Posts tonen met het label schrijfcursus. Alle posts tonen
Posts tonen met het label schrijfcursus. Alle posts tonen

vrijdag 23 maart 2018

Marelle Boersma ondervraagd


 Eind februari kwam Chateau de Provence van Marelle Boersma uit. Dit boek is de eerste uit een rij Ik vertrekthrillers. Lydia gaf het boek vier kraaien. Thrillerlezers voelde haar aan de tand.

Hoe zou Jan jou omschrijven aan mensen die jou nog niet kennen.
Ik heb het aan Jan gevraagd. Hij zei: Marelle is een lief en betrokken mens met een gigantische passie voor alles wat met schrijven te maken heeft.


Bij alle Ik vertrekprogramma's kan je een lijstje afstrepen met de vaste dingen die niet goed gaan, zoals de taal niet beheersen of vergunningen niet geregeld.  Welke fouten maakten jullie toen je naar Portugal vertrokken? Hoe en hoelang hebben jullie je voorbereid?
Ach, wat zijn fouten…? Als je de man tegenkomt met wie je oud wilt worden, is al het andere minder belangrijk. Maar inderdaad we spraken de taal niet en gingen compleet naïef naar Portugal. Heerlijk! Maar soms ook lastig, hoor. We kenden elkaar net een half jaar toen we ons droomplekje in het achterland van de Algarve vonden en besloten er helemaal voor te gaan. En dat hebben we gedaan. Nooit spijt van gehad. Ook niet toen er een aantal tegenslagen op ons pad kwamen. Die kun je namelijk overwinnen.

Gaan we die vaste punten van zo'n uitzending terug vinden in jouw verhalen?
Er zitten nooit vaste punten in mijn verhalen. Ik ben van de uitdagingen, niet van vaste formats. Maar het thema ‘Ik vertrek’ is natuurlijk nu wél aanwezig in deze nieuwe serie. In deze boeken zit een droom verborgen, die de hoofdpersoon wil laten uitkomen. Met veel kracht en passie.
In Chateau de Provence zit geen taalprobleem, het probleem zit meer in het integreren in een Frans dorpje. Maar dat blijkt uiteindelijk wel een reden te hebben die Luuc en Julia niet voorzien hadden.


Een leuk bedachte gimmick om Ik vertrekverhalen te gaan schrijven. Betekent dit dat de maatschappijkritische boeken voorlopig in de ijskast staan?
Sinds ik minder vaak in Nederland ben, merkte ik dat Nederland daadwerkelijk verder van me af kwam te staan. En ik heb die verbinding met een thema nodig om erover te kunnen schrijven. Vandaar dat dit nieuwe thema (Ik vertrek) op dit moment in mijn leven onwijs goed bij me past. In een Ik vertrek boek kunnen natuurlijk ook maatschappijkritische onderwerpen zitten. Toch?


Waarom was de eerste keus Frankrijk?     
La France! In mijn jeugd ben ik er vaak geweest met mijn ouders, en zelf heb ik er ook met mijn gezin prachtige vakanties doorgebracht. De Provence is zo mooi, heeft zo’n heerlijke sfeer. De Provence laat een haastig leven tot rust komen. Lavendel geeft die rust feilloos aan, die geur herken je direct! Die tegenstrijdigheid wilde ik in een thriller vangen: rust en spanning.



Wie bedacht de geweldige boekenleggers met geur?
Ilse Karman en Sanneke van Duijn van De Crime Compagnie. We hadden samen tijdens de Margriet Winterfair zitten brainstormen, en dat dit eruit is gekomen is natuurlijk prachtig. Ik ben er heel blij mee dat mijn uitgeverij elke keer met dit soort frisse ideeën op tafel komt. En voor de volgende thriller uit de reeks hebben we ook al een superleuk plannetje…


Ik ben wel benieuwd welk van jouw eigen boeken tot jouw favoriet behoort?
In Chateau de Provence staat een zin: ‘Vraag een man nooit naar zijn favoriete vrouw’. Eigenlijk kun je dat ook doortrekken naar moeders: je kunt nooit antwoord geven op de vraag welk kind je favoriet is. En naar schrijvers: elk boek heeft iets anders waar ik trots op ben.
Tijdens boekpresentatie Ik volg je


Inmiddels schrijf je veel verschillende soorten boeken: blijft je het afwisselen?
Het zou zomaar kunnen dat er nog een heel ander genre boek komt, maar mijn hoofdgenre blijft toch wel de thriller. Er zitten nog zo veel Ik vertrek verhalen in mijn hoofd! Na Chateau de Provence reizen we af naar Sicilië. Dat wordt net zo min een zoetsappig Ik vertrek verhaal, dat kan ik je nu al garanderen.


Je schreef ook een boek met je vader Kruimels.zijn ook brood. Prachtig mooie biografie. Voor herhaling vatbaar om nog eens zo'n persoonlijk boek te schrijven?
Marelle met haar vader Joop
‘Kruimels zijn ook brood’ heeft mij als persoon zo veel gebracht. Dat is de werkelijke waarde van schrijven: diepe verbinding, meer inzicht en bij dit boek dan specifiek een diepere band met mijn vader. Er zit nog zo’n boek in me, maar ik kan niet voorspellen wanneer het tijd is om dat verhaal los te laten.


Je leest zelf ook graag weet ik. Heb je twee boekentips voor de lezers
Ik lees graag boeken van Sophie Hannah, Michael Berg, Jodi Picoult, Kim Moelands en ik heb heel erg genoten van het boek Zusje van Rosamund Lupton en Zonder een woord van Linwood Barclay.


Je was net 4 weken in Nederland. Wat mis je toch wel van Nederland? Wat is het eerste wat je doet , behalve familie, als je weer hier bent? En wat mis je absoluut niet?
Wat doe je het eerste als je weer terug in Portugal bent?
Als ik in Nederland ben, zijn mijn kinderen de eerste die ik enorm graag wil zien. En natuurlijk mijn beide ouders. Het vanzelfsprekende contact met mijn familie en vrienden mis ik zeker. En… fietsen! Hoe heerlijk is het om al peddelend even naar een stad te fietsen, op slechts een kwartiertje afstand. Wij wonen in Portugal overal ver vandaan, én de wegen zijn te gevaarlijk om ontspannen op te kunnen fietsen.
Ik mis absoluut niet: de drukte, de haast en stress die iedereen heeft.

Terug in Portugal zijn de honden Boy en Lucky de eerste die ik lekker knuffel. En onze onverstoorbare kat Bink, een echte bink die toch ook heel graag aandacht wil. En als ik dan met Jan op onze veranda zit, komt die hele diepe zucht vanzelf naar buiten: rust, ruimte en uitzicht over ons prachtige landgoed met al dat fruit. Dat is echt iets om heel dankbaar voor te zijn!

Maar wat ik in Nederland het meeste mis, is weer de rust en tijd hebben om zelf te schrijven. In Nederland zit mijn agenda tegenwoordig barstensvol, en nu ik weer in Portugal ben heb ik heerlijk een aantal hoofdstukken weggetikt voor een volgend Ik vertrek boek: dat speelt op Sicilië!

Je geeft schrijfcursussen in Portugal. Nu schieten die cursussen de laatste jaren als paddenstoelen uit de grond. Wat maakt jouw cursus bijzonder om je aan te melden als je graag wilt gaan schrijven?
Natuurlijk de plek. Ons landgoed straalt rust uit, en je ziet ook dat de cursisten op dag twee al die rust vinden en het schrijven veel makkelijker gaat. Verder geef ik meer dan alleen les in de schrijftechniek; het is mijn missie om die techniek vooral ook toepasbaar te maken op de verhalen die de cursisten schrijven. Dus naast de techniek, de speciale oefeningen die je direct op jouw verhaal kunt toepassen, ga ik met elke schrijver ook 1-op-1 sparren. Die persoonlijke gesprekken leggen pas echt bloot waar de blokkades liggen, zodat er altijd EUREKA momenten komen tijdens onze schrijfweken. Blije gezichten en iedereen die geïnspireerd zit te schrijven, dat is onze echte beloning!
Maar ik denk dat veel cursisten ook terugkomen vanwege het overheerlijke eten dat Jan maakt. Hij is in staat om de liefde voor zijn eigen geteelde groente en fruit om te zetten in smakelijke en vooral pure gerechten. Dat proef je!


Kan uiteindelijk iedereen een boek schrijven?
Als jij enthousiast bent over schrijven, ervan geniet om woorden te vinden en ermee te spelen, kan ik je leren hoe je dat enthousiasme kunt gebruiken om een boek te schrijven. Dat laatste is techniek, dat eerste is het ‘blij worden van’. Als dat enthousiasme er niet is, kun je er beter niet aan beginnen. Heb je die liefde voor schrijven wel, dan gaan we samen voor goud! Er zijn al heel veel cursisten van mij gedebuteerd. Zo trots op!


Van wie zou jij wel een schrijfcursus willen volgen? Als je uit de hele wereld mag kiezen?
Zonder enige aarzeling van Oprah Winfrey of Michelle Obama. Beide inspirerende vrouwen die hun krachten inzetten voor de zwakkere medemens en een betere wereld. Schrijven gaat namelijk niet (alleen) om techniek, schrijven is laten zien hoe de wereld in elkaar steekt.

vrijdag 18 maart 2016

De kunst van het schrijven

Tijdens de enorm gezellige en, niet onbelangrijk, informatieve schrijfcursus van Marja West afgelopen weekend in het Drentse plaatsje Spijkerboor, kwam uiteraard het schrijversvak volop ter sprake. Uiteraard werden er nog veel meer interessante onderwerpen besproken, maar what happens in Spijkerboor, stays in Spijkerboor. Of komen gewoon aan bod in een volgend blog.
Aan de eettafel, genietend van een van de culinaire hoogstandjes van Marja's man Gé, werd het onderwerp hulpmiddelen aangekaart. De een gebruikt een elektrisch hulpmiddel, de ander doet het nog ouderwets met de linker- of rechterhand.
De ene schrijver zweert nog bij de ouderwetse typemachine, de ander kan echt niet meer zonder een laptop. De ene schrijver heeft het behang bedekt met gele Post-its, de ander heeft een ingewikkeld digitaal karakterdossier en bewaart zijn of haar werk op de harde schijf en een back-up in de cloud. Menig schrijver kan wel vertellen over die ene keer dat de computer crashte en de helft van het bijna uit te geven verhaal onherstelbaar beschadigd bleek te zijn.

