zondag 24 april 2016

Hoe is het met…….. Yvonne Fransen?

Yvonne Franssen is auteur van boeken en gedichten, ze heeft drie thrillers op haar naam staan. Talio is haar debuut, De Genius was haar tweede en Mysterie aan de Maas is haar laatste boek. Ik las laatst De Genius en naar aanleiding van het boek stelde ik Yvonne een paar vragen.

Wil je jezelf introduceren aan de hand van vijf steekwoorden?
Vijf steekwoorden die mij omschrijven:
enthousiast, spontaan, wispelturig, eigenwijs, zorgzaam

Hoe ben je op het idee gekomen voor het schrijven van De Genius? Waar haal je de inspiratie vandaan?
Toen ik begon met schrijven aan de Genius had ik maar een heel summier idee in mijn hoofd. Het verhaal moest gaan over een jonge vrouw die een bijzondere band heeft met haar vader. Dat was het enige wat ik wist toen ik met schrijven begon. Het hele verhaal is vervolgens al schrijvende ontstaan. De inspiratie kwam vanzelf naar me toe zodra ik verder schreef.
Voor de invulling van details maak ik veel gebruik van wat ik in mijn eigen leven om me heen zie, en waar ik een eigen draai aan geef. Dat geldt zowel voor het beschrijven van personen en gesprekken als plaatsen.

De hoofdpersonage Natasha Hofman heeft behoorlijk wat meegemaakt en krijgt nog aardig wat voor haar kiezen. Waarom vond je dat Natasha zoveel mee moest maken? Wat doet zo`n personage met jou?
Zoals ik net al aangaf was het nauwelijks een besluit dat Natasha zoveel moest meemaken, de gebeurtenissen overkwamen haar terwijl ik schreef. Uiteraard moest haar personage wel geloofwaardig zijn, dus ik heb me natuurlijk wel afgevraagd welke invloed Natasha’s jeugd moet hebben gehad op haar ontwikkeling tot de volwassen vrouw die ze is geworden. Er waren destijds mensen die meenden dat ik zelf wel een hele moeilijke jeugd moest hebben gehad, om het verhaal zo te kunnen schrijven, daaruit concludeer ik dat ik Natasha wel als een geloofwaardig personage heb neergezet. Ik heb overigens een hele normale en fijne jeugd gehad.

Hoe kwam je aan de titel van De Genius? Was het ook direct de werktitel?
Ik wilde als titel voor het boek een titel die qua sfeer en klank een beetje paste bij Talio, de titel van mijn debuutthriller. De genius vond ik wel aan die voorwaarde voldoen, en het is tegelijkertijd heel representatief voor het verhaal, zonder iets van de inhoud prijs te geven.

Wie is de eerste die jouw manuscript leest? Ben je iemand die pas aan het eind laat lezen of al tijdens het hele schrijfproces?
Ik heb zowel bij het schrijven van Talio als De genius niemand het manuscript laten lezen, totdat het helemaal af was. Daar waren twee redenen voor, die waarschijnlijk een beetje met elkaar in tegenspraak lijken. Aan de ene kant was ik namelijk zo onzeker over mijn schrijven, dat ik mijn manuscripten nauwelijks aan iemand ter lezing durfde aanbieden, terwijl ik aan de andere kant – toen het verhaal eenmaal af was – eigenlijk geen goedbedoelde adviezen of hoe het anders moest wilde horen.

Hoe waren toen der tijd de reacties op De Genius? Hoe ga je om met een reactie als die niet lovend is? Leg je dat makkelijk naast je neer?
Toen het boek eenmaal was verschenen, heb ik persoonlijk alleen maar hele leuke en positieve reacties gehad. Mensen waren erg enthousiast, dus dat was enorm vleiend. Natuurlijk lees je ook wel eens een minder goeie recensie als je het internet afstroopt, maar daar lig ik niet echt wakker van. Ieder heeft een eigen smaak, en het is natuurlijk onmogelijk om het iedereen naar de zin te maken.

Heb je bepaalde dingen waaraan je houdt als je schrijft? (vaste schrijfrituelen)
Ik heb in het geheel geen vaste schrijfrituelen. Wat dat betreft (en misschien ook wel wat sommige andere dingen betreft) ben ik een enorme chaoot, ik doe wat in me opkomt, wanneer het in me opkomt. Ik vind het bijvoorbeeld heel moeilijk om me te blijven concentreren op wat ik aan het doen ben, als er tekst in me opkomt. Dat geldt ook voor de versjes die ik tegenwoordig elke dag schrijf. Dan wil ik het liefst meteen alles uit mijn handen laten vallen en opschrijven wat in mijn hoofd zit. Terwijl ik, als ik zonder inspiratie achter de laptop ga zitten, omdat ik op dat moment veel tijd heb die ik aan schrijven wil besteden, soms een hele avond geen letter geschreven krijg.

Een lange periode heb je de pen neergelegd lijkt het, waarom de stilte?
Na het verschijnen van De genius in 2012 heb ik nog een minithriller geschreven, Mysterie aan de Maas, die in mei 2013 is verschenen. Dat heb ik gedaan op verzoek van de toenmalige stichting Eskace, ter gelegenheid van de Limburgse Avond van het Spannende Boek die deze stichting toen organiseerde.
Daarna is het inderdaad stil geworden. Een van de redenen daarvoor is dat ik ineens heel erg streng voor mezelf was. Er lagen inmiddels drie boeken, het volgende moest een superboek worden, een bestseller, een literair meesterwerk. Die houding veroorzaakte natuurlijk dat geen enkel plot of stukje tekst goed genoeg was.
Bovendien moet ik bekennen dat ik in de afgelopen periode privé ook een tijdlang in stormachtig weer verkeerde, waardoor er van schrijven weinig terecht kwam.

Komt er een volgende boek en waar gaat het over?
Ja! Er komt een volgend boek! Ik kan er op dit moment nog niet veel zinnigs over zeggen, maar ik heb een heleboel tekst en ik ben enorm gemotiveerd, dus ik ga er vooralsnog vanuit dat ik tegen het eind van dit jaar over een heus manuscript beschik. Ik moet bekennen dat dat zomaar wel eens géén thriller zou kunnen zijn, maar daarover verkeer ik op dit moment nog in dubio. (wat raden jullie me aan?)

Wie is jouw grootste voorbeeld in de schrijverswereld? Lees je zelf veel en wat lees je dan zoal?
Er is niet één auteur die mijn grote voorbeeld is, er zijn een heleboel schrijvers waar ik om uiteenlopende redenen heel veel respect voor heb. Ik heb veel thrillers gelezen, zowel voor mijn plezier als uit professionele interesse, en ik vind de boeken van Esther Verhoef (en Escober) er in positieve zin uitspringen wat Nederlandse thrillers betreft. Maar ik ben ook enorm gecharmeerd van de boeken van W.F. Hermans, die ik onlangs heb herontdekt. De droge, laconieke en vaak ironische of zelfs sarcastische manier waarop hij dingen beschrijft is grandioos. Op dit moment lees ik ‘Kom hier dat ik u kus’ van Griet op de Beeck. Ik heb hiervoor ‘Vele hemels boven de zevende’ van dezelfde schrijfster gelezen en ik vind haar fantastisch. De manier waarop ze dagelijks dingen op een niet alledaagse manier beschrijft, de manier waarop ze je met eenvoudige woorden en zinnen aan je haren het verhaal intrekt, zodat je niet anders kunt dan binnenstappen in het leven van de hoofdpersonen, en met hen leven en lijden. Prachtig. Om jaloers op te zijn.

En de andere vraag heb ik denk ik hiermee ook beantwoord. Hoewel ik daar nog aan wil toevoegen dat ik J.K. Rowling ook een enorm goede schrijfster vind. Ik heb – hoewel ik helemaal niet van dat genre houd – alle Harry Potter boeken verslonden, met veel bewondering ‘Een goede raad’ gelezen, en met heel veel plezier ‘Koekoeksjong’, dat ze onder pseudoniem geschreven heeft. Drie uiteenlopende genres en allemaal goede boeken. Dan kun je dus schrijven.

Wat ik ongevraagd nog zou willen vermelden: in 2016 schrijf ik elke dag een versje. Die versjes kunnen over van alles gaan, over actuele gebeurtenissen, dingen die ik meemaak, die ik zie, hoor, waar ik van droom, etc.
Ik publiceer die versjes op Facebook, Instagram, Twitter en uiteraard op mijn website www.yvonnefranssen.nl. Bovendien kun je op de website gratis mijn kort verhaal ‘Zonder woorden’ downloaden, afkomstig uit mijn gelijknamige korte verhalenbundel. Misschien leuk om te weten, al hebben met name de versjes natuurlijk weinig met thrillers te maken.

Yvonne, bedankt voor je medewerking, ik wens je veel succes met het schrijven van je volgende boek. Ik vond het een aangename kennismaking om De Genius te lezen en om jou via dit interview beter te leren kennen. Nogmaals bedankt!


Lydia

Geen opmerkingen:

Een reactie posten