dinsdag 27 december 2016

Dresscode rood deel 6


deel 6 - door Martine Veirman
Onder het genot van haar sigaretje nam Eva alles nog eens door van de dag dat ze Helmer voor het eerst, toevallig ontmoet had, nu 6 maanden terug. Ze kon het zich nog herinneren alsof het gisteren was. Ze wou net afsluiten en haar ronde doen om alle toiletten na te kijken en dan vlug de fiets op naar haar huisje. Om daar helaas terug de avond in eenzaamheid door te brengen. Net toen ze bij het laatste toilet kwam bij de heren klopte hij aan. Helmer stond daar in gans zijn pracht, ja hij was prachtig, ze was op slag verliefd, zo een gevoel had ze op haar leeftijd niet meer voor mogelijk gehouden. Hij had haar gevraagd of hij nog vlug kon plassen. Hij zou heel proper zijn. Niet naast de pot plassen. Had hij al lachende gezegd. Maar al had hij alles onder geplast, ze zou nog met die dromerige glimlach staan knikken hebben, woorden kwamen er toen niet direct uit.
Gelukkig voor haar duurde het even en was ze terug tot haar positieven gekomen. Hij was nog even blijven staan om een praatje te maken over de mooie hallen waar ze stonden en had afscheid genomen. De volgende avond herhaalde zich het zelfde scenario, tot zelfs 4 keer toe.
Eva had toen al haar moed bij elkaar geraapt en hem gevraagd hoe het toch kwam dat hij telkens als laatste binnen wipte bij het plaslokaal. Al blozende had ze toegehoord hoe hij haar als excuus gebruikt had. Hij zie dat hij iedere avond had gewacht tot zij aan het afsluiten was, zo kon hij nog even extra met haar praten zonder dat er anderen kwamen om te plassen. Wat had ze dat lief gevonden. Ja toen hij daarna met haar thuis belandde schreef ze het toe aan zijn lieve woorden.
Ondertussen zat Leida maar te wachten en te wachten. Die Saskia mocht nu wel komen en haar ondervragen. Ze hield het niet veel langer meer. Straks zou ze zich nog een verdachte gaan voelen. En over verdacht gesproken, nu ze alle tijd had begon ze na te denken over die meiden. Het groepje dat haar had aangesproken over een verloren portemonnee. Ze begon één voor één hun gezichten na te gaan. Gelukkig had Leida al van kind af aan een fotografisch geheugen, zo kon ze alle details terug oproepen. Er waren er 6 toen ze aankwam aan de toiletten, ze had nog gevraagd om even aan de kant te gaan, met tegenzin hadden ze een beetje plaats gemaakt. Ondertussen hoorde ze er eentje vragen om een verdwenen portemonnee aan de toiletdame. Ze had nog gedacht, ‘die meiden alles verliezen en de ouders zullen wel gaan werken voor de kosten’. Toen ze uiteindelijk de plaats delict had verlaten, stonden de meiden terug in de weg. Maar…..er waren er maar 5 meer. Nu even goed nadenken. De blonde met lang haar, de kleine met het roze mutsje, de meid die om de portemonnee vroeg, eentje met zwart punk haar, eentje met een kerstmuts op en…het meisje met het rode haar, waar was die gebleven?
Leida stond op en ging zelf op zoek naar Saskia de Rooy, dat was iets dat ze kon vertellen, wie weet kon het van nut zijn.
Nog steeds in gedachten verzonken zat Eva op haar stoel. Het klopje van Jeroen Vrieswijk deed haar dan ook zo opschrikken dat ze bijna van het stoeltje viel. Jeroen verontschuldigde zich en vroeg of ze even mee kon komen naar het kamertje dat tijdelijk dienst deed als ondervraagkamer.
Het koud zweet brak haar uit. Hij heeft het gedaan, mijn Helmer was het. Trillend op haar benen volgde ze de man. Ze voelde zich als een kip die naar de slacht gebracht werd. Eenmaal binnen vroeg hij haar om plaats te nemen, hij zou zo komen om haar wat vragen te stellen. Kon hij haar een glaasje water meebrengen?  vroeg hij bij het naar buiten gaan. Dat aanbod sloeg ze niet af.
Haar gedachten gingen verder. Naar de eerste nacht samen. Heerlijk, meer woorden waren er niet voor nodig. Hij was elke avond na haar werk haar komen ophalen en samen naar haar huis gegaan. Op vragen over zijn werk of zijn eigen leven voor haar, was hij altijd wat bescheiden en teruggetrokken geweest. Na lang aandringen kwam ze te weten dat hij voor een uitgever werkte. Soms schreef hij ook kleine verhaaltjes had hij haar toevertrouwd, helaas niet goed genoeg om te publiceren. Ze had er eentje gelezen en vond het best goed, maar wie was zij om daar over te oordelen, ze las normaal enkel stationsromannetjes, of de Mammie reeks. Nu ze er over nadacht, een uitgever, welke was het ook weer? Verdorie, ze kon er niet op komen, het lag op het puntje van haar tong. Zeker niet dezelfde waar het slachtoffer bij was geweest. Helmer had het er nog over gehad dat het boek ‘Doorgespoeld’ terug nummer één zou worden. Klonk er toen niet wat jaloersheid in zijn stem door? Of ging haar geest nu met haar een loopje nemen, zodat ze alles verdacht zag. Of niet? Had Helmer er toch iets mee te maken, was hij ingehuurd, was zij zijn hulpje zonder dat ze het wist, was hij daarom bij haar????
Saskia stond met de meidengroep te praten toen Leida haar vond. Ze keek het groepje na en Leida vroeg heel duidelijk om de aandacht te trekken van de door elkaar kwebbelende meiden, ‘waar is het meisje met het rode haar?’ Het werd muisstil, de meiden keken haar aan alsof ze dachten dat Leida gek was. Het meisje met de kerstmuts nam het woord . ‘Sorry mevrouw, wij zijn maar met ons vijf en geen van ons heeft rood haar, u zult zich vergist hebben.’ Leida nam Saskia apart, en maakte haar heel duidelijk dat er 6 meiden waren voor het toilet en eentje met rood lang haar, ze was toch zeker niet blind??
Nog steeds kwam er volk binnen gestoomd in de hallen. Niemand maakte zich nog druk over de moord, wat konden mensen toch vlug opgaan in iets anders, alles was zo vluchtig. Vanachter de balie van de jassen en verloren voorwerpen stond er iemand alles heel nauwlettend te observeren.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen