzen, mekkeren, venteke, poepeke, koterij, …) en pittige conversaties verankeren het verhaal nog sterker in Antwerpse sferen en brengen humor in het verhaal. Dat met papieren op het bureau wordt ‘getokt’, wachtwoorden worden ‘ingeklopt’, maakt dat deze thriller wordt gelezen in beeld en klank. Vermits ‘Het jaar van de slang’ heel beeldend is geschreven, lijkt me de stap naar een verfilming genre ‘Flikken Antwerpen’ een evidentie.




zaterdag 20 juni 2020

Anders dan anders met Hugo Luijten

Hugo Luijten, geboren in 1967,  is historicus en schrijver en woont in Antwerpen. Naast de roman Offer voor een verloren zaak, schrijft hij regelmatig columns en artikelen voor kranten, vakbladen, online magazines en radioprogramma’s, maar dus ook thrillers. Na verast, de Brexitmoorden (die was heel goed!), kwam onlangs Het jaar van de slang uit.

Terwijl binnenkort zijn nieuwe boek gefileerd gaat worden, beantwoordt hij voor nu onze Anders dan anders vragen.




Wat maakt je kwaad?Bijna niks, ik ben een conflictvermijder. Maar waar ik rázend van kan worden is als een blikje onder de autostoel heen en weer rammelt. Of een doos in de kofferbak die bij elke bocht verschuift. Tupperwarepotjes die in de kast omvallen als je ze wil ordenen, ook zoiets. Het zal het gebrek aan controle zijn.

Het nieuwe boek van Hugo
Geloof jij in toeval?
‘Toeval bestaat niet. We noemen zo een gevolg van een oorzaak die we niet zien.’ – Voltaire. Maar ja: ‘Als toeval niet bestaat, waarom is er dan een woord voor?’ – Philo van Alexandrië.

Welk nummer doet pijn aan je oren?
Alles van na 1985. Enfin, dan worden het steeds minder krenten in een steeds smeriger pap. Ik heb sowieso niks met moderne muziek, ik luister vrijwel alleen maar naar klassiek. Dat kan ook een vrolijke ouverture van Suppé zijn hoor, maar dat gejengel met die versterkers. Van middeleeuwse muziek tot schlagers, ik kan overal de schoonheid in zien. Tot ze het qua geluid beginnen te overdrijven.

Welk nummer blère je altijd zo hard mogelijk mee?
Bij de Mondscheinsonate (no. 14) van Beethoven, probeer ik de ‘1’ in de lage partij juist mee te zingen (ok, flauw antwoord). ‘Mit 17 fängt das Leben erst an’, is dat wel een serieus antwoord? Hangt een beetje van mijn mood af, als het maar niks van na 1985 is.

Met welk bekende persoon zou jij wel een avondje willen gaan stappen?
Ik kijk al twintig jaar geen tv meer en sport heeft me nooit geboeid. Dat maakt het lijstje van personen die hiervoor in aanmerking zouden kunnen komen al wat overzichtelijker, maar ik heb echt geen flauw idee. Het moet sowieso iemand zijn die gezellig kan stappen, maar van bekende mensen weet je dat natuurlijk niet. In een café in Antwerpen waar ik wel eens kom, zitten veel bekende (Vlaamse) acteurs. Ik heb dus al veel gestapt met bekende figuren, dat maakt zowel noodzaak als verlangen kleiner.

Waarvan word jij super-enthousiast?
Van nieuwe ideeën, waarover ze ook gaan. ‘Ja! Dat gaan we doen, morgen beginnen!’, dat werk. Ik begin daar dan ook daadwerkelijk aan, alleen is het op mijn 50e nog altijd een deceptie te moeten
vaststellen dat niet alles in twee dagen geregeld kan worden. Geeft niet, op naar het volgende idee.

Waar werd je voor het laatst stil van?
Toen het kwartje viel dat ik door de lockdown mijn zoon voor onbepaalde tijd niet live kon zien. We hebben wel veel lawaai gemaakt toen het voorbij was.

Speel je wel eens vals in spelletjes?
Dat durf ik nooit. Als het ontdekt wordt, krijgt mijn eergevoel een te grote deuk.

