maandag 26 december 2016

Dresscode deel 5

Dresscode rood
deel 5 - door Suzanne Lemaire
Eva kijkt Helmer aan. Zijn woorden dringen nu pas tot haar door. Doorgetrokken? Zou dat iets met die schrijfster te maken hebben? Die had toch een boek geschreven met deze titel?
‘Helmer, je moet dat aan de politie melden!’, zegt Eva ‘Zeg, ik ben niet gek hoor; ik ben wel gratis binnengewipt.’
‘Ja, maar je hebt waarschijnlijk de moordenaar gezien.’, dringt Eva aan.
Helmer heeft al spijt iets tegen Eva gezegd te hebben. Nee, hij gaat mooi zwijgen, niks mee te maken. Mijn naam is haas. ‘Ik heb dringend een drankje nodig’ en hij verdwijnt naar binnen. Eva blijft verdwaasd achter.

Leida zit maar stil op haar stoel. Dat zij dit nu juist moet meemaken. Zou ze Henk bellen? Nee, beter niet. Even gleed een glimlach over haar lippen.
De avond tevoren was Henk thuisgekomen met een gezicht van kinderlijke blijdschap.
Zijn armen vol met dozen en tasjes en pakjes.
Leida keek hem verwonderd aan.
‘Ach’, zei Henk, ‘morgen ben jij met de meiden toch naar die Winterfair? Daar maak ik gebruik van om de kerstboom op te tuigen. En het is al zoveel jaren zilver, dus ik dacht : laten we eens nieuwe versiering kopen. Ik heb alles ‘rood’ gekocht. Wat denk je? Vandaag is rood….de kleur van de liefde…toch?’
Henk ging altijd volledig mee met het kerstgebeuren. Als ze hem nu zou bellen, was zijn dag verknoeid en dat wilde ze hem niet aan doen….
Ze slaakte een diepe zucht. Waarom was ze ook meegegaan?
Hoelang zou dit nog duren? Suus was zich ook al aan het vervelen….
Ondertussen was de Winterfair in volle gang. Nochtans liepen vele nieuwsgierigen in de richting van de toiletten. Ramptoeristen ja.. Saskia had de grootste moeite alles in goed banen te leiden en de kalmte te bewaren. De vriendinnen zaten ook sip te kijken. Wat beloofde een gezellige dag te worden, viel helemaal weg. Anouk nam de leiding en maande hen aan om van deze dag toch nog iets leuks te maken. En ze wandelden verder op zoek naar een workshop. Ze lieten deze dag niet verknoeien. Leida kon nog niet weg want Saskia van Rooy moest haar nog verder ondervragen. Suus wou bij haar blijven maar Leida spoorde haar aan om mee te gaan met de anderen. 

Er stond een vrouw bij de politie een beetje opgewonden te praten. Ze beweerde dat de man die stilletjes in de gang stond aan de nooduitgang, herkend te hebben. Ze had geprobeerd met hem contact te zoeken, maar hij negeerde haar. Plots zag ze hem en wees hem met haar vinger aan. ‘Daar! Dat is hem!’ 
En ze wees Helmer aan.

‘Verdorie’, dacht Helmer, ‘daar was die vrouw van de gang weer. Wat! Ze wees hem aan!’ Hoe kon hij ontsnappen? 
Te laat…twee mannen kwamen naar hem toe en vroegen hem beleefd mee te komen.
Het zweet brak hem uit. Eva zag hem voorbijkomen en voelde een lichte wrevel. Waarom was hij met zijn informatie niet direct naar de politie gestapt?Tenzij…..neen hij zou er toch niks mee te maken hebben? Hoe goed kende ze hem eigenlijk echt? Helemaal gerust was ze er toch niet op. Ze snakte naar een sigaret.…

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen