Posts tonen met het label clowns. Alle posts tonen
Posts tonen met het label clowns. Alle posts tonen

zondag 29 oktober 2017

Clownkiller van Peter Perceval

Titel : Clownkiller

Auteur : Peter Perceval

Uitgeverij : Witsand Uitgevers

ISBN : 978-94-9201-189-3

Spotlights on. Denderende gitaarriff van Jimi Hendrix. Gestamp van de voeten van duizenden fans. Oorverdovend lawaai van een uitbundige meute. ‘Zijn jullie er klaarrrrrrrrrrrrrr voorrrrrrrrrrrrrrrr?’ Aanschouw mij, Jimmy Jansen, 40-er en stand-up comedian. Vlak voor mijn allerlaatste optreden word ik de keel doorgesneden en hup mijn ingewanden belanden mooi neergekwakt voor me op de grond. En dat allemaal in het Sportpaleis mensen !

Terwijl OCAD, de burgemeester en tal van andere politionele beroepsmensen ervan overtuigd zijn dat het hier gaat om een terreurdaad houdt Allessandra Vaccaro, agente in ziekteverlof, voet bij stuk : dit is moord, geen aanslag. Tot IS toch de aanslag opeist.

‘Hebben je collega’s iets gezegd over terreurdreiging ? Ik heb morgen een moslima met een keizersnee.’

En met een overdonderende openingszin stapt ook Perceval voor de tweede maal opnieuw binnen in de wereld der thrillers. De glanzende in het oog springende cover doet het reeds vermoeden : dit is een thriller waar een serieuze hoek van af is, totally opposite (ja, er worden af en toe gewillig met Engelse woorden gestrooid) van een zwaar beladen thriller . In de muziekwereld kennen we uptemponummers, maar ‘Clownkiller’ kan je weliswaar met stip als uptempo boek bestempelen.

Het boek leest als een hazewind, vooral in het begin doet het aan alsof het geschreven is door een Duracell konijn dat speed nam. Als lezer word je direct geconfronteerd met de energie die bijna constant door het verhaal ruist. De bruisende kracht aan het begin van het hele circus is geen constante, dat hoeft ook niet en dat kon ook niet. Dat zou je als lezer niet kunnen volhouden, maar je voelt wel aan dat die explosie van overdaad nodig was en bij het hele concept hoorde. Het bombastische neemt na enkele hoofdstukken geleidelijk aan plaats voor ander gevat leesplezier.

Buiten een typfout/drukfout is er eigenlijk weinig negatiefs te melden. Ach ja, misschien minder toegankelijk voor een Nederlands publiek, maar langs de andere kant : Noorderburen laat jullie voluit charmeren door de prachtige Vlaamse taal die Perceval doorspekt met een flinke dosis humor en directheid, een aanpak die jullie vaker hanteren dan de doorsnee gereserveerde Vlaming.

Is het één en al humor en ironie ? Neen, toch niet . Er komen enigszins op tijd en stond tussen de krachtige dialogen door ook emotionele momenten hun kop opsteken. Gesprekken waaruit eenzaamheid en zelfreflectie naar de voorgrond treden. Een kwinkslag naar Vlaamse zaken (Jejoen, de bottinnekes, …), Antwerpen anno 2017, de onderlinge werking van verscheidene politiediensten, … materies die de auteur niet uit de weg gaat. Dat vleugje kritiek dat tussen de regels door gelezen wordt is gewoonweg simpel : genieten !

De karakters, zowel de belangrijke als de individuen op de achtergrond, worden één voor één erg overtuigend beschreven. Geen ruwe schets, maar erg to the point uitgediept waardoor je soms het gevoel krijgt dat Perceval zich op bepaalde momenten moet teruggetrokken hebben op zijn eigen eilandje waar hij zich dan totaal vereenzelvigend moet gevoeld hebben met zijn personages. En ja,

elke auteur zal dit wel herkennen, maar deze geaardheden liggen zo ver uit elkaar dat de kloof tussen x en y zeer opvallend is waar je merkt dat er best wel een serieuze inleving gevraagd werd.

Kleine noot in de zijlijn : De verklarende woordenlijst die zich bevindt aan het eind van het boek was misschien beter vermeld bij aanvang.

Kortom, ‘Clownkiller’ is hip, flashy, grappig, ad rem en doet je meermaals luidop grinniken.


Een zeer verdiende 5 kraaien !
Ann

vrijdag 2 september 2016

Clowns

Als ik ergens de kriebels van krijg, dan is het wel van clowns en niet op de goede manier. Niet van die suffe circusclowns als Bassie, Pipo of Popov, daar wordt hun eigen moeder niet eens bang van, maar van die angstaanjagende clowns. Die clowns die je laten sidderen, waardoor je stilletjes in een hoekje gaat zitten, waarvan je spontaan op je geloof springt om te kunnen bidden dat hij je niet gezien heeft. Van die grapjassen die geschminkt over straat lopen, met een hakbijl in de hand en vervolgens urenlang op de hoek van de straat staan en elke bestuurder nastaren, niet grappig. Van die clowns die je de stuipen op het lijf jagen als je nietsvermoedend onder valse voorwendselen een dagje Walibi doet en je blijkt beland te zijn in de Fright Night. Echt serieus, ik heb het al niet op achtbanen, laat staan achtbanen en clowns in één park.
Sowieso heeft een eenzame clown, wandelend met een hakbijl in de hand door een winkelstraat wel iets lugubers. Is het gewoon iemand die net terugkomt van de Hornbach en gaat klussen op zijn manier, probeert hij voor zijn act een knoop door te hakken, is hij op zoek naar zijn circus of moet je je zorgen maken dat de hakbijl bedoeld is voor andere doeleinden.

Circusclowns kan ik op zich nog wel hebben, zolang ze maar niet te dichtbij komen. Flauwe goocheltrucs, zoals een bloemetje uit een mouw toveren of een beetje klungelig jongleren, dat is wat een clown leuk en aaibaar maakt. Kleine kinderen vermaken door gekke bekken te trekken of een euro achter een oor van een kind vandaan te toveren, ook clowns hebben last van inflatie, flauwer kan bijna niet. Of toch, een miezerig waterstraaltje uit een bloemetje blijft ook hilarisch, als je nog jong bent. Als zo´n Jodocus met zijn rode neus en gele tanden jou dan opeens uit het publiek haalt om een ´waterballon´ van je hoofd te schieten, is de lol er wel af. Al die mensen die naar je kijken, terwijl jij daar zenuwachtig voor schut staat te staan en al die mensen die je uitlachen als de confetti langs je hoofd dwarrelt. Ze lachen jou niet uit natuurlijk, maar als hooggevoelig kind vat je alles persoonlijk op.

Het houdt op grappig te zijn als je ouders voor je 16e verjaardag een clown huren. Leuk voor je vriendjes en vriendinnetjes denken ze, net juist die ene jongen waar je stiekem al een tijdje een oogje op hebt ook zegt te zullen komen, genaaaant. Staat er zo´n suffe Pipo in de tuin zakdoekjes uit zijn binnenzak te trekken, zolang het daar maar bij blijft dan. Als je die clown vervolgens tijdens een onderbreking betrapt met een sigaret in de mond, een blikje bier in de hand en krabbend met zijn andere hand aan zijn jongleur (niet alles te serieus nemen wat je leest), is de mythe van de clown groot onrecht aangedaan.

Ik heb dus helemaal niets met clowns, ik vind ze doodeng, vertrouw ze voor geen meter.
Hoewel ik het wel geweldig knap vind hoe de mens in de goed bedoelende clown het toneelstukje volhoudt. Je eigen zorgen aan de kant zetten, je masker opdoen, terroriserende kinderen weerstaan en het publiek vermaken met flauwe grapjes. Hoe ziek je ook bent, de mens wil vermaakt worden, even zijn eigen zorgen vergeten. Wat kunnen mij de zorgen van de clown dan schelen.
Eigenlijk wil je ook niet weten dat er een mens achter de clown bestaat, de mythe in stand houden. Net als dat je tijdens het kijken van elke film niet wilt horen: ‘Hé, die acteur speelde ook in die andere film.’ Nee, ik kijk naar een karakter, niet de acteur. Bas van Toor is ook heel vreemd om op tv te zien, in de rol van Bas van Toor. Dan zijn de grapjes opeens niet meer zo grappig.
Horrorfilms of series als Are you afraid of the dark zijn ook niet aan mij besteedt. Het zal de hooggevoeligheid wel zijn, maar ik kan er niet van slapen, hoor 's nachts overal stemmen en durf niet in het donker in mijn eigen huis te lopen. Toch probeer ik het elke keer weer.

Een lach toveren op iemands gezicht is echt een vak. Ziekenhuisbedden met terminaal zieke kinderen, leven voor een paar minuten eventjes op. Een kleine glimlach, een schaterlach, een grinnik. Zelfs de meest koppige en halsstarrige jongeren kunnen het niet weerstaan hun mondhoeken te krullen. Alles om eventjes de pijn te vergeten, om het leven te vergeten, om te ontsnappen aan de realiteit. Als je de deur achter je dichtdoet, het kind nog hoort lachen, mogen je tranen over je wangen rollen. Je schmink kun je bijwerken, op naar het volgende kind. Ik zou het niet kunnen.

Er schijnt een remake te worden gemaakt van Stephen Kings It. Ik ga alvast een hoek in de kamer vrijmaken om in te kunnen sidderen.



Alex