Welk beroep zou je nooit kunnen uitoefenen?
Alles in de zorg. Ik heb daar een enorm respect voor, maar dat bloed en het eeuwige gezeur van de mensen…lieve help.

Wanneer heb je voor het laatst gedanst?
Ik ben muzikant, die dansen niet. (Wie moet er anders de muziek maken waar anderen op dansen?)

Kan jij tolerant zijn voor intolerante mensen?
Ik probeer wel correct te blijven, maar ik zal het contact tot een minimum beperken. Ik duw ze een ‘oprotpils’ in hun handen of moet dringend naar het toilet.

Word je liever aangevallen door een hond of een zwerm bijen?
Een hond. Die zou je nog van je af kunnen schoppen. Bovendien ben ik volgens mij allergisch voor bijensteken, al weet ik dat – gode zij dank – niet zeker.

Welke film vond je verschrikkelijk?
Die over die leeuw in Amsterdam. Totaal niet creatief, echt verschrikkelijk.
Ik vind dat NL films/series vaak in het beste geval matig zijn. Belgen hebben maar de helft budget, maar zijn (daardoor?) veel creatiever. Ook qua acteerprestaties schiet België Nederland links en rechts voorbij. 'Penose' of 'Undercover' zijn goede uitzonderingen, maar het blijven uitzonderingen. Goede acteurs kunnen een zwak plot optillen, maar een sterk plot wordt altijd afgebroken door slechte acteurs, zo blijkt maar weer.'

Welke film kan jij wel duizendmaal zien?
Net als bij boeken kijk ik films ook zelden meer dan één keer. ‘Un long dimanche des fiançailles’ heb ik wel meerdere keren gezien. En ‘Bienvenue chez les Chti’s’. Erg grappig, die laatste.



Wat bestel je bij McDonald's?
Al zolang als ik daar naartoe ga hetzelfde: medium Big Mac menu, frieten zonder zout, cola-zero zonder ijs.

welke foto staat er als achtergrond op je tablet/laptop?
De Andriesplaats in Antwerpen. Als ik de centen heb zou ik daar graag een appartement kopen (huren mag ook).

Als je nog maar 1 boek zou mogen lezen, welk zou je dan nemen?
Met het pistool op de borst en het mes op de keel: ‘Baudolino’ van Umberto Eco.

Wat zou je eten als laatste avondmaal?
Bloemkool met witte saus, aardappelen en zuurvlees van oma.

Wat staat op de eerste plaats op je bucketlist?
Ophicleïde leren spelen. (Google maar)

Zodat jullie niet hoeven te googlen: Ophicleïde een in onbruik geraakt blaasinstrument dat klinkt als een ruige tuba. De eerste saxofoon, die in het midden van de 19de eeuw door Adolphe Sax werd ontwikkeld, bestond uit het lijf van een ophicleïde met daarop het mondstuk van een basklarinet gemonteerd.

Welk dier omschrijft jouw persoonlijkheid?
Een kat. Volgens veel mensen ben ik af en toe (allez: regelmatig) een sfinx.

Wie zou de hoofdrol in de verfilming van  Het jaar van de slang moeten spelen?
Ik zou Koen De Bouw graag als Stef Cools zien schitteren.

zondag 26 april 2020

Verwachte boeken voor de maand mei, deel 2

12 mei

Toen Romy klein was, werd er niet over de doden gesproken.

Diep in de bossen van Noord-Wales, achter metershoge stenen muren, houden de leden van de sekte De Ark zich schuil. Hun bestaan is in nevelen gehuld, zorgvuldig verborgen voor de buitenwereld. Dan slaat het noodlot toe: een mysterieus gif snijdt als een mes door de gemeenschap en eist de levens van honderden leden. Chaos breekt uit. In paniek slaan de overlevenden op de vlucht.

Onder hen bevindt zich Romy. Zij is opgegroeid in de sekte en als ze zich wil redden in de vreemde buitenwereld, zal ze een paar belangrijke lessen moeten leren. Zoals wie je kunt vertrouwen, en wie je moet vrezen. En wat haar moeder al die jaren geleden zoveel angst aanjoeg dat ze haar dochter achterliet. En bovenal: dat Romy's wens om de sekte te vergeten niet betekent dat de sekte haar ook vergeten is.



12 mei

Sadie en Will zijn pas net met hun twee kinderen verhuisd naar een klein kustplaatsje als hun buurvrouw Morgan dood gevonden wordt. Iedereen is geschokt, vooral Sadie, die doodsangsten uitstaat bij de gedachte dat er zo dichtbij een moord is gepleegd.
Maar het is niet alleen Morgans dood die haar de stuipen op de lijf jaagt. Het is ook het donkere nieuwe huis, dat ze na het onverwachte overlijden van Wills zus hebben geërfd, en de aanwezigheid van Wills nichtje, een tiener als een donderwolk.
Sadie bijt zich vast in het mysterie van Morgans dood. Maar hoe meer ze ontdekt, hoe meer ze zich realiseert wat er op het spel staat als de waarheid aan het licht komt…






12 mei

In Onmacht van Yvonne Doorduyn werkt Sarah Bovens als succesvol speechschrijver voor een minister in Den Haag. Sinds ze drie jaar geleden haar zoontje verloor bij een auto-ongeluk, zoekt ze manieren om haar leven opnieuw zin te geven. Als ze de kans krijgt voor haar werk een driedaagse cursus te volgen bij het gerenommeerde spreekvaardigheidsinstituut van Jasper Uitdewilligen, grijpt ze die onmiddellijk aan. In de bossen rond Zeist, ver weg van de drukte, traint bureau Uitdewilligen de crème de la crème van de Nederlandse politiek. In zijn mooie gerenoveerde boerderij met aangebouwd hotel koestert Uitdewilligen echter een groot geheim. Een geheim waar hij vooral invloedrijke gasten deelgenoot van maakt en waarover niemand in Den Haag durft te praten. Als ook Sarah de waarheid leert kennen en zij niet bereid blijkt te zwijgen, keert alles en iedereen zich tegen haar. Wanneer haar beste vriendin wordt vermoord en zij als verdachte in de cel belandt, lijkt haar lot bezegeld.




12 mei

Drie mensen: detective Emanuel Selavy, die vooral in de gure wijken van Marseille opereert, onderzoeksrechter Theodora Steiner, die de opdracht krijgt de prefectuur van Marseille door te lichten, en het Parijse rijkeluiszoontje Raymond Roussel, op zoek naar kicks en de gitzwarte kant van de samenleving. Drie mensen die elkaar niet kennen maar toch verbonden zijn door één persoon: de misdadiger Lönroth. Zijn misdaden zijn berucht: hij ontvoert jonge meisjes en laat hen spoorloos verdwijnen. Zelf blijft hij ongrijpbaar.

Gaandeweg ontdekken de drie dat er nog een andere band is: hun vaders bleken elkaar te kennen. Meer zelfs, de vaders waren ongeveer honderd jaar geleden verwikkeld in een complot om de Republiek van Antarctica te stichten. Een jonge geleerde, een zekere Lönroth, vergezelde hen naar de Zuidpool. Hij was bezig met bizarre experimenten die, volgens hem, de mensheid ingrijpend konden veranderen.



15 mei

Tijdens een heftige klimaatactie worden Stef Cools en zijn team halsoverkop opgeroepen voor een verdacht overlijden op de leegstaande site van de voormalige autofabriek van General Motors in Antwerpen.

Een man lijkt gestikt door de hitte in zijn eigen auto. Het lijkt op een ongeval, tot er een nieuw lijk opduikt en er een parallel ontstaat tussen de recente klimaatacties en de aard van de moorden...

zondag 29 maart 2020

Verwachte boeken april deel 5

8 april
 Nog geen info bekend gemaakt

















23 april

De negenjarige Levi King weet dat hij eerder naar huis had moeten gaan; nu dobbert hij 's avonds laat alleen rond op het grote Caddo Lake in een motorboot die het heeft begeven. Als hij een andere boot ziet naderen denkt hij dat hij gered is, maar het tegenovergestelde blijkt het geval…


Texas Ranger Darren Matthews probeert op te klimmen uit een andere duisternis: zijn huwelijk, carrière en reputatie hangen aan een zijden draadje. Zijn lot is in handen van zijn moeder, maar die heeft niet bepaald het beste met hem voor.
Dan stuurt zijn baas hem voor een zaak naar een klein stadje elders in Texas: het zoontje van een leider van de Aryan Brotherhood wordt vermist, en de verdenking valt al snel op leden van de zwarte gemeenschap. Hoe langer Darren met zijn onderzoek bezig is, hoe meer het duidelijk wordt dat niet alles is wat het lijkt en dat het niet altijd mogelijk is om het verleden te laten rusten.