Als bedenker van verhaaltjes of gedichtjes is het wel zo handig om tijdens momenten van inspiratie, die altijd komen aanwaaien op de meest ongelegen tijdstippen, zo snel mogelijk je gedachten op te kunnen schrijven. Al ging het maar om een paar steekwoorden, zodat je op een geschikter ogenblik kan proberen te achterhalen wat voor briljants je ook alweer bedacht had. Het is soms net als met dromen; sommigen worden wakker en kunnen de hele droom herbeleven, de meesten zijn compleet vergeten wat de droom ook alweer was. Op zich ook lastig, iets proberen te herinneren wat eigenlijk nooit heeft plaatsgevonden. Het onbehagelijke gevoel dat de droom je geeft, blijft vaak wel hangen. Zo lijkt het ook te gaan met vlagen van inspiratie: je creëert iets wat nooit heeft plaatsgevonden, probeer het je dan maar te herinneren als het jou uitkomt.
Eigenlijk zou ik gewoon een toiletpot als bureaustoel moeten gebruiken, de meest geweldige ideeën komen nu eenmaal als je op de wc zit, maar dat terzijde.

Om de ongeplande momenten van inspiratie een loer te draaien, is het dus handig om een schriftje bij je te hebben om je ongeordende gedachtes op een rijtje te zetten. Maar ja, het land doortrekken met je knapzak gevuld met schriften is niet altijd even handig. Het zou wel een stuk eenvoudiger zijn om de schrijvers te herkennen in de massa als ze er allemaal als Douwe Dabbert uitzagen.
Een smartphone vind ik persoonlijk een handig apparaatje voor het opslaan van je gedachtewolkjes, en veel makkelijker op te bergen in je binnenzak dan een bijvoorbeeld een multomap. Op de meeste mobieltjes is wel een tekstverwerker te vinden, al zijn er hier en daar nog een paar uitzonderingen te vinden die alleen maar kunnen bellen met hun mobiel, zó 2015.

De komende generaties schrijvers zullen waarschijnlijk nog meer terugvallen op de elektronische hulpmiddelen. Het met de pen iets opschrijven op papier is sterk aan het teruglopen. Goed voor het milieu natuurlijk, maar of dit nu ook echt een verbetering van de algemene ontwikkeling en gezondheid is, waag ik te betwijfelen. De wachtkamer bij de fysiotherapeut is al tot de nok toe gevuld met aankomende schrijvers en dichters om hun smartphone-ellebogen, WhatsApp-vingers en RSI door overmatig tabletgebruik te laten behandelen.
De kwaliteit van het handschrift gaat zienderogen achteruit. Nog een paar jaar en we weten alleen nog uit de geschiedenisboeken dat er in onze tijd met de hand werd geschreven, of dat we last hadden van een sms-duim was, zó 2006. Zouden zelfs de monniken de kunst van kalligrafie verleerd zijn? Hoelang zal het nog duren voordat de moderne geloofsboeken eruit zien als een WhatsApp-gesprek?
Bijkomend voordeel is wel dat het doktershandschrift hierdoor ook langzaam uitsterft, net als het spijkerschrift, hanenpoten en andere onleesbare hiërogliefen verdwenen.

Een taal ontwikkelt zich. Net als hoe we deze taal overbrengen. De Egyptenaren liepen nog rond met stenen tabletten, stalen pin en klopper en je moest heel veel geduld hebben voor je een reactie terug had van je geliefde: Amarna, anno 1330 BC: *Tik? Tik, tik* 'Hou je nog van me? Groetjes, Anchesen. Thebe, anno 1323 BC. *Tik! Tik..tok* 'Jaha! Groetjes, Toetan..aarrrgh. Het is nog maar van kortgeleden, dat een kidnapper pas kon communiceren met de ongeruste familieleden van het slachtoffer nadat hij zijn krant had ontvangen, de uitgeknipte krantenkoppen op een A4-tje kon plakken en een paar dagen moest wachten voordat de post was bezorgd. Tegenwoordig kan iedereen een bedreiging binnen enkele tellen hebben overgebracht. Grenzen vervagen.

Toch is alle vooruitgang op taalgebied niet altijd ten goede.

'Me' is hier een goed voorbeeld van. Slecht gebruik van het woord, populair onder de jeugd en nu zodanig ingeburgerd, dat we het dan maar als geaccepteerd taalgebruik moeten zien. Onze oerouders zouden zeker en vast ook rillingen over hun rug krijgen als zij ons hoorden spreken of onze verhaaltjes zouden lezen, maar er zijn grenzen.