10 april

Tijdens een heftige klimaatactie worden Stef Cools en zijn team halsoverkop opgeroepen voor een verdacht overlijden op de leegstaande site van de voormalige autofabriek van General Motors in Antwerpen.

Een man lijkt gestikt door de hitte in zijn eigen auto. Het lijkt op een ongeval, tot er een nieuw lijk opduikt en er een parallel ontstaat tussen de recente klimaatacties en de aard van de moorden...


Een pageturner over verborgen misdaden, schuldvragen en eeuwenoude vooroordelen in het broeierige Texas.






28 april

Vince van Zandt, dé misdaadverslaggever van Nederland, leest in een nieuwsbericht dat er een Russische man uit de Prinsengracht is gedregd. De politie gaat uit van een ongeluk, maar de dood van de man intrigeert Vince. Ondanks het feit dat zijn hoofdredacteur niks in het verhaal ziet, gaat Vince op onderzoek uit. Carla, de healer die hij regelmatig bezoekt, waarschuwt hem zelfs voor gevaar. Gevaar dat van twee kanten komt. Hij weet de identiteit van de Rus te achterhalen, maar als hij door krijgt in wat voor slangenkuil hij terecht is gekomen vraagt hij zich af waarom hij zo koppig is geweest.









1 april

Op een avond dat Ajax in de halve finale staat van de Champions League wordt Adam gerekruteerd door XXX (Triginta), een eeuwenoud geheim genootschap. Zij komen 's avonds bijeen in een verborgen vertrek in de Oudemanhuispoort waar Adam overdag rechten studeert. Hij is geïntrigeerd door dit oude genootschap en vooral door Camiel van Boetzelaer, de mysterieuze en eloquente preses van het gezelschap. De status quo van zijn leven bevalt Adam allerminst dus grijpt hij dit avontuur met beide handen aan. Diep van binnen hoopt hij via het genootschap ook eindelijk eens indruk te kunnen maken op zijn adoptievader. Hij weet dat zijn biologische ouders uit Marokko komen maar meer is er niet over hen bekend. Er volgt een warrige tijd voor Adam. De ontgroening en extravagante avonden van XXX, zijn leven met zijn Gooische vrienden in het studentenhuis en zijn vrijzinnige vriendin Tatum vragen allemaal zijn aandacht. In deze hectiek start voor Adam een zoektocht naar de ware motieven van het genootschap, waarbij onderweg zijn eigen identiteit ook in ander licht komt te staan.

Christon heeft een bijbehorende soundtrack van 4 uur gecomponeerd die dient als achtergrondmuziek om de leeservaring te verrijken. De Spotify-codes worden in het boek vermeld.

7 april


Nog geen info aanwezig











24 april

De Exenkring, het elfde deel van de serie rond Thomas Breens, speelt zich af in het pittoreske stadje Veere, in de Kempense bossen en in het Zuid-Franse kuuroord Joséphine-les-Bains.

Wanneer cineast Frederik De Ridder een lovende film wil maken over het leven van de Vlaamse schrijver Henri Darren, laat een onbekende saboteur de opnamen in het honderd lopen.
Nog geen week later worden enkele machoparlementsleden op een plechtige receptie schaamteloos in hun hemd gezet. Beide acties worden opgeëist door een kleine groep rabiate feministen: de Exenkring. Het is duidelijk: de
beruchte #MeToo-woede is van de Verenigde Staten naar Vlaanderen overgewaaid.

Thomas Breens maakt de wraakoefeningen van de Exenkring slechts vanaf een afstand mee, maar dan valt tijdens een televisiedebat een eerste dode. Wanneer enkele militante mannen in de tegenaanval gaan en zijn vriendin Kristien bij hun schermutselingen betrokken wordt, kan Thomas niet langer aan de kant blijven staan...

De Exenkring, het elfde deel van de serie rond de voormalige televisiemaker Thomas Breens, speelt zich af in het pittoreske stadje Veere, in de Kempense bossen en in het Zuid-Franse kuuroord Joséphine-les-Bains. Nog meer dan in de vorige verhalen komt Thomas in dit boek in aanraking met verbluffende intriges en machten die sterker zijn dan hemzelf. En met jeugdzonden die blijkbaar niemand hem ooit heeft vergeven.


24 april

Ik werd jarenlang mishandeld...
Totdat er een gruwelijk plan in gang werd gezet.
Jarenlang mishandelt een moeder haar kinderen, ze sluit hen op in een donkere kelder.
Eén van hen is uit op wraak en beraamt samen met een handlanger een gruwelijk plan...
Heel veel later is Antwerpen in de ban van de sleutelmoordenaar die zo wordt genoemd omdat hij een sleutel achterlaat bij elk van zijn vrouwelijke slachtoffers.
Opluchting wanneer men denkt een hoofdverdachte te kunnen aanwijzen: Seth Lejeune. Eén van zijn collega's is op een nacht verdwenen. Zijn er nog bewijzen nodig?
Het leven van Seth Lejeune verandert in een hel. Hij herinnert zich niets van wat er die bewuste nacht is gebeurd.

Radeloos en verward probeert hij de gebeurtenissen te reconstrueren.

Vraag is wie hij kan vertrouwen.

Van collega's, vrienden en familie krijgt hij alleen maar tegenstrijdige informatie.
Is Seth de sleutelmoordenaar of is hij zelf de speelbal van een meesterlijk brein?
Wanneer er opnieuw een vrouw verdwijnt, lijkt de puzzel onoplosbaar...
Hij noemde me Duivelskind is een razend spannende thriller met een totaal onverwachte intrige waarin wraak, misverstanden en misplaatst vertrouwen centraal staan.


10 april

Een historische setting, een gruwelijke moord en een heerlijk kibbelend politieduo: De Coninck op zijn best.

Brussel begin 1919. De Eerste Wereldoorlog is voorbij. De stad begint te herleven en de militairen keren terug van het front. Kolonel Pynaert neemt zijn taak bij de politie weer op en zijn ordonnans De Cruyenaere wordt aangeworven bij de politie.
De regering heeft beslist naar analogie van de befaamde Franse Brigades du Tigres, opgericht door Clemenceau, om ook in België een speciale politie op te richten, die rechtstreeks zal afhangen van de procureur des Konings. Pynaert is
verantwoordelijk voor de oprichting.
Ondertussen wordt er in een steeg in Brussel het lichaam gevonden van een tienjarig meisje, dat op een gruwelijke wijze om het leven werd gebracht. De gerechtelijke brigade onder leiding van Pynaert begint de jacht op de dader.
Christian De Coninck neemt ons deze keer mee in het Brussel van het interbellum. Een stad die nog niet is geheeld van de oorlogswonden, waar telegrafie en telefonie worden beschouwd als technologische hoogstandjes en waar de politie werkt met het vergrootglas en vooral met veel gezond verstand.
In dit boek, dat een vervolg breidt aan 'Dodendans' en 'Dodenmars', die zich afspeelden tijdens wo i, interpreteert De Coninck een waargebeurde zaak die Brussel in die jaren heeft opgeschrikt en in de ban hield.


9 april

Liam Sandberg, zijn vrouw Evi en hun dochter Yana komen na een weekendje weg thuis in
Amsterdam. Op de salontafel ligt een onbekende afstandsbediening met daarop een gele post-it.
Op het papiertje staat PLAY geschreven. Als Liam de afstandsbediening gebruikt verschijnt
hun eigen woonkamer op de televisie, gefilmd van een hoog standpunt. Door het beeld loopt
Evi, in een badjas. Dan worden er zes afzonderlijke schermen zichtbaar. Op elk beeld is een
ander deel van hun huis te zien, en ook Liam en Yana zijn gefilmd. Rechtsboven staan een
datum en een tijd, en als Liam doorspoelt vliegen de dagen voorbij.


De volgende dag vindt de politie zeventien verborgen camera's in het huis van Liam Sandberg.
Rechercheur Isabella Neri staat voor een raadsel. Wie heeft de camera's geplaatst? En waarom
wil iemand de familie Sandberg elke minuut van elke dag filmen?